Een Gabon zonder Bongo: voor de ruim twee miljoen inwoners van het Centraal-Afrikaanse land leek dit tot vanochtend een ondenkbaar scenario. In de hoofdstad Libreville, waar woensdag opgetogen Gabonezen soldaten toejuichen en billboards van president Ali omverhalen, herinnert het straatbeeld aan de monocratie die vader en zoon Bongo in 56 jaar tijd wisten op te tuigen.
Kijk bijvoorbeeld naar het parlement en de verschillende ministeries langs de Boulevard Triomphal Omar Bongo. Of naar het nationale sportstadion met plaats voor veertigduizend toeschouwers, die eveneens de naam van de oud-president draagt. Rechten of economie studeren? Dat kan aan de Université Omar-Bongo, de universiteit die de oud-president kort na zijn aantreden in 1967 oprichtte.
Over de auteur
Saskia Houttuin is correspondent Sub-Sahara Afrika voor de Volkskrant. Zij woont in Dakar, Senegal.
Omar Bongo, voor zijn latere bekering tot de islam Albert-Bernard genaamd, volgde dat jaar op 31-jarige leeftijd zijn overleden voorganger op. Amper zeven jaar eerder vierde het land zijn onafhankelijkheid van kolonisator Frankrijk, maar de banden bleven innig. ‘Incestueus’ zelfs, volgens maandblad Le Nouvel Observateur.
De Franse president Charles de Gaulle onthaalde Bongo kort na zijn aantreden met veel egards op het Élysée. Daarmee bezegelde de Gabonese president zijn lot als een van de lievelingen van het neokoloniale Françafrique-netwerk, waarvan de sporen in het hedendaagse Gabon nog altijd zichtbaar zijn: energiebedrijf TotalEnergies boort er naar olie en gas, multinational Eramet mijnt er naar mangaan en nikkel.
Het is deze schat aan natuurlijke rijkdommen die Omar Bongo hielp om zijn machtspositie te vergaren en te behouden. Met olie-inkomsten bouwde hij een patronagenetwerk op: vrienden en familie hield hij dicht aan de borst, vijanden kocht hij af. Een sterk opgetuigd militair machtsapparaat stond paraat om waar nodig rebellie te onderdrukken en opponenten te intimideren.
Nadat vader Bongo in 2009 overleed, was het voor veel Gabonezen geen verrassing dat zijn oudste zoon Ali zich als ‘natuurlijke opvolger’ opwierp. Ali Bongo, die in de jaren zeventig als rechtenstudent in Parijs vergeefs had geprobeerd carrière te maken als funkmuzikant, poogde te breken met het decadente en autoritaire imago van zijn vader. In zijn eerste verkiezingscampagne presenteerde hij zich als hervormer en beloofde de eenzijdige olie-economie te diversifiëren.
Van die beloften kwam weinig terecht, en al gauw verschenen de eerste scheuren in het Bongo-bastion. De president overleefde beschuldigingen van stembusfraude, grootschalige rellen in 2016 en een mislukte couppoging in 2019. Maar een hersenbloeding die hem in 2018 trof, waardoor Bongo maandenlang van het toneel verdween, verzwakte niet alleen zijn lichaam, maar ook zijn status.
Zijn zoon Noureddin, die sinds vorig jaar een hoge functie binnen de partij van zijn vader bekleedde, zou in de coulissen al worden klaargestoomd als mogelijke opvolger. Na de militaire machtsovername lijkt die kans voorgoed verkeken: woensdag is Ali Bongo door de militairen onder huisarrest geplaatst, en zoon Noureddin is door de militaire coupplegers opgepakt op verdenking van hoogverraad.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden