Waarom zou je 500 dollar per maand betalen voor een Tinderabonnement? Simpel: omdat anderen het op prijs stellen dat jij dat blijkbaar kan.
Vrijgezellen die hun hun kansen op de online vleesmarkt aanzienlijk willen verbeteren, doen er goed aan om ‘Everything I Ever Needed to Know About Economics, I Learned from Online Dating’ te lezen. De belangrijkste adelbrief die ik kan bedenken, is dat het vermakelijke boek is geschreven door een Amerikaanse hoogleraar economie, Paul Oyer.
Ik pik er hier een belangrijke les uit, die gaat over hoe je kunt signaleren dat je de moeite waard bent. Vermijd daarbij onrealistische claims en grove leugens, maar een beetje overdrijven mag, zegt Oyer, want iedereen doet het en je kunt niet achterblijven. We doen ons allemaal graag beter voor dan we zijn.
Over de auteur
In Van Kapitaal Belang duikt verslaggever Daan Ballegeer in boeiende en opmerkelijke economische gebeurtenissen.
Dat geldt onder meer voor status en geëtaleerde rijkdom. Oyer merkt op dat mannen gemiddeld meer kans hebben op een reactie op een datingsite als ze beweren veel geld te verdienen. Maar praatjes alleen zijn goedkoop. ‘Ze moeten die onderbouwen door op de een of andere manier aan hun date te laten zien dat ze echt veel geld hebben.’
Daar heeft Oyer enkele suggesties voor. Zo kun je bij de eerste date bankbiljetten in brand steken om te laten zien dat je dat geldverlies makkelijk kunt hebben. Een effectief signaal, dat wel, ‘maar ook een dat vragen oproept over je psychisch welzijn’. Nee, dan kun je volgens Oyer beter ter plaatse een cheque uitschrijven voor een goed doel naar keuze van je date.
Idealiter wil je bij de zoektocht naar de juiste partner zoveel mogelijk onwenselijke kandidaten vermijden (al dat scrollen betekent namelijk zoekkosten), en de kansen op een match met iemand van je doelgroep vergroten.
Laat ons even bij het financiële aspect blijven en veronderstellen dat je het belangrijk vindt dat je toekomstige wederhelft rijk is en geld belangrijk vindt, omdat jijzelf ook veel duiten hebt en daar groot belang aan hecht. Hoe kun je dat alles op een geloofwaardige manier signaleren? Iedereen kan op zijn Tinderprofiel de indruk wekken welgesteld te zijn (huur wat dure kleding en laat je fotograferen naast de dure auto verderop in de straat).
Aan dat vraagstuk moest ik denken bij het bericht dat datingwebsite Tinder werkt aan een ‘super luxe’ abonnement dat ergens deze herfst wordt gelanceerd. In ruil voor een maandelijkse bijdrage van 500 dollar (460 euro) krijg je bij deze Tinder Vault.. ja, wat eigenlijk? Het bedrijf is nog altijd vaag over wat de ‘high-end lidmaatschapservaring’ gaat inhouden.
Misschien doet het er niet eens zoveel toe. Er zijn meerdere redenen waarom bedrijven verschillende prijsniveaus instellen. Om extra diensten aan te bieden bijvoorbeeld. Dat doet Tinder al met de premiumabonnementen Tinder Plus, Tinder Gold en Tinder Platinum. Daarmee heb je bijvoorbeeld de mogelijkheid om buiten je huidige locatie te zoeken en verschijnt je profiel vaker bij mogelijke paramours.
Die mogelijkheden zijn verre van uitgeput. Tinder kan betalende opties toevoegen om alleen potentiële partners te zien met linkse politieke overtuigingen bijvoorbeeld, of een bepaald opleidingsniveau.
Een andere mogelijke reden om veel geld te vragen voor een abonnement, is omdat het dan een Veblen-goed wordt. De Amerikaanse econoom Thorstein Veblen (1857-1923) bedacht de term ‘opzichtige consumptie’, waarbij mensen iets kopen om er zich mee te onderscheiden van minderbedeelden.
Een mooi voorbeeld daarvan was te vinden tijdens het fin de siècle, toen vrouwen graag jurken droegen die totaal ongeschikt waren voor welke nuttige inspanning dan ook. Zo lieten ze duidelijk zien dat ze nooit aardappels hoefden te schillen, of ramen moesten lappen.
Wie 500 dollar per maand kan neertikken voor een Tinder-abonnement, signaleert daarmee tot een aparte sociale klasse te behoren. De belangrijkste dienst die Tinder dan misschien kan aanbieden, is dat abonnees kunnen swipen in een vijver die bestaat uit andere luxe-abonnees. Het is daarmee dan een online voortzetting van wat sinds mensenheugenis in de fysieke wereld bestaat. In een champagnebar waar je 15 euro voor een glas neertelt, tref je ook een andere inkomensklasse aan dan in het volkscafé om de hoek.
Tinder zou niet de eerste zijn om zich hieraan te wagen. Het is de essentie van The League, een datingapp die al in 2014 is gelanceerd. Het goedkoopste abonnement bedraagt er 300 dollar per maand en het duurste 1.000 dollar. Alleen al dat je de dienst mág gebruiken heeft een grote signaalfunctie, want er is een lange wachtlijst. Je moet jong en ambitieus zijn, goed opgeleid en met goed werk, en op zoek zijn naar andere jonge en ambitieuze professionals, aldus oprichtster Amanda Bradford. Hier staat dus een rij aan te schuiven aan de champagnebar, waar een portier wikt en weegt wie binnen zijn pot mag verteren.
De concurrentie tussen deze twee apps zal sowieso relatief zijn, aangezien Tinders moederbedrijf Match Group vorig jaar The League heeft gekocht.
Tinder kan ook voor de basisversie, die gratis is, nieuwe diensten bedenken waarmee iemand op financiële wijze kan benadrukken dat de interesse oprecht is. Oyer heeft een origineel voorstel. ‘Stel je voor dat je een bericht krijgt van je online datingservice waarin staat: ‘Mick349 heeft namens jou 10 dollar gedoneerd aan de Springfield Soup Kitchen. Bekijk zijn profiel op...’ Je zou waarschijnlijk dat profiel bekijken en hem een kans geven, toch?’
Source: Volkskrant