Met ongeveer duizend mensen zat ik op een zonnig veld midden in Sheffield te kijken naar de WK-finale. Sommige toeschouwers hadden een Engelse vlag op hun wang getekend, er waren wat hoedjes, er waren wat shirtjes, maar het leek het meest op een gigantische picknick. Af en toe was er iemand die ritmisch toeterde: pep, pep, pep-pep-pep, en dan riep de menigte: ‘England!’
Het weer zat niet mee (te warm), het Engelse team was ook niet echt lekker bezig, en daardoor verloor het Sheffieldse publiek gaandeweg de fut. Kinderen gingen drenzen, de rij voor de wc’s werd langer. Als de toeter klonk, werd er steeds ietsje plichtmatiger ‘England!’ geroepen. Een beetje zoals wanneer iemand op een verjaarsfeestje te lang doorgaat met ‘hieperdepiep?!’ roepen, en het gezelschap ‘hoera!’ moet blijven antwoorden, terwijl niemand meer wil.
De laatste ‘England’ werd niet eens meer geroepen, maar gewoon uitgesproken. Het fluitsignaal klonk, het was tijd voor bier.
Source: Volkskrant