Maandag werd duidelijk dat het demissionaire kabinet NS toestemming geeft om de prijzen volgend jaar met 3,5 procent te verhogen. Deze verhoging komt boven op de gebruikelijke inflatiecorrectie. In 2026 komt er nog een extra verhoging van 3,5 procent bij.
Het vervoersbedrijf heeft de afgelopen jaren de prijzen van kaartjes maar beperkt verhoogd, stelt demissionair staatssecretaris Vivianne Heijnen (Infrastructuur). Bovendien heeft NS de kosten voor onder meer personeel en energie flink zien stijgen. Daarom mogen de prijzen worden opgeschroefd.
Deze verhogingen komen dus boven op de verwachte inflatie. Het Centraal Planbureau verwacht dat de inflatie in 2024 uitkomt op 3,1 procent. Samen met een verhoging van 3,5 procent zou dat de treinkaartjes 6,6 procent duurder maken. Bij een ritprijs van 20 euro zou er dan 1,32 euro bij komen.
Rover zegt zeer onaangenaam verrast te zijn. "Dit is niet uit te leggen aan de reiziger". De organisatie wijst erop dat de prijzen begin dit jaar ook al met 5,5 procent zijn gestegen en dat abonnementen zelfs tot 11 procent duurder zijn geworden. "Door deze opeenstapeling van prijsverhogingen wordt de trein voor sommige reizigers onbetaalbaar", vreest Rover.
Daar komt per 2026 mogelijk nóg een verhoging bij. NS overweegt een spitsheffing in te voeren. Reizen in de spits wordt dan duurder, terwijl reizen op andere momenten juist goedkoper wordt. In de drukke uren betaal je dan mogelijk 10 procent extra. De prijzen in de daluren moeten dan met hetzelfde percentage omlaag.
De spitsheffing zou volgens planning begin 2026 moeten ingaan. Het is overigens nog niet zeker of de maatregel daadwerkelijk wordt genomen. NS wil eerst onderzoek doen. Daarnaast moet het bedrijf rekening houden met kwetsbare groepen en met het feit dat niet iedereen de keuze heeft om buiten de spits te reizen.
De verhogingen en mogelijke spitsheffing staan in het nieuwe contract dat het demissionaire kabinet wil afsluiten met NS, de zogeheten hoofdrailnetconcessie. Die loopt van 2025 tot en met 2033. Hieronder valt het overgrote deel van de treinritten in Nederland.
Andere vervoerders, zoals Arriva en Connexxion, zijn er niet gelukkig mee dat NS dit contract zomaar krijgt. Ze willen graag meedingen naar sommige ritten binnen dit contract. Dan gaat het vooral om kortere trajecten binnen een bepaalde regio. Op delen van het spoor mogen deze vervoerders al ritten verzorgen. Dat geldt voor bijvoorbeeld de Valleilijn in Gelderland.
Vooralsnog is het kabinet niet van plan zijn beleid aan te passen en maken de andere vervoerders dus geen kans op extra ritten. Toch is er hoop voor ze. De Europese Commissie vindt namelijk dat Den Haag moet onderzoeken of andere bedrijven kunnen meedingen.
Om dit af te dwingen, besloot Brussel vorige maand een juridische procedure te starten. Desondanks is het kabinet ervan overtuigd dat het juist handelt in deze zaak.
Naast de NS-prijzen gaan de tarieven van het andere openbare vervoer in Nederland waarschijnlijk ook omhoog. De prijzen in het stads- en streekvervoer zouden volgend jaar met zo'n 10 procent kunnen stijgen.
Source: Nu.nl economisch