Home

Schaduw van het drugsgeweld ligt over verkiezingen in Ecuador: ‘Wat we nodig hebben is onderwijs, werk en liefde’

Het toeval wil dat de 52-jarige elektro-ingenieur Jorge Recalde (geruit overhemd, halflange krullen) in het drukke verkeer van Quito met zijn auto een minuut voor een rood verkeerslicht moet wachten precies op de plek waar anderhalve week geleden presidentskandidaat Fernando Villavicencio (59) werd vermoord. ‘We zijn naar de klote’, constateert hij. ‘Fuck. We waren een land van vrede.’

Op 9 augustus aan het begin van de avond, elf dagen voor de verkiezingen, verliet corruptiebestrijder Villavicencio een drukbezochte campagnebijeenkomst in een zaaltje in een middenklassewijk vol winkels en kantoren. Omringd door aanhangers en lijfwachten stapte hij achterin een auto die voor hem klaarstond op de plek waar Recalde nu wacht op groen licht. Vanaf de straatkant schoot een huurmoordenaar hem drie keer in het hoofd. In het vuurgevecht dat volgde, kwam ook de dader om.

Over de auteur
Joost de Vries is correspondent Latijns-Amerika voor de Volkskrant. Hij woont in Mexico-Stad. De Vries werkte eerder op de economische en politieke redactie.

De zon schijnt in de Andes-stad, aan de horizon torent vulkaan Pichincha de hemel in. Waar Villavicencio zijn laatste stappen zette, hangen verwelkende boeketten en kransen aan een hek. Op de stoep is dik, rood kaarsvet gestold tussen de tegels. Een verkiezingsposter tussen de bloemen verkondigt: ‘Celstraf voor de maffia.’

De onderzoeksjournalist en later parlementariër liet als presidentskandidaat een van de felste stemmen horen tegen de corruptie en georganiseerde misdaad in Ecuador. Recalde was van plan op hem te stemmen. ‘Fuck’, zegt hij nog eens. Het verkeerslicht springt op groen, de verweesde kiezer rijdt weg.

Recht tegenover de plaats van de moord, aan de overkant van de weg, verkoopt Carlos Preciado (45) in zijn kantine borden rijst en vlees voor 3 dollar. Hij was die avond al naar huis, vertelt hij. ‘Sinds drie maanden sluiten we om vijf uur, vanwege de veiligheid.’ De volgende ochtend trof hij een kogelgat in zijn rolluik.

De criminaliteit is in een paar jaar tijd enorm toegenomen, zegt hij. ‘Roofovervallen, drugshandel.’ Politiecijfers geven hem gelijk: sinds 2019 is het aantal gestolen auto’s en motoren bijna verdubbeld. In een hoek hangt een haperend televisiescherm waarop economen praten over de deplorabele staat van de economie.

Ecuador, in de kop van Zuid-Amerika ingeklemd tussen cocaïne-producenten Colombia en Peru, staat onder hoogspanning. De transformatie van een relatief veilig en geliefd vakantieoord naar een land in de greep van de georganiseerde misdaad ging zo snel dat veel Ecuadorianen nog onwennig het zand uit hun ogen vegen. Sinds de coronapandemie is het land sinds VN-drugsmonitor Unodc uitgegroeid tot nummer één cocaïneleverancier van Europa. Rivaliserende bendes vechten een bloedige territoriumstrijd uit om een zo groot mogelijk deel van de poederberg.

Onder dat gesternte ging het land van 18 miljoen inwoners zondag naar de stembus. De inzet: een nieuwe president die de resterende anderhalf jaar van de afgetreden Guillermo Lasso kan volmaken. Tussen de acht kandidaten op het stembiljet stond nog steeds de vermoorde Villavicencio, al werd hij opgevolgd door Christian Zurita (53), eveneens een voormalig onderzoeksjournalist.

Militairen hielden de wacht bij stemlokalen. Volgens een vroege exit poll gaan Luisa Gonzáles, een protegé van de voormalige linkse president Rafael Correa, en centrumkandidaat Daniel Noboa aan de leiding. Half oktober volgt een beslissende tweede ronde tussen de twee kandidaten met de meeste stemmen.

De grootste zorg van de kiezers, naast de kwakkelende economie: de 4.800 moorden vorig jaar, een vervijfvoudiging in vijf jaar tijd, de veertien slachtpartijen sinds 2021 tussen bendes in de gevangenissen, met meer dan 450 doden in totaal, de recente moord op klaarlichte dag op de burgemeester van kuststad Manta, en een presidentskandidaat die wordt doodgeschoten op straat in Quito.

Wie de moord op de Villavicencio bestelde, is nog niet duidelijk. Kort voor zijn dood waarschuwde hij dat hij werd bedreigd door ‘Fito’, de leider van de beruchte Choneros, een van de grote criminele bendes in het land. ‘We hadden nooit gedacht dit soort geweld mee te maken’, zegt veiligheidsexpert Maria Fernanda Noboa via de telefoon. ‘De georganiseerde misdaad toont dat ze machtiger is dan de staat.’

