Een stokoud medicijn tegen jicht, dat wordt gewonnen uit een plant, en bij hartpatiënten zo effectief is dat de gebruikelijke medicijnen erbij verbleken. Geen wonder dat het Amerikaanse ABC News daar op dinsdag 20 juni mee uitpakt en de chief medical correspondent in de studio uitleg komt geven over het nieuwe medicijn dat geneesmiddelenautoriteit FDA die dag heeft goedgekeurd. Farmaceut Agepha Pharma schrijft in een opgetogen persbericht over de ‘baanbrekende behandeling’ die dankzij het familiebedrijf op de markt komt.
Aan de andere kant van de wereld horen Nederlandse cardiologen het nieuws met verbijstering aan. Het gaat om hun onderzoeksresultaten, om hun jarenlange geploeter, om investeringen van Nederlandse bedrijven. De farmaceut is er schaamteloos mee aan de haal gegaan, zonder er ooit een cent aan te hebben uitgegeven. Zelfs de naam is gekaapt. Het nieuwe hartmedicijn blijkt Lodoco te heten, het is de naam van het grote patiëntenonderzoek dat de Nederlandse artsen samen met Australische collega’s hebben uitgevoerd.
Over de auteur
Ellen de Visser is medisch redacteur op de wetenschapsredactie van de Volkskrant en auteur van de bestseller Die ene patiënt, waarin zorgverleners vertellen over een patiënt die hun kijk op het vak veranderde.
De prijs van het medicijn is nog onbekend, maar de farmaceut heeft aangekondigd dat patiënten die zich het middel niet kunnen veroorloven, zullen worden ondersteund. ‘Nou, dan weet je het wel’, verzucht de Nijmeegse hoogleraar cardiologie Jan Hein Cornel. Hij is ‘behoorlijk narrig’, zegt hij, om persoonlijke redenen maar ook omdat die kaping de nekslag zou kunnen betekenen voor toekomstig onderzoek.
Wat ging er mis?
Colchicine heet het middel waar het allemaal om draait, een stof oorspronkelijk afkomstig uit het bolgewas herfsttijloos. Het werkt als ontstekingsremmer en wordt voorgeschreven tegen jichtaanvallen. Australische en Nederlandse cardiologen bewijzen dat de jichtpil ook hartpatiënten kan helpen. In 2020 verschijnen hun resultaten in een wetenschappelijk toptijdschrift: bij patiënten die een hartinfarct hebben gehad, verlaagt colchicine het risico op een nieuw hartinfarct of beroerte met 30 procent. Het grootschalige onderzoek, onder 5.500 patiënten, is gefinancierd door Nederlandse en Australische (overheids)fondsen en fabrikanten van generieke medicijnen, medicijnen die van het patent af zijn.
Het komt vaker voor dat oude medicijnen worden hergebruikt, er zijn tientallen voorbeelden bekend. Voordeel van die tweedehandsjes is dat er al veel kennis is, onder andere over de veiligheid van het medicijn, wat tijd en onderzoeksgeld scheelt. Om een nieuw geneesmiddel op de markt te brengen, is minstens 800 miljoen euro nodig, het budget van de colchicine-studie was daarvan 1 procent, zegt cardioloog in opleiding Aernoud Fiolet.
In zijn proefschrift heeft hij de kosteneffectiviteit van colchicine berekend: om één hartinfarct, beroerte of sterfgeval te voorkomen, moeten drie jaar lang 40 patiënten worden behandeld, en dat voor slechts 60 tot 113 euro per patiënt per jaar. Dat is een veel betere kosten-batenverhouding dan die van cholesterolverlagers of bloeddrukpillen.
Artsen mogen medicijnen ook voor een andere ziekte voorschrijven dan waarvoor ze zijn geregistreerd: de jichtpil kan in theorie ook naar een hartpatiënt. Maar ideaal is dat off-labelgebruik niet, omdat controles ontbreken. Veel beter is het om bij de geneesmiddelenautoriteiten colchicine ook voor hartpatiënten te registreren. Alleen, die registratie blijft uit.
Om een medicijn te registreren, is een gedetailleerd klinisch onderzoeksrapport nodig waarvoor van alle patiënten de gegevens worden geanalyseerd. De cardiologen hebben daar de tijd en de kennis niet voor, het werk uitbesteden kost tonnen. Geld dat opnieuw door de Nederlandse fabrikanten moet worden opgehoest. En die weigeren.
Na publicatie van de onderzoeksresultaten hebben de directeuren van fabrikanten Teva en Tiofarma het ministerie van Volksgezondheid en de zorgverzekeraars om hulp gevraagd. Ze hoeven er niet rijk van te worden maar ze willen wel hun investeringen terugverdienen. Colchicine kost 3 euro per patiënt per maand, daar valt weinig meer aan te verdienen. Hun verzoek: geef een paar jaar exclusiviteit, als bescherming tegen kapers. Want een generiek medicijn mag door iedereen worden gemaakt en zorgverzekeraars vergoeden vaak de goedkoopste variant. En betaal dan in die periode geen 3 maar 9 euro per maand voor de jichtpillen die naar een hartpatiënt gaan.
Geen sprake van, is de reactie. De hartpatiënt en de jichtpatiënt krijgen dezelfde pil en de wet en het vergoedingssysteem verbieden dat daar een prijsverschil tussen ontstaat.
‘We hadden dus vals moeten spelen’, concludeert directeur Hans Waals van Tiofarma. Voorbeelden genoeg waarbij een farmaceut ontdekte dat een bestaand medicijn ook tegen een andere kwaal werkt, daar ietsje aan sleutelde, en de prijs verhonderdvoudigde. ‘Fratsen’, noemt Waals dat, en dat is precies wat hij en zijn collega’s niet willen. ‘Maar bied ons dan een alternatief.’
Na anderhalf jaar stilstand besluiten de twee fabrikanten om alsnog, op eigen kosten, het registratiedossier te laten maken. Het project is te mooi om te laten lopen, vinden ze. De cardiologen schrijven er in hun avonduren aan mee.
Ruim tien jaar geleden vroegen de Australische cardiologen patent aan op de werking van colchicine bij hart- en vaatziekten. Maar de kosten om een patent te behouden zijn hoog en al snel werd hen duidelijk dat het patent niet verdedigbaar zou zijn: het gaat om een stof die al duizenden jaren bekend is en waarvan het ontstekingsremmende effect al is beschreven. Toen de directeur van farmaceut Agepha zich in 2013 meldde, kon hij het patent makkelijk overnemen. Aan verder onderzoek wilde hij niet meebetalen.
Het blijkt een slimme zet te zijn geweest. In de Verenigde Staten was colchicine tot nu toe alleen als pil van 0,6 milligram beschikbaar, terwijl het Australisch-Nederlandse onderzoek is gedaan met 0,5 milligram. Daarom besloot Agepha voor de Amerikaanse markt een kleinere variant te maken, die nu door de geneesmiddelenautoriteit FDA is goedgekeurd. Die ietsje kleinere pil levert het bedrijf marktexclusiviteit op. Daar is niks illegaals aan, maar het is wel precies waar de Nederlanders voor waarschuwden.
In het persbericht citeert Agepha de studieresultaten van de Nederlands-Australische groep, in de bijsluiter staat de veiligheidsinformatie die de cardiologen na jaren onderzoek hebben vergaard. Verbazingwekkend, vinden de Nederlanders, dat de FDA de aanvraag heeft gehonoreerd zonder inzicht in de achterliggende patiëntgegevens en veiligheidsdata, waarover alleen de onderzoekers beschikken.
Als de Nederlandse fabrikanten drie jaar geleden nou afspraken hadden kunnen maken over het terugverdienen van hun investeringen, klinkt het, dan hadden ze doorgepakt en was het medicijn nu al in Europa geregistreerd geweest. Dan waren ze de farmaceut voor geweest, want die heeft pas onlangs in Europa patent aangevraagd. ‘We zijn gewoon te laat’, concludeert directeur Waals.
Toch laten ze het er niet bij zitten. De fabrikanten hebben juristen opdracht gegeven het patent aan te vechten dat in Australië als waardeloos werd betiteld. Als ze daarin slagen, dan kan de Amerikaanse farmaceut in Europa geen voet aan wal zetten. De hoop is bovendien dat de Europese geneesmiddelenautoriteit strenger is dan de Amerikaanse FDA en bij de registratie van het medicijn wél om achterliggende gegevens vraagt. Dat rapport dus waar de fabrikanten en de cardiologen nu al maanden op ploeteren.
Demissionair minister Kuipers is op de hoogte van de colchicine-kwestie. Hij zoekt naar mogelijkheden, zei hij begin deze maand tegen de Tweede Kamer, om onderzoek naar bestaande medicijnen aantrekkelijker te maken. Zo zijn er Europese plannen voor vier jaar gegevensbescherming, wat inhoudt dat in die periode alleen de onderzoekers een hergebruikt medicijn op de markt mogen brengen.
Er wordt al jaren van alles beloofd, aldus de fabrikanten, maar het blijft bij goede voornemens. ‘We hebben overal bijeenkomsten gehad met mensen van alle mogelijke instanties’, zegt Waals, ‘maar er verandert helemaal niks.’
Er zijn nog zo veel beloftevolle, goedkope medicijnen te onderzoeken, weet hij, maar voor dat soort onderzoek zijn investeringen nodig van de fabrikanten. ‘En als ze die niet kunnen terugverdienen, stoppen ze ermee.’ Een van de fabrikanten is vanwege gebrek aan perspectief al uit de onderzoeksgroep gestapt.
Natuurlijk voelt de registratie van de FDA ook als een erkenning van hun werk, zegt cardioloog in opleiding Fiolet. En voor patiënten zal het medicijn ongetwijfeld beschikbaar komen, ongeacht de fabrikant en de prijs. Maar prijsopdrijving was nou precies wat hij en zijn collega’s wilden voorkomen. Het geeft ze een vervelend gevoel dat het commerciële medicijn de naam draagt van het onafhankelijke patiëntenonderzoek dat zij ooit opzetten. ‘Het wekt de indruk dat we eraan verdienen.’
Farmaceut Agepha laat weten: ‘Na meer dan tien jaar hard werken, vonden we het een eer om ons product te vernoemen naar het baanbrekende onderzoek.’ Het bedrijf schrijft ‘in contact te staan’ met de Australische cardiologen en ze op de hoogte te hebben gehouden van de markttoelating. Bij navraag blijkt het te gaan om één mail. Nádat de toelating rond was. Source: Volkskrant