In juni vlogen er nog 5,9 procent minder vliegtuigen dan vier jaar eerder. In juli was de achterstand dus al een stuk kleiner, blijkt uit cijfers van ACI Europe.
Volgens het hoofd van de brancheorganisatie van Europese luchthavens Olivier Jankovec is de groei van het luchtverkeer gezien de gestegen ticketprijzen en de kostencrisis opvallend. Hij denkt dat Europeanen weer meer vliegen, omdat ze hun geld liever aan ervaringen uitgeven dan aan spullen.
De drukst bezochte Europese luchthaven was London Heathrow. Daar kwamen in juli nog steeds 1,2 procent minder reizigers dan voor de coronapandemie. Schiphol bleef steken op een min van 10,6 procent in vergelijking met juli 2019.
Een aantal luchthavens in de Europese Economische Ruimte zag juist meer reizigers dan in 2019. Het gaat om vliegvelden in IJsland (+16,2 procent), Kroatië (+15,7 procent) en Griekenland (+14,8 procent). Daarbuiten springen Albanië (+116,6 procent) en Kosovo (+41,5 procent) eruit.
Onderaan de ranglijst bungelen luchthavens in landen als Finland (-31 procent), Slovenië (-27,4 procent) en Duitsland (-19,2 procent). Ook het vrachtverkeer door de lucht blijft nog achter, namelijk met 11,9 procent ten opzichte van juli 2019.
Een ruime meerderheid van de Europese luchthavens zag in juli minder reizigers dan voor de pandemie. Volgens Jankovec komt dat doordat de grote luchtvaartmaatschappijen bezuinigden en de budgetmaatschappijen slechts "selectief uitbreidden". Ook noemt hij een verschuiving naar andere vervoerskeuzes als het gaat om binnenlands verkeer.
Source: Nu.nl economisch