Home

Naar Romeinse resten graven in Heerlense achtertuintjes: ‘Je stuit erop zodra je ergens een schep in de grond steekt’

Héél voorzichtig, laagje voor laagje schraapt een archeoloog met een spade de grond af. In een achtertuin in de Heerlense Deken Nicolayestraat ontstaat zo een kuil van precies 1 bij 1 meter. De aarde die vrijkomt stort de man op een blauw plastic dekzeil dat is uitgespreid in de schaduw. Daar verkruimelt een collega het leem, op zoek naar potscherfjes, resten steen, stukken oude dakpan en historische voorwerpen. Een derde archeoloog verzamelt alle vondsten. Eerst in emmers, later in doorschijnende plastic zakjes.

Bewoner Cyriel Laudy (wit haar, hagelwit overhemd) staat er in de schaduw met zijn armen over elkaar naar te kijken. Het tuintje van Laudy is een van de 25 locaties van Heel Heerlen Graaft, een archeologieproject waarbij inwoners van het zogenoemde Romeins Kwartier van Heerlen hun achtertuin beschikbaar stellen voor onderzoek.

Over de auteur
Ernst Arbouw is schrijver en wetenschapsjournalist voor onder meer de Volkskrant. In 2021 verscheen zijn boek H.W.R. was hier, Canada, Nederland, de Bevrijding en de zoektocht naar soldaat Harold Wilbert Roszell.

Ruim 150 vrijwilligers graven onder toeziend oog van professionele archeologen naar resten van oude bewoning. De proefputten, verspreid over binnenstadstuinen en enkele plantsoenen en speeltuinen, geven een historisch inkijkje op plekken die normaal gesproken niet toegankelijk zijn voor archeologisch onderzoek. Opgravingen in Nederland zijn doorgaans beperkt tot plaatsen waar gesloopt of gebouwd wordt.

Laudy wijst om zich heen naar het lapje grond, nauwelijks 4 bij 4 meter groot: ‘Ik doe niet zoveel met mijn tuin, en dit is een fantastisch, interessant project. We wonen hier midden in het oude Romeinse deel van Heerlen.’ Hij maakt een gebaar naar het poortje in de heg naar de buren: ‘Hiernaast hebben ze in de jaren tachtig een complete Romeinse pottenbakkersoven gevonden.’

Heerlen heeft een rijk Romeins verleden. In de Romeinse tijd lag de stad, destijds Coriovallum geheten, op het kruispunt van twee hoofdwegen: de Via Traiana (van Aken naar Xanten) en de Via Belgica (van Boulogne-sur-Mer naar Keulen). Bij graafwerkzaamheden in het Romeins Kwartier, net ten zuiden van het centrum, vonden archeologen in de loop der jaren allerlei kleine en grote resten. Een enkele keer vonden ze zelfs héle grote resten: een ploegende boer ontdekte in 1940 bij toeval een Romeinse fundering.

Uit later onderzoek door de Groningse archeoloog Albert van Giffen bleek dat de resten onderdeel waren van een groot Romeins badhuis. Midden jaren zeventig werd de gehele fundering blootgelegd en overdekt met een museumgebouw. Dat thermencomplex is een van de belangrijkste Romeinse monumenten van Noordwest-Europa en geldt als het oudste stenen gebouw van Nederland – althans de fundamenten daarvan.

Heerlenaren die bij het onderzoek in hun achtertuin stuiten op resten van villa’s, tempelvloeren of andere bijzondere vondsten hoeven niet bang te zijn voor grote opgravingen achter hun woning, verzekert Hilde Vanneste, regioarcheoloog in dienst van Heerlen en een aantal omliggende gemeentes. ‘Het zou geweldig zijn als we op bijzondere vondsten stuiten, maar we hebben heel duidelijk gezegd: het gaat alleen om deze 25 proefputten. We houden ook netjes alle grond apart en na afloop worden alle tuintjes weer hersteld.’

Vanneste is een van de initiatiefnemers van Heel Heerlen Graaft, samen met collega’s van de Universiteit Utrecht en het project Constructing de Limes van NWO (Nationale Wetenschapsagenda). ‘Het is een idee waar ik al heel lang mee rondloop. In Heerlen weet je dat je op Romeinse resten stuit zodra je ergens een schep in de grond steekt.’ Toch draait het project niet alleen om de archeologische vondsten, benadrukt ze. Het is ook de bedoeling dat inwoners door het project in contact komen met het verleden van hun stad, en dat mensen op een laagdrempelige manier in contact komen met wetenschappelijk onderzoek.

In de proefputten worden ook monsters genomen van dieperliggende organische lagen. Die monsters onderzoeken archeologen op restjes oud, sedimentair DNA-materiaal. Stukjes van dit zogeheten sedaDNA bieden een aanwijzing van plant- en diersoorten die ergens in het verleden voorkwamen – misschien omdat ze er groeiden, misschien omdat ze werden verhandeld en gegeten.

Juist omdat Heerlen werd gebouwd op het kruispunt van twee Romeinse wegen, is het interessant om te zien of er DNA-resten van niet-inheemse soorten opduiken, zegt Vanneste. ‘Misschien vind je resten van koriander of granaatappel. Dat zijn dingen die de Romeinen meenamen naar de Lage Landen. Of je vindt vis of schaaldieren. Dan weet je dat er dus mogelijk handelsverkeer was richting zee, over de Via Belgica.’

Het is voor het eerst dat sedaDNA wordt gebruikt bij archeologisch onderzoek in Nederland. Bij eerdere opgravingen in het Belgische Harelbeke, niet ver van Kortrijk, vonden wetenschappers met behulp van de techniek onder meer DNA-sporen van hond, schaap en verschillende andere soorten vee.

Intussen staan in een achtertuintje aan het Tempsplein emmers, zakken en kratten vol met bodemvondsten. Bij eerdere opgravingen op dezelfde plek zijn onder meer ijzerslakken en resten van muren gevonden. Volgens archeoloog Vanneste stond hier een fabrica, een Romeins fabriekje waar mogelijk ijzeren wapens werden gesmeed.

Bewoner Peter Soudant gaat met een metaaldetector over de opgegraven losse grond. Soudant is vrijwilliger bij het plaatselijke archeologisch centrum en zijn tuin lijkt een van de belangrijkste vindplaatsen van vandaag. ‘Ik ben enorm geïnteresseerd in het Romeinse verleden en ik wilde van de stoeptegels in m’n tuin af. Mijn dag kan niet meer stuk.’

De komende maanden buigen onderzoekers zich over de bodemvondsten uit Heerlen. Een van de belangrijkste ontdekkingen is volgens archeoloog Hilde Vanneste een Romeinse vloer in de achtertuin aan het Tempsplein. ‘80 centimeter onder het maaiveld vonden we een witte, mortelachtige vloer. Opnieuw een aanwijzing dat op die plek een gebouw heeft gestaan.’ De vondst is volgens Vanneste bovendien belangrijk omdat het aantoont dat relevante Romeinse lagen in de bodem ondanks de verstedelijkte omgeving nog (deels) intact zijn.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next