De uiteindelijke stembusuitslag leverde een ander resultaat op dan de eerste exitpolls die zondagavond om 20.00 uur bekend werden. Daarin stevende het rechtse blok van de PP en Vox af op een meerderheid, maar nadat 100 procent van de stemmen is geteld, is duidelijk dat die er niet komt. De PP komt uit op 136 zetels, Vox gaat terug van 52 zetels naar 33. Dat is bij elkaar zeven zetels te weinig voor een absolute meerderheid in het parlement.
De eerste exitpolls wezen ook op een nederlaag voor zittend premier Pedro Sánchez. Maar zijn sociaaldemocratische PSOE wint zelfs zetels en gaat van 120 naar 122.
De afgelopen vijf jaar vormde Sánchez een coalitie met het radicaal-linkse Podemos, dat is opgegaan in de nieuwe partij Sumar. Radicaal-links komt uit op 31 zetels.
Onduidelijk is nog wie de nieuwe premier van Spanje wordt. Feijóo claimde rond middernacht wel het eerste recht om een regering te vormen. ‘Dat niemand in de verleiding komt om Spanje opnieuw te blokkeren’, zei hij vanaf het balkon van het hoofdkwartier van de PP aan de Calle Génova in Madrid.
Voor de zittende premier Sánchez is het nog de vraag hoe zijn gok om vervroegde verkiezingen uit te schrijven uitpakt. De 51-jarige premier verraste daarmee eind mei vriend en vijand nadat de sociaaldemocraten een zware nederlaag hadden geleden bij regionale en lokale verkiezingen.
Sánchez vierde ‘de mislukking’ van het rechtse blok, het uitblijven van een meerderheid, en de zetelwinst van zijn eigen PSOE, als een verkiezingszege. ‘We hebben meer stemmen en zetels dan vier jaar geleden’, zei hij in een eerste reactie. ‘Het terugkijkende blok, dat alle vooruitgang die we de afgelopen vier jaar hebben geboekt wilde tenietdoen, heeft gefaald’, zei hij opgetogen tegen zijn aanhang.
Omdat zijn PSOE meer mogelijke bondgenoten in het parlement heeft dan de PP en Vox, lijkt het aannemelijk dat premier Sánchez voor een derde ambtstermijn kan gaan. In dat geval zal hij mogelijk de steun moeten vragen van het Catalaanse Junts, de separatistische partij van de voortvluchtige onafhankelijkheidsleider Carles Puigdemont. Doet hij dat niet, dan zijn nieuwe verkiezingen niet uitgesloten.
Waarschijnlijk wacht Spanje eerst een periode van moeizame onderhandelingen over een nieuwe coalitie, allereerst onder leiding van de 61-jarige Feijóo. Met steun van kleinere partijen zou wellicht een minderheidsregering mogelijk zijn tussen de PP en Vox, de partij van de 47-jarige Santiago Abascal. Daarmee zou extreem-rechts voor het eerst sinds de tijd van de in 1975 overleden dictator Francisco Franco weer tot de Spaanse regering toetreden. Maar steun voor een dergelijke combinatie zal moeilijk te vinden zijn.
De zittende Spaanse regering voerde een progressief beleid waarbij de rechten van lhbti’ers en andere minderheden werden versterkt. Bij veel mensen bestaat de vrees dat deze rechten weer worden teruggedraaid door een rechtse regering waaraan Vox deelneemt. Vox verzet zich ook tegen klimaatmaatregelen en staat een hard migratiebeleid voor.
De afgelopen jaren is in Europa het taboe op regeringsdeelname door extreem-rechts geslecht. Vorig jaar wonnen de ‘postfascistische’ Fratelli d’Italia van Giorgia Meloni de verkiezingen in Italië. Kort daarna trad in Zweden een centrum-rechts kabinet aan met gedoogsteun van de extreem-rechtse Zweden Democraten.
Dit jaar volgde in Finland een regering waarin centrum-rechts samenwerkt met de extreem-rechtse partij Finnenpartij. Daarmee maakt Europa een ruk naar rechts, die bekrachtigd zou kunnen worden bij de Europese verkiezingen van volgend jaar juni.
Een Spaanse regering onder leiding van Feijóo zou ook gevolgen hebben voor de Europese Unie. Spanje is momenteel voorzitter van de EU. Onder premier Sánchez profileerde de vierde economie van Europa zich afgelopen jaren nadrukkelijk aan de Brusselse vergadertafels. Sánchez trok daarbij veel op met zijn Nederlandse collega Mark Rutte.
Verkiezingswinnaar Feijóo, naar eigen zeggen een ‘saaie technocraat’, lijkt minder internationaal georiënteerd. Hij spreekt bijvoorbeeld nauwelijks Engels. ‘Ik ben tweetalig in de zin dat ik Galicisch spreek, maar mijn probleem is Engels’, zei hij begin juni in een interview.
Tegelijkertijd heeft de zoon van een Galicische bouwopzichter zich tijdens de verkiezingscampagne hard gemaakt voor de EU, en voor steun aan het Oekraïense volk in de oorlog met Rusland. Ook wil hij Europa op militair en technologisch vlak minder afhankelijk helpen maken van China en de Verenigde Staten.
Slaagt partijleider Feijóo er niet in een regering te formeren, dan worden mogelijk nieuwe verkiezingen gehouden. Dat gebeurde ook al in 2019, toen de Spanjaarden in april en november naar de stembus gingen.
Het opkomstpercentage was zondag met 70,40 procent bijna vier procentpunt hoger dan tijdens de vorige verkiezingen. Meer dan 24,7 miljoen kiezers brachten hun stem uit. Maar liefst 10 procent daarvan, 2,47 miljoen kiezers die zich door hun vakantie niet in hun woonplaats bevonden, bracht zijn stem uit per post, een record.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden