Home

Ondeugend ‘baken in het weekend’ was getrouwd met de Volkskrant

Zijn jeugd was naar eigen zeggen rampzalig, bij de Volkskrant beleefde Eelco Meuleman zijn gelukkige – en minder wilde – jaren. Hoewel vrijwel onbekend bij lezers, vervulde hij op de redactie een spilfunctie.

‘Waarom viel ik niet in het zwarte gat waarin iederéén valt na zo’n onheilstijding?’ Eelco Meuleman gaf zelf het antwoord. ‘Het is wel goed zo.’

Hij was jong, 61 jaar, maar hij had het leven van een 80-jarige achter de rug: drank, drugs, seks, liefde, veel vallen en weer opstaan, tot nierkanker met uitzaaiingen het einde inluidde. Hij deed er opgewekt en onthutsend openhartig verslag van in zijn column in de Volkskrant en zijn boek Het leven van een vrolijke kankerpatiënt.

‘Hij zag de mens in de eerste plaats als een tragische figuur die ook maar wat aanploetert’, typeert Volkskrant-hoofdredacteur Pieter Klok hem. ‘Hij hield van verhalen waarin de hoofdrolspelers zo werden geportretteerd. Daar had hij een zwak voor. En hij had een ongelooflijk goed gevoel voor humor.’

Meuleman – als jongetje misdienaar – had een rampzalige jeugd, zei hij zelf. Dat kwam door het slechte huwelijk van zijn ouders dat een worsteling werd. Zijn moeder raakte aan de drank en zijn vader trok zich terug in zijn eigen wereld. Eelco zocht zijn heil buiten het gezin. Een tante, de buren, vrienden, een leraar.

‘Eelco aardde sterk naar zijn vader’, zegt zijn broer Dirk. ‘Ook hij ging heftige emoties uit de weg. In zijn prille jeugd zocht hij troost bij dieren. Op zijn slaapkamerdeur hing een handgeschreven bordje met de tekst: dierenarts voor kleine dieren.’

De broers gingen naar het Jacobus College in Enschede van de paters karmelieten. Eelco werd er hoofdredacteur van Het Komkommertje – de schoolkrant, die hij bijna helemaal zelf volschreef met verslagen van de leerlingenraad, gedichten en filmrecensies. Toch was hij een buitenstaander, zou hij later zeggen. Een prachtig jongetje dat veel voor elkaar kreeg, maar ook eenzaam was, een fremdkörper, nog zonder vrienden en vriendinnen.

Dirk: ‘In de tijd dat ik in Groningen studeerde, kwam ik bijna elk weekend naar huis. Eelco en ik besloten toen dat de tijd rijp was om onze ouders te vertellen dat Eelco homo was. We brachten het nieuws op zondagochtend aan de ontbijttafel. Er viel een lange stilte. Toen sprak mijn vader de gevleugelde woorden ‘dokter Brands heeft daar wel een pilletje voor’. Een oneliner die wij jarenlang te pas en te onpas hebben gebruikt.’

School vermoeide Eelco. Het leven moest meer te bieden hebben. Uit de sigarendoosjes van zijn moeder stal hij geld en stapte in de trein naar Parijs. Daar besefte hij voor het eerst dat hij verder moest in de journalistiek, dat daar zijn toekomst lag. Zijn vader stond hem op te wachten op het station in Enschede, onverwacht en voor het eerst omhelsde hij zijn zoon. Eelco stapte regelrecht naar Tubantia, waar hij werd aangenomen op voorwaarde dat hij zijn school afmaakte.

Na Tubantia kwam NRC, vervolgens de VPRO en vijftien jaar geleden trad hij in dienst van de Volkskrant als eindredacteur en uiteindelijk chef nieuwsdienst. Pieter Klok: ‘Journalisten zeiden vroeger weleens dat ze in de eerste plaats met de krant getrouwd waren, voor Eelco gold dat nog steeds. Hij had een enorme liefde voor de krant en de redactie.’

Lang leidde Eelco een dubbelleven, los van de krant. Was hij vrij van verplichtingen, dan stortte hij zich met hart en ziel op het uitgaansleven, struinde de darkrooms en disco’s af en beleefde hartstochtelijke liefdes waar ook ter wereld. Had hij dienst, dan sloot hij zich volledig af voor al het andere. Een glaasje bier was dan al te veel, vertelt Dirk.

De vijftien jaren bij de Volkskrant waren zijn gelukkige en minder wilde jaren, zei hij vlak voor zijn overlijden. Hij was vrijwel onbekend bij de lezers, maar uiterst geliefd op de werkvloer. Ondeugend, noemden collega’s de gepassioneerde filmkenner en het snedige stijlicoon. Een inspirator, waterdrager en liefdevolle begeleider van de jongere garde. Loyaal aan collega’s, steun en toeverlaat van de hoofdredactie en vooral ‘het baken der weekendwerkers’.

Klok: ‘Hij heeft ongeveer tien jaar lang onafgebroken weekenddiensten gedraaid en was van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat aan het werk. Dat is wereldwijd een unicum, vermoed ik. Hij runde in zijn eentje de krant, hield het nieuws in de gaten, bestelde en begeleidde verhalen en deed ook nog de eindredactie, echt een alleskunner.’

Vanwege zijn rommelige jeugd vond Eelco een vervangend gezin in een hechte vriendenclub met wie hij vakantie vierde, tafelde en zijn zorgen deelde. Deze zomer ging hij snel achteruit. ‘Ik kan nu bijna niks meer doordat ik als een ballon ben leeggelopen’, mailde hij een maand geleden naar allen die hij in zijn appartement op 18 hoog aan het IJ trakteerde op koffie met croissant of met wie hij gado gado at bij Bayu.

Toen leefde hij al vooral op medicijnen. Voor niemand was het een geheim dat hij zelf het moment van zijn dood zou kiezen. ‘Hij is in alle rust afgereisd naar zijn zelfverzonnen hemeltje. Erg mooi, en ontzettend droevig’, appte Dirk, erbij aanwezig met Eelco’s beste vriend. ‘Dat hemeltje had hij zelf verzonnen. De gedachte dat het leven zou wegvallen, kon hij niet aan.’

Michael Wolf was de favoriete fotograaf van Meuleman. Een werk van de Duitse fotograaf hing prominent in zijn woonkamer. Wolf verhuisde in 1994 naar Hongkong en liet zich volop inspireren door de drukke metropool.

Sandro gold als een van zijn favoriete kledingmerken. Meuleman was dol op mooie kleding. Sandro werd opgericht door Evelyne Chétrite, in 1989, en behoort tot de SMCP Group, waaronder ook de merken Majé en Claude Pierlot vallen.

Meuleman keek veel films en series. Succession, de dramaserie rond de familie Logan - eigenaar van het grootste media- en entertainmentbedrijf in de wereld - behoorde tot zijn favoriete oeuvre. De serie ging in 2018 in première en kende dit jaar de slotaflevering.

Source: Volkskrant

Previous

Next