Home

Bubbling is terug van weggeweest – de muziek, niet zozeer de dans

Een half uur na hun set op festival Draaimolen in Tilburg houdt een euforische beveiliger de dj’s De Schuurman en Chuckie zaterdag staande, om in het Papiaments los te barsten tegen die laatste. Wilde armgebaren, hard lachen. Chuckie, zonnebril op in de schemering, sterk drankje in de hand, ook door het dolle, vertaalt even later wat hij te horen kreeg. De man meende een oud nummer van hem te horen, maar had niet in de gaten dat de urban legend hier zelf stond te draaien. ‘Hij zei: ‘Ik ken jou van vroeger man! Bubbling!’ Ik: ‘En we zijn weer terug man, mét die fokking bubbling’.

Het is vooral te danken aan Guillermo Schuurman (31), De Schuurman dus, dat het supersnel pulserende, opzwepende Caribische geluid terugkeerde in clubs en op festivals zoals Draaimolen, een van de interessantste en eigenzinnigste dance-evenementen van Nederland. In de zomer van 2021 bracht hij het album Bubbling Inside uit op het invloedrijke Oegandese label Nyege Nyege Tapes. Bij liefhebbers staat het label bekend om z’n opgediepte ‘outsider music’. De stotende bubblingbeats, in Nederland mainstream vanaf de jaren negentig en zo rond 2015 nagenoeg uit het uitgaansleven verdwenen, borrelen sindsdien weer omhoog vanuit de ondergrond.

Over de auteur
Gidi Heesakkers is redacteur van de Volkskrant. Ze volgt sinds 2018 stand-up comedy en cabaret, ook schrijft ze regelmatig over populaire cultuur en gewoonten in het dagelijks leven.

Clyde Narain (45), zoals Chuckie heet, was in de hoogtijdagen een van de grootmeesters binnen het genre, voor hij als producer aan de slag ging voor dj's als David Guetta, Hardwell en Afrojack en remixes maakte voor sterren als Rihanna. Toen het verzoek van Draaimolen voor een bubbling-set met De Schuurman binnenkwam, dacht hij in eerste instantie dat hij op dit festival ‘absoluut misplaatst’ zou zijn. Draaimolen is credible zegt hij, met een line-up die niet voor de massa is, zoals op de meeste commerciële feesten waar hij draait. Hij was intussen al van gedachten veranderd, maar het uitzicht op een plakkerige, gretig dansende menigte heeft hem vandaag overtuigd: ‘Ik hoor in deze context juist helemaal thuis.’

Bubbling was ook voor hem al lang en breed een reliek uit het verleden geworden, vertelt De Schuurman een paar dagen voor hun eerste samensmelting op Draaimolen, in het kantoor van zijn management, een mond vol gouden tanden. Hij werkte in een callcenter toen Nyege Nyege twee jaar geleden interesse toonde in de bubbling-nummers die hij voor het grootste deel tien jaar geleden had gemaakt. Héél af en toe maakte hij nog weleens een aanzet tot een nieuwe bubbling-track; er staan genoeg halffabrikaten te sudderen op zijn pc.

De crush van Nyege Nyege op zijn muziek had met nostalgie niks van doen. ‘Zij kennen de geschiedenis van bubbling in Nederland niet zoals wij die kennen. Ze hoorden mijn muziek op Soundcloud, vonden het vet en wilden het meer leven in blazen, niet per se nieuw leven.’ Zijn hit Nu ga je dansen werd in 2019 trouwens ook al gedraaid tijdens de show van Burberry op de Fashion Week in Londen. ‘Ik had zoiets van: oké, breng maar uit, als jullie het leuk vinden.’

Sinds zijn doorbraak via Oeganda reist hij de wereld over; buiten Europa draaide hij in Zuid-Amerika en Afrika. Dichter bij huis speelde hij op grote en kleinere festivals waar het experiment door een goed ingevoerd, breed geïnteresseerd publiek wordt gewaardeerd: Le Guess Who?, Dekmantel, Wildeburg, Down The Rabbit Hole, Lowlands. Ook clubs als Garage Noord in Amsterdam en Berghain in Berlijn nodigden hem uit.

