Home

Geheime innovatie sleutel in het baanwielrennen

Op het WK baanwielrennen in Glasgow worden niet alleen titels verdeeld, het is ook een podium voor geheimzinnigheid en onrust: het is de laatste kans voor landen om nieuw, innovatief materiaal aan te melden. Anders mag het niet gebruikt worden op de Zomerspelen van Parijs volgend jaar. ‘Iedereen wil zo sneaky mogelijk zijn’, zegt Harrie Lavreysen. ‘Want anders kan het nog nagemaakt worden.’

En dus brengen veel landen hun meest veelbelovende materiaal tijdens dit WK hooguit één keer in de baan. Liefst bij een onbekende rijder, op een ongebruikelijk nummer waar doorgaans zo min mogelijk mensen naar kijken. ‘Landen willen niet hebben dat het opvalt als er een gekke helm of een speciaal pak is’, zegt Lavreysen, die maandagavond voor de dertiende keer in zijn leven wereldkampioen werd.

In het baanwielrennen is aerodynamica een grote factor. De fiets, maar ook helmen, kleding, schoenen, of hoezen voor óver de schoenen: alles kan een snellere eindtijd opleveren in de sport waar de marges voor winst of verlies soms klein zijn.

Over de auteur
Lisette van der Geest is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft al ruim tien jaar over olympische sporten als schaatsen, tennis, judo, handbal en zeilen.

Lavreysen en teamgenoot Jeffrey Hoogland noemen hun discipline de Formule 1 van het wielrennen. Winst boeken draait op de baan om kleine marges, om details. Baanwielrennen is puur, legt Hoogland uit. Er zijn geen invloeden van buitenaf: geen wind, regen of gebouwen. ‘Daardoor is veel te winnen op techniek en aerodynamica en kun je snelheid kopen.’

De regel voor de Spelen van Parijs is dat materiaal voor iedereen vanaf 1 januari 2024 in de winkel beschikbaar moet zijn – al komen daarbij soms wel bedragen langs van bijvoorbeeld 8.000 euro voor één wiel. ‘Een soort koude oorlog’, noemt bondscoach Mehdi Kordi dat: bedragen vragen die lang niet voor iedereen betaalbaar zijn. De Britse ploeg steekt er met kop en schouders bovenuit. Kordi: ‘Zij hebben zes keer zoveel budget als wij.’

De andere ‘Parijs-regel’ luidt: nieuw materiaal moet uiterlijk op dit WK zijn aangemeld. Hierna mogen landen niets nieuws meer introduceren tot na de Spelen. Alles werd voor het toernooi in Glasgow ingescand, in 3D. Er werden foto’s van gemaakt. En om concurrenten zand in de ogen te strooien, werden extra producten geregistreerd. Bovendien is er voldoende tijd om ze te testen.

‘Iedereen doet dit op het laatste moment, nu bij het WK’, zegt meervoudig olympisch kampioen Lavreysen. ‘Want je wilt zo lang mogelijk geheimhouden wat je doet. De Britten hebben hier volgens mij iets van twintig pakken laten registreren. Maar er is er maar één de snelste. Doen ze expres.’

Lavreysen weet exact wat er nu in Nederland beschikbaar is aan materiaal, al heeft hij nog niet alles geprobeerd. ‘Ik wil nu niet mijn Parijs-materiaal hebben’, zegt hij beslist. ‘Dat moet iemand anders deze week testen.’ Dan, na een kort lachje: ‘Maar daar kan ik niet te veel over zeggen.’

Groot-Brittannië heeft de grootste historie als het aankomt op innovaties in het baanwielrennen. De Brit Sir Chris Hoy, baangrootheid en naamgever van het velodrome waar dit WK gereden wordt, reed twaalf jaar geleden al op materiaal dat nu niet zou misstaan. Hugo Haak, voormalig bondscoach en nu aanwezig als assistent-coach: ‘De Britten waren jarenlang echt ver, ver, ver voor op ons.’

Ook in 2007, toen de baanfiets van Theo Bos met veel bombarie werd gepresenteerd in aanloop naar de Spelen van Beijing. De ontwikkeling had een half miljoen euro gekost. Als je nu de foto’s bekijkt, zegt Haak, zie je in Beijing en vooral bij de Spelen daarna in Londen een groot verschil tussen de Britten en de anderen. ‘Maar daar in Beijing en Londen zag nog niemand dat. Bij ons stond alles nog in de kinderschoenen.’

Tegelijk weet Haak, bondscoach tijdens de Spelen van Tokio, dat al het nieuwe materiaal renners gek kan maken. Soms wordt er prijzig materiaal besteld zonder exact te weten of het daadwerkelijk goed is. En er is zoveel in omloop, dat het ook altijd een gok is.

Materiaalliefhebbers Haak, Hoogland, Lavreysen en Kordi kijken dit WK vooral nieuwsgierig naar fietsen en helmen. Andere kledingstof is moeilijker te onderscheiden. ‘De nieuwste ontwikkeling van nu is twee zadelpinnen, die achter je benen zitten in plaats van in het midden’, zegt Lavreysen. Of een wiel met drie spaken in plaats van de gebruikelijke vijf. ‘Je maakt het materiaal kwetsbaarder’, is het oordeel van Hoogland over die innovatie.

De fiets van Jack Carlin, de tegenstander van Lavreysen in de halve finale van de sprint, had zowel opvallend wijde voorvork als achterbrug. Die constructie van de delen die frame en wiel aan elkaar verbinden moet de wind voor de knieën breken.

Hoogland, die maximaal trappend met zijn grote gespierde benen meer kracht levert dan wattagemeters kunnen meten – regelmatig sneuvelt materiaal bij de sprinter – heeft er zijn twijfels bij: ‘Ik kan me niet voorstellen dat het stijf genoeg is om daar je power op kwijt te kunnen. En als ik een fiets niet stijf genoeg vind, vind ik dat een vouwfiets.’

Op een vouwfiets kun je niet sprinten. Hoogland denkt dat engineers de krachten van sprinters onderschatten. Onrustig wordt hij er absoluut niet van. ‘Wij hebben een Koga (fietsmerk, red.) die puur gebouwd is op de sprint.’ Kordi, die naast bondscoach ook bewegingswetenschapper is: ‘Ik ben zeker van onze eigen fietsen, van ons eigen wetenschappelijk team.’

Wel hekelen de bondscoach en Hoogland het verschil in mogelijkheden tussen landen. Het is dan wel vrij verkrijgbaar, op papier voor iedereen aan te schaffen, maar als de kosten maar hoog genoeg zijn, kunnen alleen de rijkere landen erover beschikken. ‘Snelheid is te koop’, zegt Hoogland. ‘Als je uit een arm land komt, ben je in het nadeel. Dat vind ik eigenlijk niet juist in de gedachte van: een-op-eengevechten winnen.’

De afgelopen acht jaar zijn er grote stappen gezet op het gebied van ontwikkeling. De grote rek is eruit, denkt Lavreysen, nu gaat het om kleinere verschillen. ‘Maar je weet nooit wie het nieuwe wiel uitvindt.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next