Wie zich zorgen maakt over de Nederlandse arbeidsmarkt, dat vermeende verwenparadijs voor luie, parttime werkende vrouwen, raad ik aan de docu After Work te bekijken. De film van de Italiaans-Zweedse regisseur Erik Gandini (donderdag bij de VPRO, eerder op NPO Start) onderzoekt internationaal hoe de mens zich verhoudt tot het fenomeen werk. En welke toekomst het arbeidzaam bestaan nog heeft, nu kunstmatige intelligentie en robots ons steeds meer werk uit handen nemen.
Wat moeten we met de overdosis vrije tijd, die zich voor ons uitstrekkende woestijn aan zinledigheid, een wereld zonder NS-spitstoeslag en bumperkleverige ochtendchaos? Gandini sprak in de Verenigde Staten, Zuid-Korea, Italië en Koeweit met werknemers, renteniers en arbeidsmarktdeskundigen wier informatie – zo gaat het met cijferspuwende talking heads – goeddeels aan me voorbij ging.
Wat bleef hangen: Amerikanen offeren jaarlijks ruim een half miljard vrije uren op voor hun werk. De Zuid-Koreaanse overheid voert campagne om de bevolking te stimuleren de gemiddelde werkweek te reduceren van 68 tot 52 uur. Het gemiddelde gezin in Koeweit heeft twee huishoudsters. Werken – schoonmaken, wolkenkrabbers bouwen – is daar voorbehouden aan arbeidsmigranten. En: 30 procent van de Italiaanse jongeren werkt niet: liever wachten zij tot het kapitaal beschikbaar komt dat pa en ma met de waardestijging van hun woning hebben opgebouwd.
Afwisselend mooi, treurig en apocalyptisch, de portretten van werknemers met hun uiteenlopende arbeidsmoraal. De Amerikaanse koerier die voor Amazon dagelijks driehonderd pakketten bezorgt, wat nauwelijks lukt binnen de gestelde tijd. Op aanraden van de chef heeft ze de lunchpauze afgeschaft en eet ze achter het stuur. Als ze, zoals collega’s, bij gebrek aan plaspauze moet urineren in een fles, neemt ze ontslag. Zegt ze.
In Zuid-Korea vertelt een dochter hoe haar vader, aan de computer, sinds mensenheugenis dagelijks veertien uur werkt. Het familieleven gaat aan hem voorbij, ‘maar hij zegt dat wij, zijn gezin, de winst uit zijn werk zijn’. Aan de andere kant van het spectrum bevinden zich de door olie collectief schatrijk geworden Koeweiti. Een op een ministerie werkzame vrouw heeft in drie maanden één klusje te doen gehad. Zes uur per dag zit ze aan haar bureau, ‘maar je mag ook best drie uur te laat komen’.
Twintig werknemers doen in Koeweit het werk dat één persoon zou kunnen doen. Er zijn kelders waar werknemers de dag wachtend doorbrengen, zonder pc, zonder bezigheden: ‘Een ondergrondse opslag voor mensen’, noemt een geïnterviewde man het. Geen utopisch bestaan, maar een nachtmerrie, de dagen van eten, winkelen in de mall en zandhappen met de Hummer.
Er kwam geen antwoord op de vraag hoe het moet als robots ons werk hebben overgenomen (dat duurt gezien de tekorten in de zorg nog even, denk ik). Na de eyeopener van After Work realiseerde ik me wel: heb geen kopzorgen over parttimers, ze zijn de wegbereiders van de toekomst.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden