In Riyad, de hoofdstad van Saoedi-Arabië, is een top gaande van de Unesco, de VN-werelderfgoedorganisatie. Afgelopen woensdag vielen in de Saoedische hoofdstad harde woorden over de gang van zaken aan de Nederlandse waddenkust, in het bijzonder bij het Friese dorp Ternaard.
Ternaard, dat is: het wad, de zeedijk, aardappelakkers en tot slot het dorp. Drie kerken, waaronder de gotische Grutte Tsjerke uit de 16de eeuw. Het dorp, met nog geen veertienhonderd inwoners, is trots op de middenstand: nog altijd een supermarkt, een autogarage, maar liefst twee rijwielherstellers.
In Ternaard is geen kroeg, dat is het grote gemis. De dichtstbijzijnde is op fietsafstand in het vissersdorp Wierum, waar de politieke analyses van de uitbater teruggaan naar het moment dat Nederland haar identiteit verloor: toen de gulden ons ontviel.
Ternaard is zo’n dorp waar een blauwe overall voor oudere mannen nog geldt als weekse dracht. Als je door Ternaard rijdt, wil je blijven en ga je op Funda kijken wat je hier kunt kopen. De laatste jaren zijn daarom veel ‘buitenlanders’ gekomen. Anders gezegd: ‘Hollanders’. Niet-Friezen.
Verscholen aan de rand van Ternaard, tussen dorp en wad, bevindt zich een installatie van de Nederlandse Aardolie Maatschappij, de NAM. Nu gebeurt daar niet veel, maar daar wil de NAM verandering in brengen.
De NAM wil het Ternaard-gasveld aanboren, een van de 175 zogenoemde kleine gasvelden die Nederland rijk is. Nu het grote gasveld in Groningen dichtgaat, doen deze kleine velden ertoe. Het veld begint in Ternaard, maar ligt grotendeels onder de Waddenzee.
Door het dorp loopt een man kranten te bezorgen, dat is Jan Schoorstra, hij was de laatste beheerder van het dorpshuis, dat was voor corona. Sinds corona heeft het dorpshuis in Ternaard geen beheerder meer, nu zijn het alleen nog vrijwilligers.
Hij herinnert zich in het dorpshuis discussies met wel ‘tweehonderd man’ over de plannen van de NAM. Door Ternaard werd onderhandeld. ‘De bedragen weet ik niet, maar er moest voor het dorp iets tegenover staan.’ Schoorstra maakte zich, zoals wel meer inwoners, verder niet druk. ‘Dat gas moet er gewoon zijn, zo sta ik erin. Wat voelt het wad er nu van? Niets.’
Precies zo dacht de Nederlandse overheid. Den Haag presenteerde een onnavolgbaar verhaal over ‘hand aan de kraan’, indien nodig draaien we ’m dicht, bodemdaling, ach, dat slibt weer aan. Met een ‘ontzorgingsspoor’ voor bewoners werden de laatste zorgen weggemasseerd.
Alleen: de Waddenzee staat sinds 2009 op de Unesco-werelderfgoedlijst. De Nederlandse overheid, als een stoute schooljongen, verzweeg details over de gaswinningsplannen. Maar de Unesco ontdekte het toch, na een tip van de Waddenvereniging.
Het niet-melden van mijnbouwactiviteiten in natuurgebied van wereldbelang geldt als doodzonde. De Unesco deed onderzoek, heeft ‘serieuze zorgen’, bespeurt ‘negatieve gevolgen’ van zowel gaswinning als de zoutwinning die onder de Waddenzee ook moet gaan plaatsvinden.
En zo ging afgelopen woensdag vanuit Saoedi-Arabië – zelf allerminst een groot beschermer van werelderfgoed, maar toevallig de zetel voor deze internationale vergadering – een vermanend vingertje naar Ternaard.
Geen gaswinning, beveelt de Unesco aan. Nederland moet antwoord geven op dwingende vragen. Het VN-comité wil geen geklets meer over hand aan de kraan, maar feiten over bodemdaling en te verwachten natuurschade.
Nee, de werelderfgoedstatus van het wad staat nog niet op het spel. Voordat het zover komt, ben je talloze Unesco-vergaderingen verder. Maar dat maakt het niet minder genant. Nederland hoopt zelf toe te treden tot het hoogste Unesco-comité van 21 landen. Het is dan op z’n minst onhandig als je wordt berispt vanwege plannen om het werelderfgoed kapot te boren.
Voor zijn rijwielhandel, een van de twee in het dorp, wijst Tsjisse Riemersma (71) de straat rond. In zijn jeugd had iedereen ‘twee koetjes achter’. Op zomeravonden zat iedereen ’s avonds voor het huis. ‘Het verandert veel. De toeristen zijn er nu. En de buitenlanders, de Hollanders dus.’
De gaswinning, zegt hij fel, mag niet doorgaan. Vanwege het leven op het wad. De kans op verzakkingen. ‘Je moet verder kijken, aan onze kindertjes denken. De zeedijk, daar zit ik over in. Water is sterk. Ik kan zwemmen, maar daar kan ik niet tegenop.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden