Home

Lhbti-vluchtelingen zijn in Nederland nog steeds niet veilig: ‘De andere bewoners haten ons’

Vraag Natasha Queen (25) en Nate Queen (23) hun penibele situatie in een paar zinnen uit te leggen. En dan vertellen ze dit.

Dat ze al een jaar in een asielzoekerscentrum in Farmsum wonen, waar ze als non-binair koppel continu getreiterd en gediscrimineerd worden. Dat ze inmiddels een verblijfsvergunning hebben. Dat ze dachten een woning in de buurt van Groningen of Den Haag te zullen krijgen, omdat ze daar onder behandeling zijn voor ernstige rugklachten en suïcidale neigingen. Dat het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) liet doorschemeren dat dat legitieme redenen zijn om een woning in een van deze regio’s te krijgen. Maar dat daar, ondanks stevige brieven van hun behandelaars, uiteindelijk niets van terechtkwam.

‘Uit het niets kregen we een brief uit Geleen’, zegt Natasha. ‘Daar hadden ze een woning voor ons.’ De twee moesten opzoeken dat het om Limburg ging. ‘We were shocked.’

Over de auteur
Rik Kuiper is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincies Utrecht en Flevoland. Ook schrijft hij geregeld over asiel.

Want Geleen is niet alleen ver van de plekken waar ze behandeld worden, er is in hun ogen ook niets te doen voor lhbti’ers. Bovendien ligt het ver van de vijf Nederlandse klinieken die genderbevestigende operaties aanbieden. Want dat is wat Natasha en Nate op termijn willen. Ze zijn transgender en staan allebei op de wachtlijst bij het Universitair Medisch Centrum in Amsterdam. Ook in die stad zouden ze best willen wonen.

‘Ik pleeg zelfmoord als we naar Geleen moeten’, beet Nate een medewerker van het COA toe. Waarop de medewerker zei dat hij ‘moest blijven vechten’. Maar daar heeft het stel nou net geen energie meer voor.

En dus dreigt nu een horrorscenario. Omdat ze de woning in Geleen hebben geweigerd, worden ze binnenkort mogelijk uit het azc gezet. Ze staan dan op straat.

De situatie van Natasha en Nate is geen uitzondering, zegt Sandro Kortekaas, voorzitter van LGBT Asylum Support. Hij staat in contact met circa achthonderd lesbische, homoseksuele, biseksuele, non-binaire, transgender en queer asielzoekers.

Volgens Kortekaas heeft het COA weinig oog voor de wensen en behoeften van deze mensen. Zo hebben ze het over het algemeen zwaar in de azc’s, vanwege discriminatie door andere asielzoekers. In 2022 kwamen bij LGBT Asylum Support meer dan vijfhonderd meldingen binnen van onveilige situaties in opvanglocaties, een verdubbeling ten opzichte van de jaren daarvoor. Meerdere lhbti’ers in azc’s maakten de afgelopen jaren een einde aan hun leven.

Ook bij het koppelen van statushouders aan gemeenten gaat geregeld iets mis, zegt Kortekaas. Het COA houdt niet altijd rekening met de wensen en behoeften van de lhbti’ers.

Zo werd een homoseksuele asielzoeker in Zwolle in een woning geplaatst met twee andere statushouders ‘die duidelijk moslim waren’, aldus Kortekaas. ‘Hij kwam in dezelfde situatie terecht als waarvoor hij gevlucht was. In paniek is hij vertrokken, waarna hij dakloos werd. Later bleek dat het COA niets over zijn achtergrond had doorgegeven aan de gemeente. Als ze dat wel hadden gedaan, was dit nooit gebeurd.’

Kortekaas is ook van mening dat lhbti-vluchtelingen – als ze dat willen – in steden geplaatst moeten worden. ‘Ze hebben een netwerk van gelijkgestemden nodig’, zegt Kortekaas. ‘Een gekozen familie. Dat is vaak lastig in een dorp.’

Natasha en Nate komen uit Rusland. Ze leerden elkaar kennen via internet. ‘Natasha liet een grappige reactie achter bij een bericht van mij ’, zegt Nate. ‘En nu zijn we 4 jaar getrouwd.’ De twee identificeren zich als non-binair. Natasha geeft de voorkeur aan het genderneutrale voornaamwoord ‘hen’, Nate aan ‘hij’.

In Sint Petersburg verdienden ze hun geld met muziek en comedy. Ook waren ze actief als bloggers en mensenrechtenactivisten. Toen het Russische leger Oekraïne binnenviel, besloten ze te vertrekken. Ze hadden zich geregeld kritisch uitgelaten over het regime. En Natasha, die in hun paspoort geregistreerd staat als man, vreesde een oproep van het leger. Vermomd als heterostel vluchtten ze via Georgië naar Nederland.

‘Oké, ga maar zitten, we helpen jullie’, zei een medewerker van de marechaussee toen ze zich meldden op Schiphol. ‘We huilden’, vertelde Natasha eerder tegen de Volkskrant. ‘Het was de eerste keer in ons leven dat een politieagent zoiets tegen ons zei.’

Inmiddels is hun beeld van Nederland gekanteld, vertellen ze in het Eemshotel in Delfzijl. ‘We hoopten hier niet meer te hoeven strijden voor onze rechten’, zegt Natasha. ‘Maar dat is niet zo. Het is moeilijk om lhbti-vluchteling in Nederland te zijn.’

