Er stevent een ramp op ons af. Nee, niet klimaatverandering, of ja, óók, maar ik bedoel de ‘mentale pandemie’ onder jongeren. Bijna dagelijks lees je in de krant dat een groeiende groep jongeren, met name meisjes, stress, paniek en angst ervaart, dat velen somber en depressief zijn en in steeds groteren getale hulp zoeken bij de ggz, en dat suïcide de meest voorkomende doodsoorzaak is onder de 30 jaar.
Even vaak worden oorzaken en oplossingen geopperd: de prestatiedruk moet omlaag, met minder toetsen, geen bindend studieadvies en hef het predicaat cum laude ook maar op. Het besef daalt bovendien steeds meer in dat we jongeren moeten beschermen tegen de verleidingen van schermen en sociale media; vanaf januari gaat (goddank) een verbod op telefoons in de klas in.
Ze hebben ook veel te verduren, hoor je er dan bij. Inderdaad, de roofbouw op de planeet is nauwelijks te stuiten. Corona heeft ze van een cruciale fase beroofd. Dicht bij huis woedt er een oorlog. Huizen zijn onbetaalbaar voor mensen zonder rijke ouders. Kunstmatige intelligentie gaat veel banen overbodig maken, de wereld overvloeden met desinformatie en wellicht de mensheid op een nog onvoorzienbare manier verzwelgen.
Ja, dat doet wat met je als je jong bent. Vooral als je er vatbaar voor bent. Maar juist die vatbaarheid blijft onderbelicht. In dit debat mis ik een serieus gesprek over een fundamenteel aspect van mentale worsteling: hoe ga je met tegenslag om? Hoe wordt een mens weerbaar, veerkrachtig?
Het lastige is: als je hierover iets zinnigs wilt zeggen, is de kans levensgroot dat je in het kamp wordt geduwd van cynische mensen van een zekere leeftijd (ik probeer het woord boomers hier te mijden) die zeggen dat jongeren verwaande sneeuwvlokjes zijn die nog geen meter buiten een safe space kunnen zetten zonder iets giftigs of traumatisch tegen te komen.
Laten we eens, zonder gemakzuchtige oordelen, naar deze kwestie kijken. Het is goed dat het stigma op mentale problemen verdwijnt, waardoor meer mensen zich durven melden met klachten. Maar zitten er misschien ook negatieve kanten aan de manier waarop we met jongeren praten over sociale veiligheid, worsteling, trauma en psychische schade?
‘We moeten jongeren leren leven in een wereld die fysiek tamelijk veilig is, maar vol kwetsende uitingen is’, zegt Jonathan Haidt, een hoogleraar sociale psychologie die zich verdiept in de mental health crisis onder Amerikaanse jongeren. Hij pleit ervoor kinderen vroeger zelfstandig te maken – en zo klaar te stomen voor falen later – en hun op school al te leren om piekeren en doemdenken tegen te gaan.
In een boek dat binnenkort uitkomt betoogt Haidt dat rond 2013 Amerikaanse studenten in ‘Drie Grote Onwaarheden’ begonnen te geloven. 1) Dat ze kwetsbaar zijn en beschadigd kunnen worden door boeken, sprekers en woorden. 2) Dat hun emoties – vooral hun angsten – betrouwbare raadgevers zijn om zich te laten gidsen door de werkelijkheid. 3) Dat de samenleving bestaat uit slechts slachtoffers en onderdrukkers, je bent goed of slecht.
Nu is Amerika altijd wat extremer dan Nederland, maar er zijn aanwijzingen dat deze tendensen zich ook hier voordoen. Docenten aan universiteiten vertelden in de Volkskrant dat zij soms confronterende materie mijden omdat studenten anders te gekwetst raken. Zo was er een tekst over Dracula waarin uitgemergelde vrouwen werden verheerlijkt – wat volgens een student schadelijk zou zijn voor studenten met eetstoornissen.
‘Ik krijg net als veel van mijn collega’s regelmatig klachten van studenten dat ze zich tijdens de les onveilig voelen omdat ik hun een vraag stel’, schreef UvA-hoogleraar Bas van den Putte in november in Folia. ‘Ze geven aan dat ze daardoor gestrest in de klas zitten.’ Als zulke basale elementen van onderwijs als onveilig worden gezien, is er iets mis. We moeten hier niet in mee bewegen, maar een tegenwicht bieden.
Hoe? Gelukkig is er veel interessant onderzoek gedaan naar veerkracht. Het blijkt dat weerbare kinderen – hoeveel pech ze ook hebben – het gevoel hebben controle te hebben over hun leven, alsof ze de meester van hun lot zijn. Andersom geldt: als je het idee hebt dat alles je overkomt, dat je het slachtoffer bent van je omstandigheden, dan ben je niet goed bestand tegen obstakels en ontbering. En dan ben je meer geneigd tot depressiviteit. Helaas groeit volgens enquêtes die tweede groep in de VS.
Het goede nieuws is: dit kun je trainen, slachtofferdenken valt te keren. En ook weerbaarheid kun je kweken. Zie het als het trainen van spieren, zegt psychiater Richard Friedman, die 22 jaar studenten op de Cornell Universiteit steun bood. ‘We vinden het normaal om naar de sportschool te gaan en spierpijn te hebben. Maar als het om emoties gaat, zou blootstelling aan pijn opeens nadelig zijn.’
No pain no gain, zeggen de fitboys en -girls graag. Die houding kan in de sportschool van het leven veel problemen voorkomen.
Source: Volkskrant