Home

Prima, als de schilder zegt dat hij gaat beuken, dan zal er wel gebeukt gaan worden

‘Over een half uur ben ik bij je’, klinkt het opgewekt in mijn oor, ‘dan gaan we beuken.’ Waarschijnlijk kan er niet echt goed gebeukt worden, want de stuclaag is nog niet helemaal droog. Maar prima, als hij zegt dat hij gaat beuken, dan zal er wel gebeukt gaan worden. Ik ben überhaupt al blij dat hij op komt dagen. Vorige week betaalde ik hem 1000 euro vooraf, ‘materiaalkosten’. Maar hij heeft veel én goede recensies, dus daar vertrouw ik dan maar op.

Even later roept mijn moeder me van beneden. ‘De schilder is er!’ Ik loop de trap af en als ik in de woonkamer kom, is hij al bezig de ramen en kozijnen af te plakken. Het beuken is begonnen. We schudden elkaar de hand. Hij is een blok, draagt een versleten T-shirt en zijn hals is rood verbrand. Hij is iets kleiner dan ik, maar gevoelsmatig torent hij boven me uit. Dat komt vooral door zijn nek, die de omvang heeft van een wijnvat. Zijn schouders hebben niet echt een begin, noch een einde. Roestbruine ogen, met daarin in blik die ik niet kan plaatsen. Wat wil hij? Mij omhelzen, mij opeten? Of misschien toch gewoon beuken?

Over de auteur
Julien Althuisius is schrijver en voor de Volkskrant columnist over het dagelijks leven.

We lopen door het huis heen en hij wijst steeds op de muren en plafonds. ‘Wit, wit, wit.’ Als we boven zijn en alle kamers hebben gehad, vertelt hij dat zijn kuitbeen is gebroken, al een paar maanden. Hij wijst op zijn rechteronderbeen, dat een stuk dikker is dan het linker. Hij dacht eerst dat het gekneusd was, maar het blijkt gebroken. Hij wil geen operatie, want dan moet hij een paar maanden stilzitten. En dat kan niet, er moet gebeukt worden. Terwijl hij vertelt, bestudeer ik zijn tatoeages. Vrijwel elke stroming is vertegenwoordigd. Chinese tekens op zijn benen, Romeinse cijfers op zijn armen. Er zijn ook dieren en tribals. Dan zie ik dat zijn gulp openstaat. Ik zeg er niets van. Omdat het lijkt alsof de gulp überhaupt nooit meer dicht kan. Bovendien, hij kan het hebben.

Het stucwerk is inderdaad nog te nat. Dinsdagochtend komt hij terug. Ik betaal hem nog eens 600 euro contant. Waarom weet ik niet precies, misschien omdat het geld hier aan de bomen groeit. Trouwens, Frans is een schitterende taal, zegt hij tegen mijn vader. Ze praten wat. Als hij een paar minuten later klaar is met afplakken, neemt hij weer afscheid. ‘Au revoir’, roepen mijn vader en moeder in koor. Hij is dan al bij de deur. ‘Bis Tuestag’, antwoordt hij. Tuestag, dan gaat het beuken dus echt beginnen. Of ik ben 1600 euro kwijt. Dat kan natuurlijk ook.

Source: Volkskrant

Previous

Next