Home

De Finse Åland-eilanden willen af van ‘hun’ Russische consulaat

De Finse eilandengroep Åland in de Oostzee herbergt een cu­riosum: een Russisch consulaat. Het is een overblijfsel van een verdrag uit 1856. Sinds de Russische inval in Oekraïne willen inwoners van Åland af van de diplomatieke buitenpost. Maar is dat wel verstandig?

Ze komen een voor een uit verschillende richtingen aangelopen, de leden van het Gepensioneerde Volksbataljon tegen Poetin. Ze dragen T-shirts met de tekst Slava Ukraini of slepen een protestbord mee waarop de Russische president Vladimir Poetin wordt verzocht Oekraïne te verlaten en – als-ie toch bezig is – van de aardbodem te verdwijnen.

Het is de 539ste dag sinds de oorlog en de evenzoveelste dag dat een groep 65-plussers van het stadje Mariehamn op het Finse eiland Åland om precies 17.00 uur protesteert voor het Russische consulaat aldaar. ‘Bevrijdt Oekraïne’, klinkt het vijfmaal, waarna de senioren richting het consulaat de Europese hymne inzetten, een latte-bruin houten gebouw met een grote ijzeren hek ervoor.

Om de senioren te mijden, verlaten de consul en zijn vrouw iedere dag voortijdig het gebouw en ze komen pas weer terug als de demonstratie voorbij is, vertelt de 79-jarige Anne-Maj Mörn, terwijl ze haar cockerspaniël in bedwang probeert te houden. ‘Een keer kwamen ze te vroeg terug. Toen moesten ze lekker wel naar ons luisteren.’

Over de auteur
Jeroen Visser is correspondent Scandinavië en Finland voor de Volkskrant. Hij woont in Stockholm. Hiervoor was hij correspondent Zuidoost-Azië. Hij is auteur van het boek Noord-Korea zegt nooit sorry.

Al zijn de senioren maar met een man of twintig, hun woede resoneert in heel Finland, waar een debat is uitgebroken over het Russische consulaat op Åland, een autonome eilandenarchipel in de Baltische Zee, gelegen tussen Zweden en Finland. Een petitie om de diplomatieke post te sluiten werd ruim 41 duizend keer ondertekend. De Finse regering dubt over de kwestie en heeft juristen gevraagd nog deze maand met een advies te komen.

Op de achtergrond speelt de snel verslechterende relatie tussen Finland en buurland Rusland, die ertoe leidt dat de ene na de andere diplomatieke post wordt gesloten. Ter vergelding van de Finse ‘confrontatiepolitiek’ en de aansluiting van de Finnen bij de Navo trok Moskou dit jaar de vergunning in voor de Finse consulaten in Moermansk, Petrozavodsk en recentelijk St.-Petersburg. Finland trok op zijn beurt de stekker uit het Russische consulaat in Turku. Rusland sloot zelf de post in de grensstad Lapeenranta. Buiten de ambassades in de hoofdsteden zijn straks alle diplomatieke posten gesloten, behalve die op Åland.

Wordt die dan de volgende? Als het aan Mörn is het antwoord simpel. ‘Natuurlijk moet het consulaat weg. Waarom mogen ze er hier een hebben als dat van ons in St.-Petersburg moet verdwijnen?’

Maar zo makkelijk gaat dat niet. Wat Åland bijzonder maakt, is dat het een autonoom eiland is met een eigen bestuur, eigen kentekens en een apart internetextensie – .ax. De ongeveer 30 duizend inwoners spreken Zweeds en geen Fins. Daarnaast is Åland gedemilitariseerd: soldaten zijn niet welkom en de Finse strijdkrachten mogen er niet oefenen. De Finse aansluiting bij de Navo, waardoor het eiland nu ook beschermd wordt door het bondgenootschap, verandert daar voorlopig niks aan.

De oorsprong van de speciale status ligt aan de oostkant van het hoofdeiland. Daar staan de lichtbruine stenen resten van een Russische militaire vesting uit de 19de eeuw. De Russen waren destijds al de baas in Finland en pakten in 1809 ook Åland af van de Zweden. Het fort, slechts een paar uur varen van de Zweedse hoofdstad Stockholm, was een ideale uitvalsbasis voor de marinevloot. De andere mogendheden vonden dat maar niks. Tijdens de Krimoorlog (1853-1856) werd het fort door Britse en Franse troepen veroverd en opgeblazen. Om een herhaling van zetten te voorkomen werd in het vredesverdrag van Parijs (1856) vastgelegd dat Åland voortaan gedemilitariseerd zou blijven.

Na de Finse onafhankelijkheid in 1917 werden de Åland-eilanden door de Volkenbond – de voorloper van de Verenigde Naties – onder Finland geschaard, maar met vergaande autonomie, de eigen voertaal en strikte neutraliteit. Twintig jaar later, tijdens de Tweede Wereldoorlog, dwong Rusland af dat het een consulaat op het eiland mocht vestigen om toe te zien op de gedemilitariseerde status. ‘Mocht de consul iets zien dat volgens hem in strijd is met het verdrag, dan is hij bevoegd de autoriteiten te informeren waarna een onderzoek wordt begonnen’, zo leest de verdragstekst.

Het is een van de dingen die nu steken bij veel Finnen. ‘Hoe zijn zij nu in staat de demilitarisering te overzien als ze zelf geen enkel respect hebben voor internationale wetten en verdragen?’, aldus de voor het consulaat protesterende Mörn.

Het juridische advies dat de Finse regering laat opstellen moet de vraag beantwoorden of Finland het consulaat mag sluiten. Maar zelfs als het kan, is het de vraag of het slim is, zegt Mats Löfström, die namens Åland een zetel bezet in het Finse parlement. ‘Het consulaat is voor ons niet zo belangrijk, maar de verdragen wel. Wat gebeurt er als je een van de verdragspunten bij het vuil zet? Wordt het dan makkelijker om ook andere afspraken te veranderen of terzijde te schuiven? Het is een gevaarlijke discussie.’

De autonome positie heeft Åland welvaart gebracht. Bij het begin van het Finse EU-lidmaatschap werd geregeld dat het eiland wel bij de EU maar niet onder de douane-unie valt. Dat betekent dat veerboten belastingvrij alcohol en tabak kunnen verkopen. Dat is aantrekkelijk, gezien de hoogte van de accijnzen op het vasteland. Veerboten tussen Stockholm en Helsinki maken expres een tussenstop op Åland om hiervan gebruik te maken. Het zorgt ook voor veel vaarverbingingen voor Ålanders en toeristen.

Löfström werkt in het Finse parlement samen met de Zweedse volkspartij, die de Zweedse minderheid in Finland, zo’n 5 procent van de bevolking, vertegenwoordigt. De gezamenlijke fractie doet vrijwel altijd mee aan de regeringscoalitie, waardoor Löfström het kabinetsbeleid kan beïnvloeden. Zijn prioriteiten zijn het beschermen van de veerbootindustrie en het verbeteren van de autonomiewet. Ook sprak hij recentelijk met de Finse president over het belang niet te tornen aan de bestaande verdragen. ‘Het concept van een autonoom gebied werkt. Er was een tijd dat Zweden en Finland ruzieden over Åland. Een oorlog was niet ver weg. Nu is de relatie geweldig en hebben Finnen en Zweden samen lol op de booze cruises.’

Binnen de andere regeringspartijen zijn ook politici die er niet voor terugschrikken om de status van Åland te veranderen. Zo pleitte parlementariër Pekka Toveri, een oud-generaal en lid van de grootste partij, Nationale Coalitie, dit voorjaar voor een einde aan de demilitarisatie. ‘De bestaande afspraken voldoen niet meer’, zei Toveri. ‘De veiligheidssituatie is verslechterd en het feit dat onze soldaten niet kunnen oefenen op Åland is een zwakte en die moeten we aanpakken.’

Er zijn meer tekenen dat het sentiment aan het verschuiven is. Zo kent Åland sinds kort een vereniging voor reservisten. Hoewel Ålanders niet in dienst hoeven, zijn er genoeg inwoners die zich vrijwillig opgeven. Er zijn ook Finnen die de dienstplicht hebben vervuld en later naar het eiland verhuizen. Onder hen Jonas Back (35), vader van vijf kinderen, die op het gazon voor zijn landelijk gelegen huis zijn wapenverzameling laat zien: een semiautomatisch geweer, de AR-15, en twee pistolen. ‘Ligt lekker licht in de hand, hè? Maar het is hartstikke moeilijk om er zonder training mee te schieten hoor’, zegt hij over zijn Glock-pistool.

De brede Zweedstalige Fin verhuisde twaalf jaar geleden voor de liefde naar Åland. Hij vond er een schietclub om zijn hobby te beoefenen. Later kwam hij op het idee een club voor reservisten op te richten. De lokale autoriteiten zagen dat niet zitten, zegt Back. ‘Het was volgens hen niet in overeenstemming met de demilitarisering.’

De juridische afdeling van het Finse ministerie van Buitenlandse Zaken, dat de verdragen interpreteert en nu ook het advies voor de regering voorbereidt, had een andere lezing: een reservistenclub mocht wel. Nu heeft de vereniging tachtig leden. Dit voorjaar organiseerde Back een eerste activiteit: een mars met rugzakken van 10 kilo door Mariehamn. Leidde dat niet tot ophef? ‘Er werd geklapt en getoeterd, mensen waren enthousiast’, aldus Back. ‘Slechts één iemand kwam vragen of het soms oorlog was.’

Back wil nu ook de officiële ‘opfriscursussen’ gaan aanbieden aan burgers en reservisten, maar dat is voorlopig een stap te ver, omdat deze worden gecoördineerd door het ministerie van Defensie. De verdragsregels laten dat niet toe. Toch gelooft Back dat de juridische toets die de regering laat doen de eerste stap is naar toestemming voor de trainingen en op den duur zelfs militaire oefeningen op Åland. ‘Het gaat erom dat je goed bent voorbereid op oorlog, dat is op het vasteland heel normaal. Nu kan dat hier niet.’

Volgens Back moet Finland met alle ondertekenaars van de verdragen om de tafel om wijzigingen door te voeren. ‘Verdragen werken alleen als ze worden gerespecteerd. Rusland verbreekt zelf allerlei verdragen. Het heeft zijn morele recht verspeeld om ons de les te lezen.’

Allemaal veel te kort door de bocht, stelt Sia Spiliopoulou Åkermark, hoogleraar internationaal recht en di Source: Volkskrant

Previous

Next