Home

Op 11 kilometer van de finish gáát Wout Poels, zijn jongensdroom tegemoet

De Franse regie had vrijwel uitsluitend oog voor het duel tussen geletruidrager Jonas Vingegaard en zijn uitdager Tadej Pogacar, waardoor de etappezege van Wout Poels nauwelijks in beeld kwam; een paar tellen met nog een kilometer te gaan en daarna een flits van een juichende man met armen, zonder tatoeages en dun als lucifers, omhoog.

De geringe aandacht was, zeker voor Nederlandse wielerliefhebber, de enige smet op de dag waar de Limburger als prof al zo lang op had gewacht. Hij won al een monumentale klassieker, Luik-Bastenaken-Luik in 2016, waarna nog één groot verlangen overbleef: een rit in een grote ronde, liefst in de allergrootste, de Tour. ‘In een massasprint winnen is ook goed’, was de vaste grap van de graatmagere klimmer. Volkomen onwaarschijnlijk natuurlijk, om die dunne, lange man te visualiseren in een levensgevaarlijke stormloop naar een streep tussen allemaal gespierde sprintbommen.

Het werd, veel logischer, een bergetappe: de vijftiende rit van de 110de Tour, de tiende voor Poels. In de Alpen nog wel. De laatste keer dat daar een Nederlander won, was in 2002 toen Michael Boogerd als eerste bovenkwam op La Plagne. Tom Dumoulin schreef de laatste ‘Nederlandse’ bergrit in de Tour op zijn naam, in Andorra, zeven jaar geleden.

Poels is de 68ste Nederlander die een Touretappe wint en de honderdste Nederlandse winnaar van een rit in een grote ronde, meldde wielerstatistieksite ProCyclingStats. En voor een eventuele pubquiz: Poels is na Wout Wagtmans en Wout van Aert de derde ooit met die voornaam die een Touretappe won.

Over de auteur

Robert Giebels schrijft voor de Volkskrant over wielrennen en Formule 1. Hij was correspondent in Azië, schreef over economie en won als politiek verslaggever journalistiekprijs De Tegel.

Poels staat in het dagelijks leven vooral te boek als een grappenmaker, opgetrokken uit optimisme en levenslust. Maar zondag, nadat zijn wens eindelijk was vervuld in zijn 21ste grote ronde, reageerde hij hevig geëmotioneerd. De dood van Gino Mäder, zijn ploeggenoot van Bahrain-Victorious, die precies een maand geleden in de Ronde van Zwitserland ten val kwam in een razendsnelle afdaling, had daar alles mee te maken.

‘Zo onwerkelijk, zo raar: een jongen van 26 die er opeens niet meer is’, zei Poels zondag meer tegen zichzelf dan tegen de vragenstellers. ‘Hij zou hier met mij rijden. Ik kan het nog steeds niet geloven. Triest.’

Zulke verschrikkingen praat een wielerprof het best van zich af door het over wielrennen te hebben. Zeker als het onderwerp een enorme en toch wel verrassende overwinning betreft. ‘Ik heb het slim gespeeld, denk ik’, analyseerde Poels met ongewone onbescheidenheid.

Hij zat met die andere Wout, Van Aert, in een grote kopgroep. Toen de Belg, die op één etappe na (de tiende) al de hele Tour in grootse vorm steekt, besloot te demarreren, wist Poels dat hij móest reageren. ‘Dit is mijn ticket naar de slotklim’, dacht hij. ‘Zoals we in het Nederlands zeggen’, lachte Poels in het Engelstalige persgesprek meteen na de rit, ‘we know Wout is no pannekoek.’

Van Aert is een sterke renner, maar geen uitgesproken klimmer zoals Poels. De Belg is met 1 meter 90 vier centimeter langer dan Poels, maar die weegt 66 kilogram en Van Aert 78. Klimmen op de fiets is een spel wie het hoogste vermogen per kilogram lichaamsgewicht op de pedalen kan zetten. De man met het hoogste cijfer wint.

Van Aert moet in absolute zin veel meer vermogen leveren dan Poels, dus die wachtte op het steilste stuk van de twee klimmen die naar Saint-Gervais Mont-Blanc leidden. Waar de weg bijna 17 procent omhoog ging, op ruim elf kilometer van de finish, dacht Poels ‘nu of nooit’, en daar ging hij.

Van Aert liet hij achter. ‘Poels ging me veel te snel.’ De Belg werd tweede. Het verschil in gewicht speelde volgens hem geen rol. Het bewijs: achter hem finishten genoeg renners die net zo licht zijn als Poels.

Winnen in de Tour, het had voor de man uit Monaco niet langer moeten duren. ‘Ik word toch een jaartje ouder. Heb minder jaren voor dan achter me.’ Met zijn 35 jaar en 288 dagen is Poels een van de oudere ritwinnaars in de Tourhistorie. ‘Ervaring kan je ook helpen. Je weet beter de dagen uit te kiezen om toe te slaan, je kunt de koers lezen en je kent je limiet.’

Bijna was Poels in zijn vierde profjaar blijven steken. In de Tour van 2012 was hij het grootste slachtoffer van een enorme valpartij op weg naar Metz. ‘Dat was bijna einde carrière’, memoreerde Poels zondag. ‘Ik lag nog op de intensive care toen de Tour al was afgelopen.’ De Limburger revalideerde in het souterrain van het ouderlijk huis, waar de Volkskrant hem opzocht. Boven stond alvast zijn nieuwe fiets, de beste die hij ooit had gehad, maar maanden kon hij er alleen maar naar staren.

Afgezien van ‘Luik’ boekte Poels zijn grootste successen als meesterknecht in de bergen. Fietsend voor Sky, nu Ineos, hielp hij tussen 2015 en 2019 vier keer zijn kopman aan de eindzege. Twee keer Chris Froome, een keer Geraint Thomas en Egan Bernal. Het waren jaren waarin Poels onmogelijk voor een ritzege kon gaan, zeker niet in de bergen. Daar moest hij zijn klimmende kopman bijstaan.

‘Voor Chris, ‘G’ en ‘E’ rijden heb ik altijd met plezier gedaan’, blikte Poels zondag terug. ‘Het is ook een speciaal gevoel om samen met het geel Parijs in te rijden, zeker als je een bijdrage aan het succes hebt geleverd. Maar je droomt er toch altijd van zelf een rit te winnen.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next