In het aanmeldcentrum in Ter Apel sliepen Natasha en Nate de eerste dagen in een tent zonder privacy. Vooral Natasha voelde zich ongemakkelijk. ‘Om mijn masculiene trekken af te zwakken, smeer ik dagelijks een hormoongel’, zei hen eerder in de krant. ‘Daarvoor moet ik halfnaakt zijn.’

Later, op de Russischtalige afdeling in Ter Apel, werd het stel gepest door Poetin-aanhangers. Die maakten discriminerende opmerkingen en probeerden Nate te koppelen aan een mannelijke asielzoeker. In Farmsum is de situatie niet veel beter.

‘De andere bewoners haten ons’, zegt Natasha.
‘De meesten groeten ons niet’, zegt Nate.
‘En ze stappen niet bij ons in de lift.’

Het stel vertelt dat er in het Arabisch over ze geroddeld wordt. Dat ze nare blikken krijgen als ze naar douche of toilet gaan. En dat andere bewoners het vuur onder hun sudderende pannetjes uitzetten of hoger draaien als ze even de gemeenschappelijke keuken verlaten.

Mede daardoor kampt Nate met angstklachten, waarvoor hij in Groningen behandeld wordt. Ook Natasha is diep ongelukkig. Het stel komt nauwelijks meer de kamer af. Douchen doen ze bij voorkeur na middernacht, vroeg in de ochtend of bij vrienden thuis. ‘Je weet niet of mensen je iets willen aandoen’, zegt Nate.

Natasha en Nate kregen in maart een verblijfsvergunning. Net als andere kersverse statushouders spraken ze daarna met het COA over hun woonwensen. Volgens de eigen website kijkt het COA waar ‘de beste kansen liggen voor integratie en participatie in de Nederlandse samenleving’.

Bij het koppelen van statushouders aan een gemeente houdt het COA rekening met zogeheten plaatsingscriteria. Als mensen ergens eerstegraads familie hebben, worden ze in de buurt geplaatst. Ook een arbeidscontract of een opleiding kan een reden zijn om een woning in een bepaalde regio te krijgen, evenals een medische of psychosociale behandeling die niet elders kan plaatsvinden.

Dat gaat niet altijd goed, zegt asieladvocaat Inge Zuidhoek, die ook Natasha en Nate bijstaat. Ze kent een geval van een vrouw die een woning in Friesland kreeg terwijl ze was toegelaten voor een studie in Tilburg of Delft. ‘Een uurtje in de trein is acceptabel’, zegt Zuidhoek. ‘Maar zelfs dat zat er niet in. Dan heeft er echt iemand geen zin om een goede koppeling te maken.’

Natasha en Nate vroegen aanvankelijk om plaatsing in Den Haag, omdat Natasha daar onder behandeling staat van een specialist. ‘Ik heb veel rugpijn’, zegt hen. ‘Eerst stond ik op een wachtlijst, maar dat duurde lang. Ik heb toen een kliniek gebeld die niet door de verzekering werd gedekt. We betalen het zelf.’

Met een brief van de betreffende arts konden ze een woning in de buurt van Den Haag krijgen, zou een COA-medewerker volgens het stel hebben gezegd. Dat bood hoop, alles zou goed komen.

Het liep anders. Begin mei ontvingen Natasha en Nate een brief van een samenwerkingsverband van Limburgse woningcorporaties. ‘Bedankt voor uw inschrijving’, luidde de eerste zin. Een maand later volgde een brief van corporatie ZOwonen. ‘U gaat de woning Rijksweg Zuid 19 in Geleen huren’, lazen ze. In de envelop zat een voorbeeldcontract.

Het stel nam contact op met Sandro Kortekaas van LGBT Asylum Support, die hen eerder al had geholpen. In een mail aan het COA schreef Kortekaas niet te begrijpen waarom de twee aan Geleen gekoppeld waren, omdat de afstand naar Den Haag ‘volgens regelgeving’ te groot was. Bovendien kampte Nate met suïcidale gedachten. Kortekaas verzocht de koppeling ongedaan te maken en in overleg met het stel een passende oplossing te zoeken. Een inhoudelijk antwoord kwam er niet.

Een maand later zond Kortekaas opnieuw een mail aan het COA, ditmaal vergezeld van een alarmerende brief van de Groningse psychologenpraktijk PsyValens. De suïcidale gedachten van Nate werden beïnvloed ‘door zijn huidige woonsituatie en mogelijk een verplichte verhuizing naar Geleen’, schreven twee psychologen. ‘Op dit moment is hij niet in staat om zonder zorg te leven en is vatbaar voor crisissituaties.’

Ook meldden ze dat Nate hoopte op huisvesting in Groningen, waar hij ‘eindelijk na een jaar op de wachtlijst hulp heeft gekregen voor zijn ernstige depressieve klachten’. Kon het COA daar rekening mee houden?

Veel haalde het niet uit. En dus stapten Natasha en Nate op 2 augustus in een door het COA betaalde taxi naar het zuiden. Vanuit Farmsum zetten ze koers naar Geleen, waar ze de woning zouden bezichtigen waarvan iedereen wist dat ze die zouden weigeren.

Toen ze circa vier uur later in Zuid-Limburg arriveerden, zagen ze dat de voordeur van de woning beschadigd was, ‘omdat er kort daarvoor was ingebroken’, zegt Natasha. Het voelde niet als een veilige plek.

Na een rondje door de kamers vertelden ze de vrouw van de woningbouwver Source: Volkskrant

Previous

Next