Home

‘Om te overleven in de woestijn dronken migranten zeewater: je móét wel’

‘Klopt, ik ben in Médenine, een stad die op ongeveer een uur rijden ligt van de grens met Libië. Afrikaanse sub-Saharaanse migranten zijn begin deze maand op grote schaal op bussen gezet in de kustplaats Sfax en in het grensgebied gedumpt. Het ging om ongeveer twaalfhonderd mensen. Vrij schokkend – ook voor Tunesische begrippen, dit is niet eerder op deze schaal gedaan.

‘De migranten sliepen acht dagen in de woestijn, iets waarvan zelfs in Tunesië werd gezegd: dit kan niet, die mensen creperen daar. Ze zijn toen naar opvanglocaties in een aantal steden gebracht, waaronder Médenine, en daar ben ik donderdag gaan kijken. Op deze locatie, een jeugdcentrum dat leegstaat, zijn 33 jongens uit Gambia gehuisvest. Zij krijgen daar tijdelijk een bed, een douche en wat te eten van de Tunesische Rode Halve Maan. Het was indrukwekkend om daar te zijn; al die jongens zijn ongelooflijk jong, 20, of iets ouder.’

‘Ze beschrijven de lange reis die ze er al op hebben zitten, hoe ze vanuit Gambia via Senegal en Mali door de hele Sahara hebben gereisd op weg naar Tunesië, hopend op een toekomst in Europa. Alleen al om Tunesië te bereiken kost ze meer dan 1.000 euro. Dan moeten ze nog op een boot naar Europa.

‘Wat ik opvallend vond: ze hielden voor vertrek hun reisplannen allemaal geheim voor hun familie, bang dat ouders of broers en zussen de plannen uit hun hoofd zouden praten. Ze trekken de deur achter zich dicht, en bellen pas weken later met de boodschap dat ze in een ander land zijn.

‘Ook deze jongens uit Gambia hebben een week lang in de woestijn moeten overleven. Ik vroeg ze hoe dat was, je hebt immers geen water, je hebt niets. Daarop zeiden ze dat ze zeewater zijn gaan drinken. Hoewel je lichaam dat niet trekt, zeiden ze: je móét overleven. De Libiërs hebben hen uiteindelijk wat water en biscuitjes gegeven, wat die jongens weer doorgaven aan de vrouwen en kinderen.’

‘Tunesië wordt nu inderdaad geacht om met Europees geld migranten tegen te houden. De grote vraag is: waar gaan die mensen dan naartoe? Het is duidelijk nu dat Tunesië die migranten in elk geval níét wil, en zelfs op brute wijze heeft geprobeerd om mensen over de grens te duwen. De migranten die ik vandaag heb gesproken zeggen hetzelfde: wij kunnen hier niet blijven, hier zijn we niet veilig. Maar ik sprak ook mensen uit bijvoorbeeld Gambia en Sierra Leone die zeiden niet terug te willen naar hun land. Zij weten ook niet waar hun toekomst ligt.

‘De sfeer in Tunesië sloeg om in februari, toen president Saied suggereerde dat Afrikaanse migranten deel uitmaken van een complot tegen Tunesië om de oorspronkelijke bevolking te vervangen. Sinds die heftige verklaring is de haat en het racisme tegen migranten enorm toegenomen en zie je dat ook gewone Tunesiërs het heft in eigen handen nemen. In Sfax gingen bewoners de deuren af om migranten van hun bed te lichten, uit hun huizen te zetten en in elkaar te slaan.

‘Ik sprak een paar jongens uit Mali en Senegal. Zij vertelden dat ze een stuk wilden afleggen tussen twee steden, maar geweigerd werden in de bus, zogenaamd omdat ze geen paspoort konden laten zien. Dat toont hoe moeilijk het nu is om te overleven. Vergeet niet dat 10 tot 15 procent van de Tunesiërs zwart is. Die mensen moeten extra op hun hoede zijn, omdat ze kunnen worden aangezien voor een sub-Saharaanse migrant. Ik hoor hier en daar al dat zwarte Tunesiërs zich wat meer koest houden, minder zichtbaar zijn in het dagelijks leven. Pijnlijk.’

‘Het wrange antwoord is: nee, voorlopig niet. Hij zal niet direct steun verliezen onder Tunesiërs. Tunesië is in de greep van een economische crisis, er is sprake van forse inflatie. Daarnaast zijn er tekorten aan tarwe, suiker en tot voor kort ook melk. De migranten die ik spreek, zeggen: wij worden aangewezen als zondebok en gezien als de bron van alle problemen. Dat sentiment wakkert de president enorm aan. Ik vermoed dat dat niet slecht is voor zijn populariteit.

‘Saied is nu vooral bezig om zijn eigen macht te consolideren en zet oppositiepolitici, journalisten en andere critici vast. Daarmee voert hij Tunesië terug naar wat het land tien, vijftien jaar geleden was: een dictatuur. Het tegenhouden en deporteren van migranten is voor hem een staaltje power play. Hij zegt: ik ben de baas en als het je niet bevalt, dan zorg je maar dat je hier wegkomt.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next