Ivo Niehe is terug, en dat is goed nieuws voor iedereen. Nu ja, echt weg was Niehe natuurlijk ook weer niet, maar los van een kabbelend zondagochtendprogramma en een mediatour om zijn boek te promoten was het akelig stil aan het Niehe-front. En dat is eeuwig zonde. We zijn in Nederland al niet bepaald goed in het bewonderen van mensen met talent, en dan wordt Niehe – de man die het concept ‘bewondering’ eigenhandig uitvond – ook nog op de reservebank geplaatst. Een grove schande.
Gelukkig mag hij op een kleine zomerreprise met Lucas en Arthur Jussen op wereldtournee, een drieluik over de broers die wereldwijd indruk maken met hun pianospel. Laat het maar aan Niehe over om de wonderboys van de pianowereld (nog altijd pas 30 en 26 jaar oud) achterna te reizen van Parijs tot Wenen, en de loftuitingen op elk mogelijk moment over ons uit te storten.
De eerste aflevering begint niet voor niets met een compilatie van internationale nieuwsprogramma’s en krantenkoppen waarin de broers op het podium worden gehesen als uitblinkers in de pianowereld. En dan, na een ruime minuut smachten, klinkt daar plots dat zoetgevooisde stemgeluid: de televisiestem die alle andere televisiestemmen voorgoed overbodig maakt, als Niehe een rij wereldsteden opsomt waar de broers hebben opgetreden. São Paulo. Seoul. Vancouver. Dallas. Wenen. Tokio. Amsterdam. Ook die steden konden trots zijn dat ze door Niehe met zó veel bezieling werden aangestipt.
De objecten van bewondering bleken zelf vooral keurige gymnasten, die totaal ongevoelig zijn voor de geneugten van het sterrenbestaan. De broers zijn dagelijks te vinden in de fitnessruimte, bewonen brandschone Amsterdamse appartementen en eten in wereldsteden als Wenen en Parijs, om op de conditie te letten, vooral niet te veel lokale lekkernijen (jammer voor de lokale horeca, maar de kijker werd in ieder geval verwend met de manier waarop Niehe het woord Kaiserschmarren uitspreekt).
Uit archiefbeelden en gesprekken met familieleden en de broers zelf, bleek dat het exceptionele er eigenlijk altijd al in zat. Maar verder zijn de gebroeders Jussen toch vooral doodgewone, aardige jongens gebleven, aan wie je in een ander leven zomaar je belastingaangifte had kunnen toevertrouwen. Nee, voor de rafelrandjes hoefden we dit drieluik in ieder geval níét aan te zetten.
Dat kun je beschouwen als ietwat saaie televisie, ware het niet dat we gelukkig altijd kunnen terugvallen op de grenzeloze bewondering van de maker. Misschien moeten we het omschrijven als ‘niehelisme’: zelfs als het allemaal een beetje leeg voelt, is daar de bezielende viering van Niehe, waardoor het vanzelf wel boeiend en inspirerend wordt.
Niemand is uiteindelijk zo goed in het vieren van succes als hij. Laten we alle brokjes Niehe daarom vooral koesteren zolang het kan. In een land dat allergisch lijkt voor succesverhalen, moet íémand die verhalen blijven vertellen.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden