Met iedereen op goede voet blijven. Dat is het motto van Recep Tayyip Erdogan, zeker sinds hij in mei de verkiezingen won. Met opnieuw een regeertermijn van vijf jaar voor de boeg zoekt de Turkse president een economisch verzekeringspakket voor zijn land: zo veel mogelijk handel met zo veel mogelijk landen, en zo veel mogelijk buitenlandse investeringen. Dat is hard nodig nu de lira, de Turkse munt, lager is weggezakt dan ooit.
Dus probeert Erdogan zijn ‘goede vriend’ Vladimir Poetin zover te krijgen de graandeal met Oekraïne te reanimeren, tien dagen nadat hij op de top in Vilnius het Westen verblijdde met zijn fiat voor toetreding van Zweden tot de Navo. En ondertussen maakte hij een driedaagse trip naar het Golfgebied, waar hij leiders omhelsde die nog niet zo lang geleden in Ankara slechts weerzin opriepen.
Over de auteur
Rob Vreeken is correspondent Turkije en Iran voor de Volkskrant. Hij woont in Istanbul. Daarvoor werkte hij op de buitenlandredactie, waar hij zich specialiseerde in mensenrechten, Zuid-Azië en het Midden-Oosten. Hij is auteur van Een heidens karwei – Erdogan en de mislukte islamisering van Turkije.
In Saoedi-Arabië, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten maakte Erdogan deze week afspraken over tientallen miljarden euro’s aan handel en investeringen. In de Emiraten werd woensdag een pakket van 45 miljard euro afgevinkt, boven op een akkoord uit maart van 35 miljard.
In Riyad werd een contract getekend tussen het Saoedische ministerie van Defensie en de Turkse dronesfabrikant Baykar, een onderneming van Erdogans schoonzoon Selçuk Bayraktar en diens broer Haluk. Een bedrag werd niet genoemd, maar Haluk Bayraktar sprak van ‘het grootste exportcontract inzake luchtvaart en militair materieel uit de geschiedenis van de Turkse republiek’.
Baykar gaat met name de Akinci leveren, een verbeterde versie van de Bayraktar TB2, de drone die succes boekte op het slagveld in Libië, Nagorno-Karabach en Oekraïne. Het is het paradepaardje van Erdogans strategie voor de economische ontwikkeling van Turkije. Tijdens de verkiezingscampagne was de TB2 nadrukkelijk aanwezig op posters en in toespraken van de president.
In Erdogans gevolg bevonden zich zijn ministers van Buitenlandse Zaken, Defensie en Financiën, het hoofd van de centrale bank en ruim tweehonderd zakenlieden. Het tekent het belang dat de Turkse regering hecht aan herstel van de banden met Saoedi-Arabië en de Emiraten (Qatar was al een hechte partner).
Een warme handdruk tussen Erdogan en kroonprins Mohammed bin Salman bezegelde de Turks-Saoedische zakendeals. Geen woord uiteraard over Jamal Khashoggi, de journalist die in 2018 in het Saoedische consulaat in Istanbul in mootjes werd gehakt, waarschijnlijk op bevel van de kroonprins. Het betekende een dieptepunt in de betrekkingen tussen Riyad en Ankara, zoals de betrekkingen van Turkije met zovéél landen zich op dat moment op een dieptepunt bevonden.
Daarvan is geen sprake meer. Erdogan heeft ingezien dat Turkije daar alleen zichzelf mee heeft. De Turken proberen weer met iedereen te praten en zaken te doen. Maar dat wel op assertieve wijze: ze gaan niet volgzaam overal in mee (zie de eisen aan Zweden) en ze maken duidelijk dat militaire ‘hard power’ onderdeel is van Turkijes omgang met de wereld.
‘De komende vijf jaar’, schreef columnist Burhanettin Duran woensdag in de Daily Sabah, ‘zal Erdogan door activiteiten in Centraal-Azië, het Golfgebied, de Kaukasus en Afrika tonen dat Turkije meer dan wie ook ter wereld bijdraagt aan internationale samenwerking, stabiliteit en veiligheid.’ Duran is buitenlandadviseur van Erdogan, aan zijn columns is af te lezen hoe de wind gaat waaien in Ankara.
Twee – toch niet onbelangrijke – regio’s ontbreken in zijn opsomming: het Westen en Rusland. Turkije probeerde de afgelopen jaren het evenwicht tussen beide te bewaren, soms door ze tegen elkaar uit te spelen. Turkijes neutraliteit in de Oekraïne-oorlog past in dat plaatje.
De afgelopen weken echter leek het beeld te kantelen. Zweden werd geaccepteerd als Navo-lid. In Vilnius etaleerde Erdogan ostentatief zijn vriendschap met Joe Biden. Een week daarvoor kreeg de Oekraïense president Volodymyr Zelensky een warm onthaal in Ankara. Erdogan zei hem dat Oekraïne ‘zonder twijfel het lidmaatschap van de Navo verdient’. Ook mocht Zelensky vijf commandanten van het Azov-bataljon mee naar huis nemen, die volgens eerdere afspraken met Moskou in Turkije hadden moeten blijven.
Kruipt Turkije dichter naar het Westen en keert het zich af van Rusland? Die vraag stelden diplomatiedeskundigen zichzelf na de Vilnius-top. Nu het stof is neergedaald, kan de conclusie zijn: nee, zo scherp ligt het niet. De Turkse betrekkingen met het Westen en Rusland zijn geen communicerende vaten. Een liter meer híér betekent niet een liter minder dáár.
De internationale koers van Turkije blijft ‘onafhankelijk en los van de politiek van blokken’, zoals Duran schrijft (wijselijk zonder te vermelden dat Turkije Navo-lid is). Dat geeft Erdogan alle ruimte zich te profileren als vredestichter, bijvoorbeeld met zijn belofte om Poetin spoedig te bellen over herstel van de graandeal.
The Financial Times onthulde intussen dat Turkije achter de schermen al maanden probeert te bemiddelen inzake de door Rusland ontvoerde Oekraïense kinderen. Het trekt daarbij gezamenlijk op met een ander land dat de afgelopen jaren de blik naar buiten heeft gekeerd: Saoedi-Arabië.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden