Derdelanders zijn mensen die tijdelijk in Oekraïne verbleven toen ze moesten vluchten voor de oorlog. Het gaat voornamelijk om Syriërs en mensen uit Afrikaanse landen die daar waren voor werk of studie. Ze hebben geen Oekraïens paspoort.
De groep viel eerst onder dezelfde regels als andere Oekraïense vluchtelingen en genoten dus tijdelijke bescherming. Vanaf september is dat niet meer het geval en wordt hun tijdelijke verblijfsvergunning opgeheven. De mensen moeten dan asiel aanvragen of terug naar hun land van herkomst.
De IND, de Raad voor de Rechtsbijstand en VluchtelingenWerk hebben grote twijfels of dat wel mag. Daarom zijn ze voor twaalf derdelanders een proefproces gestart. De uitspraak van woensdag is onderdeel van het eerste. Het doel is om door te procederen tot de hoogste rechter om erachter te komen of het kabinetsbesluit standhoudt.
De zaak van woensdag gaat over een Tanzaniaan die uit Oekraïne is gevlucht. In zijn geval vindt de rechtbank van Rotterdam dat de overheid zijn tijdelijke verblijfsvergunning mag intrekken. De Tanzaniaan gaat in hoger beroep tegen die uitspraak, meldt VluchtelingenWerk.
Maar dat hoger beroep is waarschijnlijk nog niet klaar als de nieuwe regels begin september ingaan. Volgens Vluchtelingenwerk leidt dat tot juridische onzekerheid. De organisatie verzoekt demissionair staatssecretaris Eric van der Burg (Asielzaken) de tijdelijke bescherming nog niet op te heffen.
Gemeenten spraken eerder al hun zorgen uit over het plan van het demissionaire kabinet. Ze vrezen dat deze mensen straks op straat belanden als ze niet meer in de gemeentelijke opvang mogen blijven.
Er zijn nog zo'n 2.900 derdelanders in Nederland, van wie een groot deel nog geen gehoor heeft gegeven aan de oproep om terug te gaan. Van der Burg besloot daarom begin deze maand de terugkeerregeling voor de groep te verlengen.
Source: Nu.nl algemeen