Het is geen bubbling in een nieuw jasje, maar precies hetzelfde geluid als toen, dat interessant genoeg niet per se wordt omarmd in de cultuurhoek van hiphop en r&b waarin bubbling juist groot werd. De Schuurman is er niet rouwig om. Het leukste uitgaanspubliek is volgens hem vandaag de dag het Lowlands-publiek, het Down the Rabbit Hole-publiek, het Draaimolen-publiek. ‘Daar komen mensen die op zoek zijn naar muziek die ze nog niet kennen. Ze gaan ervan uit dat een dj nummers draait die ze nog nooit hebben gehoord. Dat vinden ze hard. Ze zijn klaar om te feesten, ontvangen die muziek en gaan helemaal los.’

Stukken uitbundiger dan de sfeer bij het gemiddelde fancy urban feest van tegenwoordig, zegt hij. ‘Daar is het eerder: ‘Ik ken deze track niet man, hij draait niks wat ik ken, ik vind het niet leuk.’ Het gaat meer om mooi aangekleed zijn, kijken wie er op het vip-deck zit, zien en gezien worden.’

Uitzonderingen daargelaten natuurlijk, zoals het feest Du Weef in Pip Den Haag, waar De Schuurman zijn hart voor underground trap (subgenre van hiphopmuziek, red.) ophaalt. ‘Je ziet daar hetzelfde type mensen als op een Lowlands of op een Wildeburg. Ze komen voor die muziek, trekken hun shirt uit, maken een moshpit, gooien met drinken, iedereen is bezweet. Je kijkt om je heen en denkt: het is wel een gekke beestenboel hier, man. Dat is waar ik van hou, naar huis gaan met rugpijn of nekpijn omdat je zo hard hebt bewogen.’ Dan: ‘Je gaat toch ook gewoon uit om gek te doen, en soms thuis te komen met een klein beetje spijt, misschien? Dat moet ergens gebeuren in je mid twenties.’

Hij memoreert de urban feesten van vroeger, in clubs als Hollywood in Rotterdam en het Huis van Oranje in Den Haag. ‘Eerst werd er een paar uurtjes opgebouwd met wat rustigere muziek, die richting primetime al wat sneller werd. Dan ging het tempo écht omhoog, propten de dj’s alle hits in een paar uur en werd de zaal helemaal gek gemaakt.’ Dat is waaraan hij zijn draaistijl ontleent: snel mixen, veel nummers in korte tijd, mensen laten voelen dat ze maar beter alles kunnen geven voor het voorbij is. ‘Dat gevoel van écht losgaan, zeg maar. Samen, met elkaar. Dat het je niet kan schelen hoe andere mensen naar je kijken, omdat je weet: ik ben in een club, en hier hoort dat gewoon zo.’

Vanachter de draaitafels geeft hij zelf altijd het goede voorbeeld. Het gaat allemaal om energie, zegt hij. ‘Toen ik jong was, had je Def Rhymz en Kalibr die op snelle beats rapten. De urban feesten van tegenwoordig hebben een veel lagere energie, wat alles te maken heeft met het tragere tempo van de muziek die nu het populairst is.’

Met het verdwijnen van bubbling uit de mainstream verdween ook de bijbehorende dans, het geilige tegen elkaar aan schuren. Het relletje van een paar maanden geleden, over het Rotterdamse Zomercarnaval dat die dans verbood vanwege ‘te vulgair’, vond De Schuurman daarom alleen maar hilarisch. ‘Helemaal niemand schuurt nu. Niet like that toch? Als je het al ziet gebeuren, dan zijn het twee vriendinnen die half voor de grap iets doen wat op schuren lijkt. Misschien ga je één gelukkige gozer zien van wie iedereen zich afvraagt hoe hij dat vandaag de dag gefikst heeft.’

Je moet het ook maar durven, bedoelt hij, om nu als man zo’n sexy dans te initiëren. ‘Het sociale klimaat is daar niet meer op ingesteld. Vroeger ging je voorzichtig achter een chick staan, je voelde aan of ze het wilde of niet, en als ze zich van je afkeerde, hoopte je dat niemand je had gezien. Negen van de tien keer werd je afgewezen, dat hoorde erbij. Je merkte vanzelf of ze je gunde. Als een meisje tijdens het dansen achterom begon te kijken, en nog een keer, was je op een gegeven moment aan het kussen.’ Lacht: ‘En dan ineens had je twee jaar lang een vriendin.’

Vorige zomer, na zijn show op Lowlands, plaatste hij op Instagram een bericht. Onder die post reageerde een zekere Lisanne die op zoek was naar een jongen met wie ze had gedanst op zijn muziek. ‘We zijn hier drie kwartier samen helemaal los gegaan’, schreef ze. ‘Had je nummer nog willen vragen.’ De Schuurman: ‘Ik weet niet of ze die guy nog gevonden heeft, maar ik kan me helemaal indenken hoe magisch dat moment voor haar voelde.’ In het beste geval is dat waarin het hoge tempo van zijn muziek resulteert: ‘Van een lage energie word je voorzichtig. Liefde, elkaar op een dansvloer ontmoeten, dat is een hoge vibratie, toch?’

Als de energie maar hoog genoeg is, ontstaat er in die euforie een soort gemeenschappelijk vertrouwen, bedoelt hij. ‘Mensen durven dingen. Niet omdat ze dom zijn, maar omdat ze moedig zijn. Ze durven in beweging te komen, op iemand af te stappen of in hun eentje te dansen, geen schaamte. Daar is een club toch voor gemaakt?’

Chuckie en hij leerden elkaar pas afgelopen winter kennen, nadat De Schuurman te gast was in de nachtlevenpodcast Bakkie Bakkie van radiodj Justin Verkijk en Pip-eigenaar Steven van Lummel. Zij verrasten hem met een bericht van Chuckie: ‘Hopelijk kan ik je uitnodigen voor een fissa. O ja, ik heb net een nieuwe studio gebouwd, in Den Haag, je bent welkom.’ Sinds dat bericht trekken ze geregeld met elkaar op. Praten, naar oude muziek luisteren, maar ook klooienderwijs nieuwe bubbling maken, met behoud van het rauwe geluid van vroeger. Niet makkelijk: ‘Dat het rauw klonk, was ook gewoon het gevolg van onkunde. Zoals zoveel jongens in die tijd kon ik helemaal niet goed mixen. Als wij met de kennis van nu beginnen te produceren, wordt het automatisch iets te gelikt. Dus we zitten in feite een track af te breken terwijl we ’m nog aan het maken zijn.’

Job Jobse, de hyperpopulaire dj die op Draaimolen het grootste podium cureert en het idee opvatte om De Schuurman en Chuckie samen uit te nodigen, kijkt zaterdagavond lachend toe hoe die twee met EHBO-medewerkers poseren. Op het podium achter hen staat technoveteraan James Ruskin te draaien met de Tilburgse dj Julie. Chuckie is de eerste dj van wie hij fan was, zegt Job Jobse (34). Hij raakte van hem onder de indruk op een schuimfeest in club Tropics in Lloret de Mar, tijdens een examenreis. ‘Ik vond wat hij deed mindblowing. Ik heb hem daarna twee jaar lang in Nederland gevolgd – het was de tijd dat Chuckie zijn beroemde Dirty Dutch-feesten gaf in clubs als Powerzone en Escape.’

Zijn jeugdheld bevindt zich hier op het snijvlak van wat hij omschrijft als ‘cutting edge en een wat plattere, nostalgische guilty pleasure die precies in de tijdgeest past’. Het woord ‘plat’ is niet oneerbiedig bedoeld, integendeel. ‘Voor Chuckie is het bijzonder om erkenning te krijgen uit een scene waar hij normaal niet draait, maar waar veel dj’s rondlopen die geïnspireerd zijn door zijn muziek.’

Deze zomer draaide Jobse op Dekmantel Da Partycrasher, een iconisch Chuckie-nummer, en in een dampende Bravo-tent op Lowlands tussen alle house en trance door een edit van Blow The Speakers. Die zette Chuckie vanavond ook effectief in, terwijl De Schuurmans’ vaste mc, rapper Locks Vegas, in de weer ging met een waterpistool vol Hennessy.

In de aanloop naar Draaimolen stuurde Chuckie via Instagram een heleboel berichten naar Job Jobse over nieuwe nummers die hij speciaal voor het festival aan het produceren was. Deze boeking opende inderdaad een inspiratieluikje, zegt Chuckie zelf, en hij hoopt dat het momentum aanhoudt. Eigenlijk is alles wat hij vandaag heeft gedraaid de afgelopen weken gemaakt, tot en met de edit van Def Rhymz’ megahit Schudden uit 2001 aan toe.

Op het Amsterdam Dance Event, volgende maand, gaan De Schuurman en hij opnieuw samen aan de slag. Grootspraak op z’n Chuckies: ‘Een clubavond met tweehonderd man, hard to get in, als je erbij bent ben je erbij, history in the making.’

De Schuurman en Chuckie zijn maar één voorbeeld van twee dj’s die afgelopen weekend op Draaimolen samen optrokken. Op de line-up van het tweedaagse festival stonden ongeveer dertig ‘b2b’s’: back-to-back dj-sets, dus twee dj’s die een tijdslot delen en min of meer om de beurt platen draaien. Inderdaad meer dan ooit, beaamt Milo van Buijtene, oprichter en programmeur – en dat is op meer dancefestivals aan de hand. Het relatief kleine Draaimolen (13 duizend bezoekers) onderscheidt zich niet alleen met een droomlocatie, het MOB-complex in Tilburg, waar bospaadjes leiden naar podia tussen de bomen die in het donker nog mooier worden door trippy lichtshows.

Dat Draaimolen in die perfecte buitenravesfeer dj’s samenbrengt die normaal gesproken vooral solo opereren, heeft een duidelijke reden. In het overvolle Nederlandse festivallandschap waarin dj’s meestal meerdere evenementen met een overlappende doelgroep aandoen, is het initiëren van b2b’s één manier om op te vallen met een origineel, uniek programma.

Van Buijtene hoopt met onverwachte combinaties artiesten uit hun comfortzone te halen, en hen te motiveren een creatieve invulling te geven aan hun uren op zijn festival. ‘Een b2b bij ons moeten ze wel anders benaderen dan een soloset ergens anders. Je kunt bij wijze van spreken niet blind die tien platen uit je tas halen die er al maanden in zitten.’

Bij producer Skrillex, een van de grootmakers van de commerciëlere EDM (Electronic Dance Music), legde Draaimolen de vraag neer of hij zin had om ‘iets heel anders’ te doen. Volgens Van Buijtene zei hij direct ja, ondanks het feit dat Draaimolen beduidend kleiner is dan de podia die hij gewend is te bespelen - in Nederland was hij voor het laatst te zien als afsluiter in de grootste tent op Lowlands, in 2014.

‘Iets anders’ werd een duoset met de eigenzinnige technoproducer Blawan. Die twee delen een vroege liefde voor dubstep, wisten ze bij Draaimolen, al zijn ze later uitgewaaierd naar andere richtingen. ‘Zoiets heeft de belofte om spannend te worden: waar vinden ze elkaar?’

Job Jobse, die het Strangelove-podium op het festival cureert en zijn line-up kiest in samenspraak met Milo van Buijtene, draaide zelf back-to-back met Benny Rodrigues. In de praktijk pakken b2b’s geregeld minder bijzonder uit dan op het affiche, zegt Jobse. Een nieuwsgierigstemmend duo staat niet garant voor iets beters of onvergetelijks. ‘Het is zeker niet altijd 1+1=4. Sommige mensen kunnen gewoon beter in hun eentje draaien.’

Bij De Schuurman en Chuckie leverde het samenspel wél iets unieks en gedenkwaardigs op, vindt hij. ‘Ik weet bijna zeker dat zij in hun eentje iets anders hadden gedaan.’

Alle sets op Draaimolen worden opgenomen en gecontroleerd op af te dragen muziekrechten. Van Buijtene is er trots op dat dj’s naar zijn festival uitzonderlijk veel nog niet-uitgebrachte muziek meenemen, of edits van nummers die ze speciaal hebben gemaakt voor hun set in Tilburg. ‘Ik probeer de programmering zo te maken dat artiesten voelen dat ze bij ons alle vrijheid krijgen om iets nieuws te proberen en buiten de lijntjes te kleuren.’

De documentaire Bubbling: bandje 64 van Sanderijn Loonen en Wensly Francisco diepte in 2016 de ontstaansgeschiedenis van bubbling uit, met als hoofdpersonen dj Moortje en mc Pester, allebei van Antilliaanse afkomst. Zij stonden eind jaren tachtig aan de Nederlandse wieg van het genre; niet iedereen was er meteen kapot van. Zoals Moortje bij het verschijnen van de film tegen de Volkskrant zei: ‘De eerste keer dat ik bubbling draaide in club Chic in Scheveningen verliet eenderde van het publiek de dansvloer. Maar met mijn tweede mix kwamen bezoekers om die snelle beats vragen.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next