Home

Hoe krijgen we het duurzame, hergebruikte schoolboek terug? ‘Gratis’ lesmateriaal kost een smak geld

Toen mijn kinderen naar de middelbare school gingen, begin deze eeuw, begon het: de mode van de werkboeken. Scholen hadden voor de schoolboeken een huursysteem: elk schooljaar kregen leerlingen een lading boeken, die ze voor de zomervakantie inleverden, liefst ongeschonden. Zo ging een duur, prachtig kleurrijk uitgevoerd schoolboek een jaar of vijf mee en was de huurprijs schappelijk.

Maar daar bedachten de schoolboekenuitgevers iets op: het werkboek. Het kostte een paar tientjes maar dan had je ook wat. Je kon er, op voorgedrukte stippellijntjes, antwoorden invullen. Dat ging tot dan toe heel goed in zo’n heerlijk ruikend schriftje van 50 cent, maar dat had geen plaatjes. En het was lekker makkelijk, alleen woordjes of getallen invullen. Aan het eind van het schooljaar gooide iedereen het werkschrift weg, en de bijbehorende, ongebruikte cd-rom. De kosten voor de ouders stegen. Kinderen gingen steeds minder schrijven, waardoor ze geen behoorlijk handschrift ontwikkelden. Tegenwoordig schrijven ze, door het gedigitaliseerde onderwijs, nog minder.

Over de auteur
Aleid Truijens is schrijver en recensent en columnist voor de Volkskrant. Ze schreef romans en biografieën over F.B. Hotz en Hella Haase. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit.

In 2008, toen mijn kinderen net van school waren, werden schoolboeken voor ouders gratis. Scholen krijgen sindsdien een bedrag per leerling, nu in het voortgezet onderwijs 340 euro. Aanvankelijk schafte de school daarvan boeken aan die werden uitgekozen door de docenten. Die boeken gingen weer meerdere jaren mee – goed systeem.

Maar: schoolboeken werden voor de schoolbesturen een kostenpost, waarop bezuinigd kon worden. Bovendien was een ‘lesmethode’ steeds vaker deels digitaal, meestal een combinatie online en papier.

Hier zagen de grootste uitgevers van lesmateriaal een nieuw verdienmodel; begrijpelijk dat ze daarnaar op zoek waren. Zij bieden de laatste jaren het LiFo-systeem (Licentie-Folio) aan: scholen, of hele scholenkoepels, nemen abonnementen op licenties, doorgaans digitale methoden met bijbehorende werkboeken. Het gaat om grote bestellingen, bij grote uitgevers.

Actualiteitenprogramma EenVandaag wijdde er vrijdag een tv-item aan. Daarin kwam Theo Witte aan het woord, vakdidacticus Nederlands en voorzitter van het RED-Team Onderwijs, dat het onderwijs zeer kritisch volgt. Zij deelden een ‘rode kaart’ uit aan het LiFo-systeem. In de uitzending wees Witte erop dat het systeem veel duurder is dan een schoolboekenfonds en bovendien weinig duurzaam: de werkboeken worden in China geproduceerd, moeten worden vervoerd en worden na een jaar weggegooid. Een leermiddelenadviseur rekende voor dat dit alleen voor de elf scholen van zijn schoolbestuur jaarlijks 60 duizend kilo weggegooid papier betekent.

Op Redhetonderwijs.com worden nog andere, minstens zo belangrijke bezwaren genoemd, zoals monopolisering en verschraling van de leermiddelenmarkt. Er wordt zo massaal en goedkoop mogelijk ingekocht, via aanbestedingen. Kleine uitgevers zijn de verliezers, hoe goed hun methoden ook zijn.

Ook docenten zijn hier verliezers. Op veel scholen – gelukkig niet alle – mogen zij niet meer hun eigen lesmethode kiezen, dat doet de schoolleiding of het bestuur. Omdat de licenties zo duur zijn, gaat het geld vaak op aan de hoofdvakken en komen ‘kleine’ vakken er bekaaid van af. Omdat het vaak om deels digitale methoden gaat, zijn docenten verplicht hun onderwijs grotendeels te digitaliseren, hoewel er terechte twijfels zijn of online leren effectief is. Gebrek aan keuze maakt het vak van leraar onaantrekkelijk. Leraren zouden de mogelijkheid moeten hebben om, als ze dat willen, zelf – betaald, in werktijd – lesmateriaal te ontwikkelen.

‘Gratis’ lesmateriaal kost een smak geld – volgens Kennisnet jaarlijks ruim 300 miljoen euro voor het voortgezet onderwijs. Goed idee als de nieuwe onderwijsminister er eens kritisch naar kijkt. Hoe krijgen we het duurzame schoolboek terug? Hoe krijgen leraren weer de keuze? Hoe voorkom je monopolisering, gedwongen winkelnering en koppelverkoop met digitale methoden? Het is gemeenschapsgeld, iedereen betaalt eraan mee.

Source: Volkskrant

Previous

Next