Home

Susan Top, gedeputeerde voor het Groninger gasdossier: ‘Ik had het laf gevonden als ik deze kans niet greep’

Susan Top maakte vorige zomer indruk tijdens haar verhoor door de parlementaire enquêtecommissie aardgaswinning Groningen. Nu gaat ze zich op verzoek van de BBB als provinciebestuurder ontfermen over het dossier dat onder haar huid kroop.

‘Onmacht is een van de meest vervelende emoties. Je staat erbij en je kijkt ernaar en er is zo verschrikkelijk weinig dat je kunt doen.’ Dat zei Susan Top toen ze op 27 juni 2022 werd ondervraagd door de parlementaire enquêtecommissie die de gaswinning in Groningen onderzocht.

Sinds 2014 was Top belangenbehartiger in dat dossier. Ze groeide uit tot criticus en boegbeeld. Tot ze in 2021 afscheid nam als secretaris van het Groninger Gasberaad. Moegestreden, gedesillusioneerd.

Het verhoor eindigde in tranen. ‘Als we geen grip krijgen op wat hier is fout gegaan, ben ik bang voor de toekomst’, besloot ze na ruim drie uur. Voor veel gedupeerden had ze verwoord wat zij voelden.

Over de auteur
Jurre van den Berg is regioverslaggever van de Volkskrant in het noorden van Nederland en verslaat ontwikkelingen in de provincies Groningen, Friesland en Drenthe

Een jaar later zit Top (51) in haar nieuwe werkkamer in het Provinciehuis in Groningen. Op 29 juni werd ze gepresenteerd als gedeputeerde voor mijnbouw in het nieuwe provinciebestuur. Partijloos, maar naar voren geschoven door de BBB. De vrouw die een luis in de pels van gezagsdragers was, zit nu aan de andere kant van de tafel.

‘Een bijzonder jaar. Ik ben erg veel bezig geweest met de parlementaire enquête. Voorafgaand aan mijn eigen verhoor, maar ook daarna. Ik heb alle verhoren gevolgd, van begin tot eind. Dat ging me niet in de koude kleren zitten. Weer blijf je achter met het gevoel dat je er niet veel aan hebt kunnen doen.’

‘Toch wel. Met name over de gang van zaken in 2013, toen de gaswinning ondanks de beving bij Huizinge en het dringende advies van het Staatstoezicht op de Mijnen niet verlaagd werd, maar verhoogd. Toenmalig minister Kamp bleef destijds maar beweren dat de winning niet naar beneden kon. Steeds weer dat verhaal dat bejaarden in Limburg in de kou zouden komen te zitten. En nu bleek dat gewoon onzin, een kulargument.

‘Ik was destijds nog genuanceerd. Ik dacht: als een minister in Nederland zegt dat de gaswinning niet naar beneden kan, dan zal dat wel zo zijn. Maar nu bleek dat Kamp niet eens heeft laten uitzoeken of het lager kon, terwijl het gewoon had gekund! Ik voelde me opnieuw persoonlijk belazerd, naïef ook. Je zou er in een democratische rechtsstaat toch van op aan moeten kunnen dat ministers de waarheid spreken, dat ze handelen in het publieke belang? Dat dit niet het geval blijkt, is verschrikkelijk ondermijnend.’

‘Ik ging altijd uit van een betrouwbare overheid. Natuurlijk kan iemand zich een keer vergissen, of een fout maken. Maar als belangen van inwoners zo structureel ondergeschikt worden gemaakt, en dat daarover geen openheid is, dan gaat alles schuiven. Ik heb meer begrip gekregen voor mensen die de overheid wantrouwen. Al wil ik dat niet, want het is gevaarlijk. Maar het gaat echt tijd kosten voordat ik dat kwijt ben.’

‘Het ging dieper. Natuurlijk is het confronterend dat je slachtoffers onvoldoende hebt kunnen helpen. Maar voor mij was de grootste ontluistering hoe het systeem functioneert, hoe politiek werkt. Ik heb bestuurskunde gestudeerd. Ik ben altijd ambtenaar geweest. En nu kwam ik er meer en meer achter dat argumenten er niet toe deden. Wat zijn dan je opties nog? Dat maakte me zo moedeloos. Daarom moest ik stoppen, anders liep ik erin vast.’

‘Ik heb me vaak afgevraagd: ging het altijd al zo, of zie ik het beter nu ik er dichter op zit? Ik ben tot de conclusie gekomen dat het erg samenhangt met hoe Mark Rutte politiek bedreef. Een beroepspoliticus, die politiek leuk vond, er goed in was en groot mee werd. Het werd een act, en anderen gingen dat nadoen – want het werkte.

‘Machtspolitiek is van alle tijden. Maar je hebt ook machtspolitiek met als doel maatschappelijke veranderingen teweeg te brengen. Het werd nu een spel. De Rutte-doctrine strekt voor mij veel verder dan een gebrek aan openheid. Het is de drang tot politiek lijfsbehoud, brandjes blussen om weer door te kunnen. Het heeft niks te maken met het oplossen van het probleem. Daardoor loont het ook niet om verantwoordelijkheid te nemen. Daarom ook wordt verantwoordelijkheid georganiseerd en uitgesmeerd over instanties, zodat niemand verantwoordelijk is.’

