VVD en SP legden hun kaarten vrijdag op tafel. Caroline van der Plas roept juist vragen op over de ontwikkeling van haar BBB.
Wie nog overtuigd wilde worden dat er op 22 november veel op het spel staat, werd vrijdag op z’n wenken bediend met de presentatie van de verkiezingsprogramma’s van de VVD en de SP. Een grotere tegenstelling bestaat niet in de Nederlandse politiek. Vooral het SP-programma zoekt het contrast maximaal op. Dertien jaar oppositie tegen Mark Rutte heeft de socialisten tot op het bot gefrustreerd, blijkt uit vele passages in het programma: ‘De liegende premier heeft ons land veel schade gedaan en een al gemankeerde bestuurscultuur nog extra verziekt.’
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Aandeelhouders, ondernemers met exorbitante winsten, 'vastgoedbazen’: de SP vindt dat de VVD ze jarenlang de hand boven het hoofd heeft gehouden en komt met radicale wettelijke ingrepen om de welvaart en de zeggenschap in het land anders te verdelen. Als kiezers en werknemers meer te vertellen krijgen, komt het met die rechtvaardiger verdeling ook wel goed, is het motto. Daarmee zet de partij van Lilian Marijnissen zich maximaal af tegen de bezittende klasse, die de VVD juist tot de kern van haar achterban mag rekenen.
Dat brengt een kabinet van SP en VVD niet bepaald dichterbij, maar dat is ook niet waar de verkiezingen dit keer om zullen gaan: de grote politieke vraag is welke kant het vernieuwde politieke midden op gaat kijken. Zonder vooruit te lopen op de uitslag, is het geen gewaagde voorspelling dat de BBB, Omtzigts Nieuw Sociaal Contract en de nieuwe groen-rode coalitie de spilpositie gaan innemen die jarenlang was weggelegd voor CDA en PvdA.
Die kwamen vrijwel altijd tot de slotsom dat ze niet om de VVD heen konden, maar in de nieuwe verhoudingen is niets meer zeker. Met haar volledige focus op een strenger immigratiebeleid, zet de VVD al haar kaarten op een rechtse coalitie met de BBB en Wilders’ PVV. De SP lonkt met haar agenda van herverdeling en bestuurlijke vernieuwing veel nadrukkelijker naar PvdA/GroenLinks en naar Omtzigt, die de route over rechts (althans met Wilders) al hebben afgesloten. Als de verkiezingen ergens om gaan, is het om de vraag welke stroming dominant wordt.
In die strijd neemt de BBB nogal een gok met het naar voren schuiven van ‘kandidaat-premier’ Mona Keijzer. De populariteit van de beweging tot nu toe was grotendeels gestoeld op de aantrekkingskracht van de no-nonsense houding van partijleider Caroline van der Plas. Kiezers zullen zich afvragen waarom Keijzer een betere premier is dan Van der Plas. Keijzer zal bovendien moeten afrekenen met de verdenking dat ze het nu gewoon maar eens ergens anders probeert, na diverse mislukte pogingen om het in het CDA voor het zeggen te krijgen.
Dat geldt nog sterker voor de drie Tweede Kamerleden van de PVV en JA21 die met onmiddellijke ingang overstappen naar de BBB. Politieke vernieuwing beginnen met een fractie vol overstappers, dat maakt geen al te sterke indruk. Van der Plas geeft er bovendien een belangrijk politiek signaal mee af: zij slaat rechtsaf, in elk geval in haar personeelsbeleid. Een reden te meer om zeer nieuwsgierig te zijn naar het verkiezingsprogramma dat ze binnenkort gaat presenteren.
Source: Volkskrant