Het is een icoon in de hoofdstad: het bakstenen pand 'De Krakeling' kleurt sinds 1887 het centrum, op een steenworp afstand van het Leidseplein. Het monumentale pand diende de afgelopen decennia als jeugdtheater en daarvoor was het een gymzaal en clubhuis voor verschillende turnverenigingen.
Jeugdtheater De Krakeling verhuisde in 2020 omdat het pand toe was aan een nieuwe fundering, maar de naam 'De Krakeling' bleef hangen in de volksmond. De eigenaar besloot om daarna meteen te renoveren, samen met Kodde Architecten en aannemer GF Deko. Na sport, theater en leegstand krijgt de zaal nu een kantoorfunctie.
Zo'n iconisch monument restaureren is een eer voor het Amsterdamse bureau. "Mijn kinderen én ikzelf hebben hier nog op het toneel gestaan", zegt Alexander van Rath, een van de architecten. Samen met Nicole Sieben en Hans Kodde werkte hij drie jaar lang aan het project. Het gebouw moest zijn iconische uitstraling behouden en tegelijkertijd voorloper worden op gebied van duurzaamheid.
Bij een 136 jaar oud monument is dat nogal een uitdaging, die de architecten maar al te graag aangingen. En dat zónder te isoleren of het enkele glas te vervangen.
Waar de ongeïsoleerde negentiende-eeuwse turnzaal altijd met gas verwarmd werd, is het na een verbouwing van drie jaar overgestapt op duurzame energiebronnen. NU.nl mag een kijkje nemen als de laatste voorbereidingen worden getroffen voordat het pand in gebruik wordt genomen.
Van buiten geeft het pand bijna exact dezelfde uitstraling als voorheen; ook binnen valt genoeg te herkennen. Originele details, zoals de groene veranda, de drakenkoppen en de metalen stangen aan het plafond, bleven behouden. Net als de galerij die door het hele pand loopt. Op de muren zijn (voor sommigen) inspirerende teksten in ouderwets geschrift te lezen, waaronder "Zeggen is goed maar doen is beter". Die spreuken komen nog uit de tijd dat er fanatiek gesport werd.
Door de herfundering moest de originele vloer verwijderd worden en lag deze helemaal open. De architecten kregen vrij spel om acht bodembronnen van 175 meter diep te boren, aangesloten op drie warmtepompen. Die bronnen kunnen het hele pand in de winter verwarmen en 's zomers koelen. De gasketel behoort hier dan ook voorgoed tot het verleden.
Ook zijn de tribunes en het podium in de theaterzaal verdwenen en hebben die plaatsgemaakt voor een enorme, vrijstaande constructie van hout en staal met daarin werkplekken. Maar het heeft ook nog een andere functie. "Zie het als een hele grote radiator", zegt architect Hans Kodde.
De staalconstructie met vloerverwarming verwarmt de hele ruimte. Samen met een in het dak verwerkt warmte-terugwin-systeem zorgt het bouwwerk ook voor de ventilatie van het pand. "Je wilt daarvoor niet eindeloos energie hoeven opwekken", zegt Kodde. Het scheelt zo'n 15 procent in het stoken.
De buizen die lucht vervoeren zijn daarbij zó in de constructie opgenomen dat deze deel zijn geworden van het ontwerp. Op die manier konden de architecten de grote luchtbuizen, die vaak te zien zijn bij gebouwen met een publieke functie, buiten het zicht houden. Van Rath: "We wilden geen parade van luchtbuizen aan een monumentaal plafond."
Verder liggen er 64 zonnepanelen op het zuiden van het dak. Daardoor verbruikt het monumentale pand van 900 m2 in een jaar tijd dezelfde hoeveelheid stroom als 3 huishoudens, in plaats van ongeveer 25. "Daar zijn we echt wel trots op."
Het was een miljoeneninvestering, maar toch was het voor de eigenaar en de architecten van begin af aan een "must" dat het pand helemaal duurzaam werd. Tegelijkertijd moest het monument zoveel mogelijk in authentieke staat blijven en binnen de regels voor monumenten van de gemeente passen.
De originele ramen (enkel glas) vervangen, of de gevel isoleren was daarom al uitgesloten. Terwijl dat normaal gesproken juist de eerste stappen zijn als een pand verduurzaamd wordt. Het vergde creatief nadenken van de architecten, die al eerder soortgelijke projecten deden in de hoofdstad. Onder meer een historisch danstheater op de Kloveniersburgwal en het voormalige stadsdeelkantoor in het Westerpark.
Toch is niet elk historisch pand geschikt om compleet van het gas te gaan, volgens de architecten. Smalle panden met veel ruimtes of met kleine daken bijvoorbeeld, waar geen mogelijkheid is voor nieuwe fundering. "Een monument isoleren is moeilijk, je kunt dat natuurlijk niet hetzelfde aanpakken als nieuwbouw", zegt Kodde. Van Rath: "Het is elke keer een leerschool."
Ze merken dat de meeste renovatieprojecten op dit moment nog hybride zijn: "Je ziet meestal een warmtepomp naast de gasketel." Toch zien de ontwerpers een heldere toekomst voor zich. "Gasloos restaureren is binnenkort de standaard", zegt Kodde. "Tot die tijd moeten we het op zijn minst proberen. Want het kan écht."
Dit is deel 3 in een zomerserie over innovatieve projecten die Nederland duurzamer maken.
Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen
Source: Nu.nl economisch