De vorderingen van het Oekraïense leger bij Robotyne (‘een gehucht’) noemt Frans Osinga, hoogleraar krijgswetenschappen aan de Universiteit Leiden, een doorbraak. De eerste verdedigingslinie van de Russen is doorbroken, ‘en de Oekraïense troepen zijn nu aan het consolideren: ze weten het veroverde gebied ook aan de zijkanten groter te maken’.
Oekraïne bereidt volgens Osinga zo de volgende fase van het tegenoffensief voor. ‘Oekraïne heeft de afgelopen tijd waanzinnig veel schade aangericht. Het heeft Russische artillerieposities uitgeschakeld, luchtafweer, munitiedepots: dat begint nu zijn dividend op te leveren.’
Over de auteur
Michel Maas is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Eerder was hij oorlogsverslaggever en correspondent in Oost-Europa en in Zuidoost-Azië.
Osinga weet dat er achter de ene verdedigingslinie nog twee zullen volgen, maar voorlopig krijgt Oekraïne bij Robotyne nu misschien even de ruimte. De uitputtingsslag gaat een strategische fase in: ‘Je krijgt iets meer bewegingsvrijheid. Je kunt je artillerie naar voren schuiven.’ En die vooruitgeschoven artillerie kan weer nieuwe Russische doelen onder vuur nemen.
Meteen komen echter de slagen om de arm, want, zegt Osinga, ‘misschien maken de Oekraïners nu eerst pas op de plaats. We weten het niet.’ Er zijn veel dingen die we niet weten. ‘We kennen de staat van het Oekraïense grondleger niet. We weten ook weinig over het moreel van de Russische troepen. Oekraïne zegt dat dat laag is, maar is dat wel waar? Hoe hard zullen de Russen hun stellingen verdedigen? Hoe zien die linies er verder uit?’
The New York Times citeert de Amerikaanse stafchef Mark Milley over het Oekraïense offensief: ‘Het is lang, bloedig en traag geweest.’ De Amerikaanse krant interviewde vorige week een vijftal ‘militaire functionarissen’ die allemaal zeiden dat Oekraïne zijn ‘combat power’ in één plek moest bundelen. De Oekraïense troepen waren te dun over de hele frontlinie uitgesmeerd.
Osinga is het daar hartgrondig mee oneens: ‘Juist door te spreiden breng je de Russen in problemen.’ Oekraïne is nu overal en het slaat overal toe, zodat Rusland zijn troepen overal moet neerzetten, en niet alleen aan het front zelf: Oekraïense Special Forces voeren acties uit op honderden kilometers van het front. Ze vernielen vliegtuigen en luchtafweerinstallaties, vertelt Osinga, en ‘ze zijn aan land gegaan op de Krim, waar ze een lanceerbasis voor Iraanse drones hebben uitgeschakeld’.
Osinga heeft niet veel op met de westerse generaals die vanuit hun leunstoel vertellen hoe het beter kan. Hun commentaar heeft zelfs iets arrogants, vindt hij. ‘En ze praten allemaal anoniem natuurlijk. Ik zou graag weten wie dat zijn.’
Met de verovering van Robotyne heeft Oekraïne laten zien dat het wel degelijk in staat is de Russische linies te doorbreken – op zijn manier. Osinga: ‘Oekraïne zegt: ‘Kijk, het lukt ons wel. We kunnen het. Stop dus met dat praten over het intrekken van militaire steun, en over praten met Rusland. Laat ons ons werk doen.’
Dat het trager gaat dan menigeen had gehoopt, is geen gevolg van onkunde, maar van de omstandigheden. Oekraïne moet het stellen zonder luchtsteun. ‘Dat hadden internationale troepen die in 2003 Irak binnentrokken wel: als zij aankwamen was alles al in puin geschoten vanuit de lucht.’
En de Russen hebben zich inmiddels overal ingegraven, mijnenvelden aangelegd, hele rijen betonnen antitankpiramides of ‘drakentanden’ neergezet en tankgrachten gegraven. Ze begonnen daarmee al vóór het Oekraïense offensief, weet Osinga. Maar de voortdurende aarzelingen bij de westerse bondgenoten om tanks, raketten en nu weer F16’s en Duitse Taurusraketten te leveren, hebben de Russen voor dat werk wel ‘twee, drie maanden extra de tijd gegeven’.
Bovendien gooit Rusland eindeloze hoeveelheden mensen in de strijd. ‘Ze hebben 100 duizend man naar Koepjansk gestuurd. Die zijn vast niet goed getraind, maar het zijn er wel veel’, vertelt Osinga. De Britse militaire inlichtingendienst voorspelt dat Rusland zal proberen Koepjansk, dat in september door Oekraïne werd bevrijd, opnieuw te veroveren. De Oekraïense generaal Oleksandr Syrsky heeft al gevraagd om meer mannen om de 100 duizend Russen tegen te houden.
Dat haalt misschien weer troepen weg bij Robotyne en leidt dan tot nieuwe vertraging, maar Osinga begrijpt de generaal: ‘Oekraïne wil niet successen boeken in het zuiden en tegelijkertijd elders met veel bloed veroverde plaatsen weer prijsgeven.’ Dat geldt voor Koepjansk en Bachmoet, net zo goed als voor het gehucht Robotyne, dat nu een nieuwe springplank moet gaan worden in de richting van de Zee van Azov.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden