Home

Ouders vertrouwen het liefste wat zij hebben toe aan de school – dat is ook een ‘sociaal contract’

Een nieuw schooljaar, maar geen nieuw geluid. Geen nieuwe onderwijsministers. Dat duurt nog wel even, onvermijdelijk, maar is slecht voor het onderwijs, dat op veel gebieden geen uitstel van harde beslissingen kan verdragen. De crisis rot rustig verder.

Wie de twee ministers, van primair en secondair onderwijs, en van mbo- en hoger onderwijs zullen zijn, is moeilijker te voorspellen dan ooit: de komst van de nieuwe partij van Pieter Omtzigt – hoera! – zal bestaande machtsverhoudingen ontregelen en hotemetoten naar de uitgang sturen. Maken D66 en VVD nog kans op deze ministersposten? De roodgroene Marjolein Moorman? Heeft Omtzigt, mocht zijn partij in de regering komen, een geschikte kandidaat?

Intussen past Mariëlle Paul, voorheen onderwijswoordvoerder van de VVD in de Tweede Kamer, op de winkel, de weinig florerende nering van basis- en voortgezet onderwijs, die kampt met een enorm lerarentekort en een gestage daling van de leerprestaties. Geen fijn interimbaantje, weinig eer aan te behalen. Uit een profiel in de Volkskrant kwam zij naar voren als een sympathiek persoon, een harde werker. Geen opgeblazen ego: iemand die ‘liever haar eigen mening opzijzet om de vrede te bewaren’. Een ‘anti-Wiersma’.

Vredelievendheid is een mooie eigenschap, maar zo’n minister moet het onderwijs de komende jaren precies niet hebben. Ministers die op de winkel pasten en de lieve vrede bewaarden, die glimlachend wegkeken van de problemen, hebben we nu al decennialang gehad, met als dieptepunt Arie Slob. Die bewegingloosheid heeft het onderwijs ernstig geschaad. Ik mag hopen dat de ambitie, dadendrang en veranderingsdrift van Dennis Wiersma, in combinatie met zijn, volgens het profiel, ‘grillige temperament’ het ministerie niet zo hebben verlamd dat ze doodsbenauwd zijn en niks meer aandurven.

Wat er precies is gebeurd tussen Wiersma en sommige ambtenaren zullen we nooit weten. Wel was duidelijk dat hij met zijn beleid veel schoolbestuurders en de onderwijsinspectie tegen zich in het harnas joeg. Inspecteur-generaal Alida Oppers had ‘oorlog’ met Wiersma die terecht had geëist dat de inspectie vaker onaangekondigd op schoolbezoek zou gaan en de 10 procent zwakke scholen zou aanwijzen. Hoe durfde de minister? Daar ging hij niet over!

‘De minister gaat er niet over’ is ook de mantra van veel schoolbestuurders. Hun macht is sinds de jaren negentig ongebreideld en in lood geklonken. Niet de onderwijsministers, maar de niet democratisch gekozen PO- en VO-Raad – werkgeversverenigingen – hebben het voor het zeggen. Dat houdt ministerie en scholen in een klem: de bestuurlijke constellatie staat verbetering van de onderwijskwaliteit, verhoging van het niveau en het aantrekkelijker maken van het leraarschap in de weg.

Het was Wiersma die toegaf dat de liberalisering en de autonomie te ver zijn doorgeschoten en dat de macht van de bestuurders moet worden ingeperkt. Wiersma wilde de verantwoordelijkheid niet afschuiven, maar op zich nemen. ‘Ideologisch’ gedreven was die houding niet, want ze is atypisch voor een VVD’er. Dapper was het wel. Indertijd hebben zowel linkse als rechte partijen ingestemd met de liberalisering – een historische fout.

Het onderwijs heeft geen rust nodig, maar ferm ingrijpen, doorgaan met wat Wiersma is begonnen. Het onderwijsprogramma van Omtzigt is niet bekend. Wel liet hij weten dat een van de pijlers van zijn partij ‘bestaanszekerheid’ is: voedsel, energie, huisvesting, onderwijs en zorg voor alle burgers. Onderwijs is bij uitstek een ‘sociaal contract’: ouders zijn verplicht om het liefste wat zij hebben uit handen te geven aan de school, die hun belooft dat hun kind alle kansen krijgt en het beste uit zichzelf haalt.

Dat vertrouwen, als dat toch eens terug zou kunnen komen.

Over de auteur
Aleid Truijens is schrijver en recensent en columnist voor de Volkskrant. Ze schreef romans en biografieën over F.B. Hotz en Hella Haase. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit.

Source: Volkskrant

Previous

Next