Het leidde in de internationale media tot nogal wat enthousiasme deze week, de ‘mogelijke ontdekking’ van het stofje dimethylsulfide in de atmosfeer van verre planeet K2-18b. Als dat niet meteen een belletje doet rinkelen, sla er dan de koppen eens op na. ‘Planeet op 120 lichtjaar afstand van de aarde toont mogelijk teken van leven’, meldde nu.nl. ‘Prikkelend teken van mogelijk leven op een verre wereld’, kopte de BBC. ‘Planeet op 120 lichtjaar van de aarde vertoont tekenen van leven’, deed De Telegraaf er nog maar eens een schepje bovenop.
Op het eerste gezicht leek die vondst er eentje uit het kosmisch draaiboek. Het was immers precies wat je zou verwachten, wanneer de mensheid op de eerste aanwijzingen stuit dat we niet eenzaam door dit uitgestrekte heelal dobberen.
Over de auteur
George van Hal schrijft voor de Volkskrant over sterrenkunde, natuurkunde en ruimtevaart. Hij publiceerde boeken over alles van het heelal tot de kleinste bouwstenen van de werkelijkheid.
Hollywoodscenario’s waarin dreigende ruimteschepen zich samenpakken boven onze hoofdsteden, of waarin intelligente aliens zich kenbaar maken door een radiosignaal richting onze thuisplaneet te verzenden, spreken weliswaar tot de verbeelding, maar zijn in de praktijk nogal onwaarschijnlijk. De ontdekking van aliens kondigt zich vermoedelijk aan wanneer astronomen een stofje met een moeilijke naam ontdekken in de atmosfeer van een verre wereld, opgepikt door een hypergevoelig instrument zoals ruimtetelescoop James Webb. Precies wat hier gebeurde.
Dimethylsulfide is zo’n soort stofje, iets wat astronomen een ‘biomarker’ noemen, een molecuul dat op aarde alleen door leven wordt geproduceerd. Vind je zoiets, dan is dat nog geen smoking gun – wellicht is er op die planeet een levenloos chemisch proces dat het stofje ook fabriceert – maar je mag dan gerust al een beetje opgewonden over je stoel gaan schuiven.
Maar is hier nu echt sprake van zo’n teken van leven? Kijk naar het persbericht van ruimtevaartorganisatie Nasa en de kritische nieuwsconsument begint zich al een beetje op het hoofd te krabben: pas halverwege heeft men het voor het eerst voorzichtig over een ‘mogelijke detectie’ van het molecuul. In de kop boven het bericht en in de openingsalinea’s gaat het over heel iets anders. Is het dan toch niet zo belangrijk, misschien?
Duik het achterliggende onderzoeksartikel in, en het blijkt dat dimethylsulfide überhaupt tot ‘mogelijke vondst’ bestempelen al behoorlijk overdreven is. De zekerheid dat de onderzoekers inderdaad het stofje hebben ontdekt, en geen statistische ruis hebben gezien, blijkt zodanig laag dat wetenschappers het er normaliter niet eens over zouden hebben.
Hier blijkt dus geen sprake van een teken van leven, maar van foute mediadynamiek, een variant op het ouderwetse kinderspelletje waarbij je een woord fluisterend doorgeeft en de boodschap steeds weer verandert. Een droge wetenschappelijke discussie in een onderzoeksartikel leidde tot enkele aangedikte alinea’s in een persbericht, waar de BBC vervolgens een overenthousiast bericht over produceerde. Tegen de tijd dat De Telegraaf dát bericht weer overschreef en er een nog stelligere kop boven zette was het ‘nieuws’ daarin inmiddels helaas getransformeerd tot klinkklare onzin.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden