Dat beeld kwam dinsdag naar voren op een nieuwe dag verhoren door de Parlementaire enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening. De commissie dook voornamelijk in de totstandkoming van het harde fraudebeleid van het kabinet-Rutte I. Een aanscherping van de wet, die in 2012 breed door de Tweede Kamer werd gesteund, introduceerde hoge standaardboetes om fraudeurs af te schrikken.
In de praktijk werden uitkeringsgerechtigden verplicht om elke verandering in persoonlijke omstandigheden te melden en was er weinig ruimte voor uitzonderingen. Inmiddels wil Den Haag af van het hardvochtige beleid en ligt er een wetsvoorstel dat uitvoeringsorganisaties meer ruimte moet bieden voor maatwerk en coulance.
Over de auteur
Hessel von Piekartz is politiek verslaggever voor de Volkskrant en schrijft over de volksgezondheid, pensioenen en sociale zekerheid. Hij werd in 2022 genomineerd voor de journalistieke prijs De Tegel.
De commissie had twee toenmalige ambtenaren van het ministerie van Sociale Zaken naar de verhoorzaal geroepen. Vooral uit de verklaring van oud-ambtenaar Rob Krug, die bij het aantreden van Rutte I directeur Naleving was bij het ministerie, blijkt dat al direct bij de eerste ontmoetingen met de nieuwe bewindspersonen duidelijk werd dat de teugels op fraudebeleid flink moesten worden aangehaald.
Krug herinnerde zich vooral de harde opstelling van toenmalig minister van Sociale Zaken Henk Kamp (VVD). Zo trok Kamp de fraudecijfers die het ministerie had verzameld uit eerdere jaren in twijfel. Uit die cijfers bleek dat 90 tot 95 procent van de uitkeringsgerechtigden de regels gewoon naleefde en dat van de overtreders slechts een klein deel dat doelbewust deed.
‘Kamp geloofde het niet, die zei dat het minstens het dubbele moest zijn’, aldus Krug tegenover de commissie. ‘Ja, dan houdt de discussie op. Als er met alle beschikbare gegevens is vastgesteld wat het is en de minister vindt van niet, dan heeft iedereen zijn eigen waarheid.’
Mogelijke aanleiding voor de harde toon van Kamp was dat er in het regeerakkoord was opgenomen dat de fraudeaanpak een bezuiniging van 180 miljoen euro aan uitkeringen moest opleveren. De onderbouwing van het bedrag noemde Krug echter ‘zeer wankel’. Zo was die gebaseerd op eerdere fraudecijfers die deels alweer achterhaald waren.
In hetzelfde gesprek, waarbij ook toenmalig staatssecretaris van Sociale Zaken Paul de Krom (VVD) aanschoof, was Kamp volgens Krug nog feller. ‘De minister zat daar heel geharnast in’, aldus de oud-ambtenaar. Kamp vond dat uit rapportages bleek dat er onvoldoende gebeurde om de bezuiniging van 180 miljoen binnen te halen.
Het gesprek verliep ‘uitermate bot’ en ambtenaren gingen ‘helemaal aangeslagen en met hangende schouders’ weg. Het was voor Krug reden om zijn collega’s te vragen om met ‘mogelijke aanpassingen’ te komen. ‘Toen ik de lijstjes had, heb ik ze met de fotokopieermachine aan elkaar geplakt en ben ik naar de minister gegaan. U kunt kiezen wat u wilt toevoegen, zei ik. Hij zei: doe maar. Oftewel: doe alles.’
Het lijstje bestond volgens Krug uit ‘alles wat je maar kon bedenken. Van hogere boetes tot meer controleren.’ Het effect en de gevolgen voor mensen die met de verzamelde maatregelen geconfronteerd zouden worden, waren toen nog niet bekend, erkende Krug. Wat er precies met het lijstje is gebeurd, kan hij niet zeggen omdat hij snel daarna met vervroegd pensioen ging.
Ook in de periode daarna stonden ambtenaren onder druk om snel met fraudebeleid te komen. Ambtenaar Daniëlle Schiet, in die tijd projectleider fraudeaanpak bij het ministerie, zei tegenover de commissie dat ze zich herinnert dat die druk onder meer voortkwam uit financiële overwegingen. Zo was het uitstel van invoering van de wet vanwege een kritisch rapport van de Raad van State een tegenslag omdat het kabinet daardoor inkomsten uit boetes misliep.
Volgens Schiet moet de commissie ook kijken naar de rol van samenleving en Kamer. ‘Dat fraude niet mag lonen was breed gedragen in de politiek en in de samenleving’, aldus Schiet. ‘Tweederde van de samenleving wilde dat en dacht dat hogere boetes zouden helpen. Maar daar lag geen wetenschappelijke onderbouwing aan ten grondslag.’
De commissie kan woensdag al dieper ingaan op de antwoorden van de ambtenaren. Dan moeten oud-minister Kamp en oud-staatssecretaris De Krom zich in de verhoorzaal verantwoorden.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden