Home

Mijn jongste zat 3 dagen zonder telefoon. ‘Misschien leest hij wel een boek’, opperde huisgenoot P. Hahaha!

Kinderen grootbrengen is éven doorzetten, maar na een decenniumpje of twee gaan ze gewoon zomaar zonder jou op vakantie, zodat je nooit meer mokkend in een McDonald’s aan de Champs-Élysées (of de Piazza di Spagna of de Alexanderplatz) hoeft te wachten tot ze hun verdomde kipnuggets achter de kiezen hebben.

Mijn jongste was met vrienden afgereisd naar Valencia (en fourageerde ongetwijfeld bij McDonald’s aan de Plaça de la Reina). Ik had al een week niets van hem vernomen, zoals het hoort: na enig aandringen appte hij één foto, niet van de kathedraal of het keramiekmuseum, maar van zichzelf, met een 3-literfles wodka in zijn nog opvallend bleke armen.

Over de auteur

Sylvia Witteman schrijft voor de Volkskrant columns over het dagelijks leven.

Nou ja, ik ben ook jong geweest, en indertijd stuurden we helemaal geen foto’s want dat kon nog niet. Ik kreeg steevast een tientje mee van mijn moeder om één keer mee naar huis te bellen, in een telefooncel. De op het broeihete postkantoor gewisselde francs/peseta’s/dinars/lires kletterden met mitrailleursnelheid naar de bodem van het apparaat, en je had nét de tijd om door het geratel heen te roepen dat alles goed was, en ja, mooi weer.

Ook mijn zoon belde. In paniek, midden in de nacht. Gelukkig heb ik altijd mijn telefoon uitstaan als ik slaap, want wie wil er om vier uur ’s nachts horen dat haar zoon met zijn dronken kop beroofd is van paspoort, rijbewijs en telefoon? Zoiets kan best wachten tot het christelijke tijdstip van 8.15, toen ik verkwikt ontwaakte, en zijn huilerige appjes las, verstuurd met de telefoon van een vriend. Wat of hij nu doen moest?

‘Aangifte’ ried ik hem aan, want ik heb zelf meermaals met dit bijltje gehakt. ‘Komt goed, ze laten je echt Nederland wel weer in’. Maar nee, dat was niet zijn voornaamste zorg. ‘Ik zit hier nog drie dagen zonder telefoon!’ kermde hij. ‘Wat moet ik dan dóen?’ Ik slikte het keramiekmuseum nog net op tijd in. Hij moest het zelf maar uitzoeken, hij is tenslotte 19. ‘Misschien gaat hij nu wel een mooi boek lezen!’ opperde huisgenoot P. romantisch. Hahaha!

Drie dagen later was mijn kuiken weer thuis. Ja, het was heerlijk geweest, behalve die beroving dan. À propos: ‘Het viel best mee zonder telefoon. Ik ben naar een boekwinkel gegaan, en ik heb daar iets gekocht. En ik vond het best leuk!’

‘Ja?! Echt?!’ hijgden P. en ik synchroon. Mijn zoon opende zijn reistas en trok een boekje tevoorschijn. We gristen het uit zijn hand.

Sudoku’s.

‘Echt best leuk!’ glunderde mijn zoon.

Source: Volkskrant

Previous

Next