Het is voor het eerst dat het OM iemand in het buitenland vervolgt voor het bedreigen van een Nederlandse politicus. De kans dat Latif daadwerkelijk in de cel belandt, is zeer gering. Hij was niet bij de rechtszaak aanwezig en Nederland heeft geen uitleveringsverdrag met Pakistan. Op rechtshulpverzoeken aan Pakistan kwam geen enkele reactie. Wel staat de cricketspeler internationaal gesignaleerd, waardoor zijn bewegingsvrijheid wereldwijd wordt beperkt.
Het voornemen van Geert Wilders om in 2018 een wedstrijd te organiseren met spotprenten van de islamitische profeet Mohammed leidde in Pakistan tot demonstraties van tienduizenden gelovigen en honderden doodsbedreigingen. De bedreigingen richtten zich zowel op Wilders als op Nederland en Nederlanders. Naar aanleiding van de dreiging voor Nederlanders in Pakistan, zag Wilders uiteindelijk af van de wedstrijd.
Over de auteur
Joram Bolle is algemeen verslaggever van de Volkskrant.
De Pakistaanse cricketspeler Khalid Latif had toen al een filmpje op internet gezet waarin hij drie miljoen roepies (21 duizend euro) uitloofde voor degene die Wilders zou vermoorden. Daarmee heeft hij zich schuldig gemaakt aan een poging tot uitlokking van moord, opruiing en bedreiging, aldus het OM, dat twaalf jaar cel tegen Latif eiste. Het OM zag hem vanwege zijn status als cricketspeler met een groot bereik als een van de aanstichters van de volkswoede in Pakistan. Het filmpje werd veelvuldig gedeeld op sociale media.
Dat de dreiging richting Wilders niet denkbeeldig was, blijkt wel uit het feit dat er in augustus 2018 een Pakistaan in Den Haag werd gearresteerd die een aanslag voorbereidde op Wilders. Junaid I. is uiteindelijk tot tien jaar cel veroordeeld. Volgens het OM is niet hard te maken dat I. zich door Latif heeft laten inspireren, maar toont het wel aan dat Latif ‘potentieel tal van dergelijke eenlingen heeft bereikt’.
Van de hoge celstraf tegen Latif moet een afschrikwekkende werking uitgaan, zegt de rechtbank Den Haag in het vonnis. Met de uitspraak moet ‘een voorbeeld worden gesteld aan zowel deze verdachte als ieder ander, dat dergelijke feiten tot zeer hoge straffen leiden’. De rechter wijst erop dat Wilders al jarenlang beveiliging krijgt en in een safehouse woont vanwege alle bedreigingen aan zijn persoon.
Naast de gevolgen voor Wilders persoonlijk ziet de rechter ook bredere gevolgen voor de maatschappij. Dreigingen zoals die van Latif brengen ‘het risico met zich dat het vrije woord in Nederland op onacceptabele wijze wordt beperkt en dat leden van de volksvertegenwoordiging niet meer vrij zijn om hun essentiële taak binnen de democratische rechtsorde uit te oefenen’.
Het aantal bedreigingen tegen politici en met name tegen Geert Wilders is de laatste tijd alleen maar toegenomen. Bij het Team Bedreigde Politici (TBP) van de politie Den Haag kwamen vorig jaar 1125 meldingen binnen, de helft daarvan was gericht tegen Wilders. Een kleine 900 meldingen waren strafbaar, concludeerde het OM. Twee derde van die bedreigingen kwam uit landen als Pakistan, waar Nederland geen rechtshulpverdrag mee heeft.
Veel bedreigingen leiden daarom ook niet tot vervolging. Bedreigers plaatsen hun berichten zelden met naam en toenaam. Het OM is daarom afhankelijk van hulp van socialemediabedrijven voor identificatie en politie in het land waar de bedreiger vandaan komt. Die krijgt het zelden als er geen rechtshulpverdrag is.
Dat Latif wel kon worden vervolgd, is dankzij zijn bekendheid. De politie vergeleek beelden uit de video met beelden van Latif op zijn Facebookprofiel en kwam tot de conclusie dat het inderdaad Latif was die in de video te zien was.
Of de veroordeling ook echt de afschrikkende uitwerking heeft die het OM en de rechter voor ogen hebben, is nog maar de vraag. Het grootste deel van de buitenlandse bedreigingen aan het adres van Wilders is afkomstig uit Pakistan. Toenmalig minister Hoekstra van Buitenlandse Zaken zei vorig jaar dat Pakistan daar regelmatig door Nederland op wordt aangesproken, maar aangemoedigd door extremistische predikers en een uiterst strenge blasfemiewet, reageert een bepaald deel van de Pakistaanse bevolking zeer fel op alles wat zij zien als belediging van de profeet Mohammed en de islam. In Pakistan staat de doodstraf op godslastering.
Drijvende kracht achter protesten tegen onder meer Wilders in Pakistan is de radicaal-islamitische partij Tehreek-e-Labbaik (TLP). Die partij werd in 2018 ondanks hun lage zetelaantal een factor van belang in de Pakistaanse politiek toen ze steun beloofden aan Imran Khan als premier, die zich vervolgens achter de strenge blasfemiewetten schaarde.
De inmiddels overleden TLP-leider Khadim Hussein Rizvi spoorde zijn aanhangers aan niet alleen Pakistanen die zich schuldig zouden maken aan blasfemie het leven zuur te maken, maar ook buitenlanders. Zelf zou hij als hij aan de macht was geweest een atoombom op Nederland hebben geworpen vanwege de cartoonwedstrijd van Wilders, zei hij in 2018.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden