Home

Simons en Azarkan zochten ruimte buiten de linkse partijen om onbelemmerd te kunnen vechten voor hun idealen

Wonderlijke oogst aan krantenstukjes afgelopen week waarin vertrekkende Kamerleden Farid Azarkan en Sylvana Simons met de nodige loftuitingen worden uitgeluid.

Ze hebben een ‘stempel’ op de Nederlandse politiek gedrukt, is de teneur onder commentatoren. Azarkan door al in een vroeg stadium zijn tanden te zetten in de toeslagenaffaire, toen her en der nog werd gesuggereerd dat waar rook is, vast ook wel vuur zal zijn. Simons door premier Rutte net dat laatste zetje te geven richting officiële excuses voor het Nederlandse slavernijverleden.

Knappe prestaties, uiteraard. En geheel terecht dat duiders uit alle hoeken en windstreken in staande ovaties uitbarstten voor de twee politici. Afzwaaiende Kamerleden krijgen weleens om minder een burgemeesterschap of een lucratieve lobby-klus in de schoot geworpen.

Maar hoe anders was de teneur bij hun intrede in de politiek. Met politici als Simons en Azarkan was de kwalijke ‘identiteitspolitiek’ in de Tweede Kamer geland. Het duo, plus aanhang, zorgde alleen maar voor meer versnippering, voor een verdere afkalving van het politieke midden, en zou niks anders te bieden te hebben dan een ongezonde obsessie met marginaal geachte woke-onderwerpjes als racisme, discriminatie. Door hier een nummertje van te maken zouden ze juist het racisme in de hand werken waar ze zeggen tegen te strijden, aldus commentatoren die graag tegen de stroom in zwemmen.

(Bijsluiter: mijn politieke vrienden zijn het niet per se. Azarkan’s partij DENK moet nog altijd eens met een bos rozen langs krantenredacties gaan en excuses aanbieden voor de laaghartige manier (Trap er niet in!) waarop ze zich gedragen hebben richting de journalistiek, met name richting journalisten van kleur. En Simon’s BIJ1 is zonder Simons een clubje wereldvreemde neo-marxisten die alleen hun eigen ondergang voor elkaar zullen krijgen).

Maar zie hoe het Azarkan en Simons sindsdien is vergaan. Juist op de onderwerpen waar ze om verguisd werden – aandacht vragen voor de structurele benadeling van nieuwkomers – hebben ze een niet te missen impact gemaakt. In hun eentje nog wel, tegen de ontiegelijke drek in die ze dagelijks over zich heen kregen gekieperd. En zoals dat vaker gaat bij voortrekkers die met de kop vooruit hun punt blijven maken: opeens vindt iedereen de toeslagenaffaire een institutionele misdaad zonder weerga, opeens vindt iedereen dat er al jaren terug ruimhartige excuses voor het slavernijverleden hadden moeten worden gemaakt.

Hoe nu verder met deze twee? Het liefst gun je ze een tweede politiek leven, als onderdeel van de PvdA-GroenLinks samenwerking. Of dat ook in de praktijk zou werken is een tweede. Simons en Azarkan zochten nu juist ruimte buiten de bestaande linkse partijen om onbelemmerd voor hun idealen te kunnen vechten. Binnen bestaand links dreigt vooral de fractiediscipline – het tweetal is leuk voor het diversiteitsplaatje, maar laat de woordvoering over de Grote Ideeën aan de zogenaamd weloverwogen en redelijke apparatsjiks.

Begrijpelijk als Simons en Azarkan daar verre van willen blijven, maar evengoed jammer. Niet alleen vanwege het verlies aan hun politiek talent. Het tweetal was daarnaast ook in staat om kiezers op de been te brengen die notoir lastig te mobiliseren zijn bij verkiezingen. Ik vrees dat deze mensen in november – bij gebrek aan herkenning en zonder onbevreesde politici van kleur – het politieke gedruis weer aan zich voorbij zullen laten gaan. Vooral onze vrienden in het linkse blok zouden zich dat mogen aantrekken.

Over de auteur
Hassan Bahara is media- en cultuurredacteur van de Volkskrant. Daarvoor schreef hij over (online)radicalisering. Deze zomer schrijft hij wekelijks een column. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Source: Volkskrant

Previous

Next