In kuststad Guayaquil, vanuit Quito drie kwartier vliegen of een slingerende autorit van zeven uur door de bergen, staan de zeecontainers opgestapeld in de haven aan de Rio Guayas. De rivier meandert tussen mangroves door naar de Stille Oceaan. Boven de klamme stad hangen grijze wolken.

Vanuit hier vertrokken vorig jaar 350 miljoen dozen bananen, tweederde van de totale Ecuadoriaanse bananenexport. Containerschepen vol fruit zetten dagelijks koers richting het Panamakanaal en van daar richting Europa, naar onder andere Rotterdam, Vlissingen en Antwerpen. De handelsrelatie is zo goed dat Ecuador en de Europese Unie in 2017 een vrijhandelsverdrag sloten.

De tropische haven is tevens het belangrijkste vertrekpunt voor de cocaïne die meereist in de fruitladingen. Volgens VN-cijfers kwam in 2021 bijna een kwart van de in Europa aangetroffen cocaïne uit Ecuador. In Antwerpen was vorig jaar de helft van de onderschepte coke van Ecuadoriaanse herkomst. De Zuid-Amerikaanse bananen liggen in de schappen van de Europese supermarkten, de cocaïne wordt op straat verkocht aan het uitgaanspubliek.

Rondom het havengebied strekt de betonnen stad zich uit, met 2,7 miljoen inwoners de grootste van Ecuador. In grijze straten slingert afval. Aan lantaarnpalen hangen verkiezingsposters: nog van Villavicencio, maar ook van de rechtse crimefighters Otto Sonnenholzner en Jan Topic, een enkele keer van de linkse Luisa González, protégé van de geliefde en gehate (en voor corruptie veroordeelde) oud-president Rafael Correa (2007-2017). ‘Het komt goed’, sust Topic in zijn slogan, de macho met volle baard belooft megagevangenissen en zwaarbewapende elitepolitie.

De arme wijk Guasmo ligt in het zuiden van de stad tegen de haven aan. Hier werkt de dunne Enrique Valle (30), vader van twee zoontjes, voor 450 dollar (410 euro) per maand als toeleverancier van buurtwinkeltjes. Op de achterbank van een auto, de portieren gesloten, wil hij kort vertellen over zijn motor die een dag eerder werd geroofd. Een beveiligingscamera van zijn werk legde het tafereel vast: hoe hij ’s ochtends vroeg arriveerde en een man een pistool op hem richtte.

Hij leverde de sleutel in en overleefde de overval. De motor kostte 1.500 dollar, hij kocht hem op krediet. ‘De bendes hebben steeds meer macht.’ Zachtjes: ‘Hier zijn de Tiguerones en de Lagartos. Verderop zitten de Choneros.’ Dwars over grauwe straten liggen dikke scheepstouwen, om achtervolgende politieauto’s te hinderen.

Misschien was het oude Ecuador wel de ongelofelijke uitzondering. En is dit het gruwelijke normaal dat eigenlijk pas laat arriveerde. Alle factoren waren al enkele decennia aanwezig: drugs, georganiseerde misdaad, corruptie. Journalist Villavicencio onthulde meerdere corruptieschandalen in de linkse regering van Correa.

De drugshandel is inmiddels goed voor zo’n 7 procent van de economie, zegt veiligheidsexpert Noboa. De regering loopt steevast achter de feiten aan: ‘De staat heeft geen duidelijke strategie en reageert te laat, als een brandweerman die te laat reageert op brand.’

Ecuador was al een drugsland, maar kende nog niet het geweld uit andere drugslanden. In Mexico veroorzaakte de rechtse president Felipe Calderón in 2006 een karteloorlog waaruit tal van nieuwe organisaties ontstonden. In Colombia versnipperde het criminele landschap zich nadat in 2016 een deel van guerrillabeweging Farc de wapens inleverde en meerdere afsplitsingen de strijd (en cocateelt en -handel) voortzetten.

Zeven pistoolschoten eind 2020 in een koffietentje in de stad Manta ontketenden de bendeoorlog in Ecuador. Het slachtoffer was Jorge Luis Zambrano, alias Rasquiña, leider van de machtige drugsbende Los Choneros. Na zijn dood rebelleerden gelieerde bendes zoals de Lobos, de Chone Killers, Tiguerones en Lagartos tegen de Choneros. Er viel wat te halen: na een korte dip in coronajaar 2020, schoot de vraag naar cocaïne weer omhoog.

En vooral het aanbod vanuit Colombia, Peru en Bolivia was groter dan ooit. ‘Eerst gingen landen vanwege corona op slot en groeide de binnenlandse markt’, zegt een lokale journalist via de telefoon. Ze wil uit veiligheidsoverwegingen onder geen beding met haar naam in de krant. ‘Toen grenzen weer opengingen, ging de opgehoopte cocaïne in enorme hoeveelheden naar buiten.’ Ook het Nederlandse cocaïnegebruik nam toe, van 1,6 procent van de volwassenen in 2020 naar 2,4 procent in 2022, meldt het Trimbos Instituut.

De rivaliserende Ecuadoriaanse bendes heersen nu in kuststeden als Guayaquil over de volkswijken. Ze vinden er een lokale markt en een eindeloze hoeveelheid jonge potentiële rekruten – niet alleen arme Ecuadorianen, ook k Source: Volkskrant

Previous

Next