‘Waarheidsvinding. Maar misschien meer nog de eerste stap richting verwerking. De erkenning: dit is echt gebeurd. De conclusie dat er veel leed bespaard was als er eerder geluisterd was naar Groningers, hakte erin. Ik schiet nu weer vol. We hebben het zo hard geprobeerd. Maar er werd niet geluisterd.

‘Het was gepast geweest als het kabinet was afgetreden vanwege de parlementaire enquête gaswinning. Niet alleen voor Groningen, maar juist vanwege het systeemfalen. Dat iemand had gezegd: wat hier gebeurd is, is onacceptabel en ik neem daar gewoon mijn politieke verantwoordelijkheid voor. Dan hadden we met een schone lei kunnen beginnen. Wat is anders nog de zeggingskracht van een parlementaire enquête als zwaarste instrument?

‘Toen kwam dat debat en kreeg het politieke spel weer de overhand. Rutte die zei dat hij onderdeel wilde zijn van de oplossing, dat het onverantwoord was om op te stappen met al die crises.’

‘... en bleken die gewichtige overwegingen niks waard. Dat vond ik heel erg pijnlijk. Tegelijkertijd past het precies in het patroon, het opportunisme. Blijkbaar was het niet de moeite waard om te vallen over Groningen, was het electoraal niet aantrekkelijk genoeg.’

‘Absoluut. Dat ze mij nu vragen voor deze functie en zeggen: het maakt ons geen moer uit dat je geen lid bent, dat is daar ook een uiting van. Ze zeggen dat ze het anders willen doen en laten dat ook zien. Daarbij is partijbelang ondergeschikt, want ze leveren in feite een eigen bestuurder in. Dat vind ik echt wel verfrissend.’

‘De zondag na de verkiezingen belde Eddie van Marum me, de nummer 2 op de lijst. Die kende ik al een beetje uit het bevingendossier. Hij zei meteen: we willen dat je onze gedeputeerde wordt.’

‘Ik vond het charmant, maar zei ook: ik ben geen lid van de BBB en ga dat ook niet worden voor een baantje. ‘Geen probleem’, zei hij. Toen kwam hij een avond langs met fractievoorzitter Gouke Moes. Ik had er meteen een goed gevoel bij. Ik ben het misschien niet op alle vlakken met de BBB eens. Ik denk bijvoorbeeld dat ik meer angst heb voor de gevolgen van de klimaatverandering dan de meeste BBB’ers. Maar als dit een club was waar ik me helemaal niet thuis bij voelde, was het een ander verhaal geweest. Ik herken de drive.’

‘Ik vond het sympathiek dat ze me vroegen, maar ik hoef het niet voor de BBB te doen. Ik had totaal geen politieke ambitie. Ik was ook bang dat het opportunistisch zou overkomen, om zo aan een baantje te komen. En terugkeren op het dossier dat zo onder mijn huid is gaan zitten, was ook wel een moeilijk besluit.

‘Maar: ik zou het laf hebben gevonden van mezelf als ik deze kans niet gegrepen zou hebben uit angst, vanwege het afbreukrisico. Misschien lukt het wel niet, misschien loop ik vast. Maar dat zijn precies het soort argumenten waar dit land te veel last van heeft en veel kapot aan gaat. Tegelijkertijd denk ik dat we in een nieuwe fase zijn aanbeland na de parlementaire enquête Er is veel ruimte, budget en politiek draagvlak om echt door te zetten. Dit is wel het moment.’

‘Ergens hoop je natuurlijk toch dat je iets kunt afmaken en alsnog ooit met meer bevrediging kunt opstappen.’

‘Als provincie hebben we het niet voor het zeggen. Ik ga ook echt niet beweren dat ik in een paar maanden alle problemen even oplos. In de kern is het werk niet anders dan bij het Groninger Gasberaad: missiewerk, overtuigen, bijsturen. Maar: ik zit in elk geval aan tafel. Daar moest ik me in het verleden nog aan vechten. Bovendien: wat kan me overkomen? Dat ik er weer in vastloop, misschien. Maar ik kan dan in ieder geval mezelf nooit verwijten dat ik het niet heb geprobeerd.’

‘Ik zie er een oprechte poging in problemen op te lossen en het juridische en financiële gemillimeter los te laten. Maar: het moet allemaal nog blijken. Het is weer een bak met instrumenten, een zak maatregelen. De cruciale vraag is: wat wil je bereiken, hoe wil je deze provincie achterlaten? Niet alleen de huizen, maar ook de mensen en de gemeenschappen.’

‘Dat is zeker een spanningsveld. Natuurlijk is Groningen voor veel mensen een fijne en mooie plek om te wonen. Maar: de problemen zijn reëel. Als je steeds benadrukt hoe geweldig Groningen is, dan doe je mensen die echt in de shit zitten tekort. Daarom hoop ik dat we een manier vinden om juist dat wat Groningen zo uniek maakt te behouden.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraa Source: Volkskrant

Previous

Next