Home

Het Plan is geslaagd, maar de liefde van het publiek win je er niet mee

Het Plan is geslaagd, Jumbo-Visma heeft alweer de Tour gewonnen. Dat is knap, want je kunt wel een plan hebben, maar om het ook te laten slagen is weer heel iets anders. Op een gegeven moment weet iedereen dat je bezig bent met een plan en doen ze allemaal hun best het plan te laten ontsporen en in de soep te laten lopen – je hebt nu eenmaal plannenmakers en plannensaboteurs.

Winnaar Jonas Vingegaard kreeg zaterdag de vraag voorgelegd hoe het plan er precies had uitgezien. Vingegaard zei dat hij er helaas niet al te gedetailleerd op kon ingaan, maar dat plan kwam erop neer dat Jumbo-Visma Tadej Pogacar volgens plan had gekraakt. Voor verdere informatie betreffende het plan verwees hij naar de ploegleiding.

Over de auteur
Bert Wagendorp is columnist van de Volkskrant en schrijver.

Plannenmakers die hun plannen succesvol ten uitvoer brengen zijn om de een of andere reden nooit populair. In de historie van de Tour de France zijn de koele en planmatige rekenaars altijd minder geliefd geweest dan de romantische slachtoffers van hun gecalculeer.

De fietsende klok Anquetil (vijfvoudig winnaar) was lang niet zo populair als zijn eeuwige rivaal Poulidor (drie keer tweede, vijf keer derde). Merckx (vijf overwinningen) had ook altijd een plan (winnen en de rest vernederen), maar werd daarmee nooit geliefd, behalve in België. De rekenaar Indurain (5) wiegde met zijn supersaaie plannen iedereen in slaap, de Amerikaanse plan-machine Armstrong (7) legde het wat populariteit betreft af tegen de Duitse chaoot Ullrich (1) en de meesterplanners van Ineos voorheen Sky (zeven Tourzeges) waren ronduit gehaat.

Geen wonder, er is nu eenmaal niets zo eentonig en saai als een plan dat slaagt. Plannen die mislukken zijn daarentegen prachtig – verliezers kunnen op onze liefde rekenen met hun fraaie plannen die keer op keer de mist ingaan. Je kunt een plan knap vinden en meesterlijk ten uitvoer gebracht – wat allemaal geldt voor het plan dat leidde tot de tweede Tourzege van Jonas Vingegaard – echt kippevel krijg je er niet van.

Jumbo-Visma was deze Tour een geoliede machine; Tadej Pogacar werd door de ploeg vakkundig ontmanteld, tot hij zo uitgeput was dat hij ‘I’m gone, I’m dead’ in zijn microfoontje mompelde en Vingegaard hem definitief op minuten kon zetten. Eerlijk gezegd vond ik dat spijtig. De Sloveen is een avonturier die met zijn krachten smijt en die tot op de Champs-Élysées probeerde te ontsnappen aan zijn kwelgeesten – maar in zijn wiel zat een jongen van de supermarkt. Pogacar is de gedroomde wielerheld, Vingegaard voorlopig niet.

Als het wielrennen de afgelopen drie weken aan populariteit heeft gewonnen is dat meer te danken aan Tadej Pogacar dan aan de zwart-gele brigade. Het is de paradox van de sport: een plan kan je brengen waar je wilt wezen, namelijk op het hoogste schavot van het erepodium, maar de aanhankelijkheid van het publiek win je er zelden mee – Joop Zoetemelk, de eeuwige verliezer die één keer (zonder plan) zegevierde, misschien uitgezonderd.

Er wordt nu al uitgekeken naar de Tour van volgend jaar, als het Vlaamse supertalent Remco Evenepoel zich in de strijd gooit en het zal opnemen tegen Pogacar en Vingegaard. Hopelijk wordt het een anarchistische en chaotische Ronde van Frankrijk, waarin vele plannen op niets uitlopen.

Source: Volkskrant

Previous

Next