Home

Politiek werd met Rutte juist véél te persoonlijk. Kamer, breek daarmee

Ze had er geen ruimte voor in haar hoofd. ‘Ik zou de tijd kunnen pakken voor mooie woorden over wat ons te doen staat en over de toekomst van Nederland’, zei Attje Kuiken, ‘maar daar heb ik nu gewoon niet zoveel ruimte voor in mijn hoofd.’

Dit was de fractievoorzitter van de PvdA, ooit een grote sociaal-democratische beweging, na de val van het kabinet. En nadat de langstzittende minister-president en van oudsher haar ideologische tegenstrever zijn vertrek had aangekondigd. Een beter geschikte gelegenheid om het te hebben over de toekomst van Nederland bestaat niet, maar Kuiken wilde ‘heel veel respect tonen voor het besluit dat hij heeft genomen’.

We leken terechtgekomen op een geïmproviseerde afscheidsreceptie van een middelgroot administratiekantoor. ‘Mark’, zei Kuiken, ‘veel dank voor alles. Het was soms vervelend, maar er waren ook heel veel leuke dingen.’ Geert had Mark al bedankt voor zijn ‘tomeloze inzet’.

Over de auteur
Kustaw Bessems is columnist van de Volkskrant en host van de podcast Stuurloos. Hij heeft een bijzondere belangstelling voor openbaar bestuur. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Mark zelf zei het bijzonder te vinden dat hij met iedereen ‘buitengewoon plezierige persoonlijke verhoudingen’ had. Want inhoudelijke ideeënstrijd ‘mag nooit ten koste daarvan gaan’. Over Wilders zei hij: ‘Ik mag het wel een vriendschap noemen’ – nogal een gebaar naar alle Nederlanders tegen wie Wilders met zijn PVV een hetze voert. En tegen Jesse Klaver van GroenLinks zei hij zelfs: ‘Ik houd van je.’

Nu is het democratisch fatsoen om iemands inzet voor de publieke zaak te waarderen. En om van politieke tegenstanders geen vijanden te maken. Maar de band die een groot deel van de politiek met Rutte opbouwde, doet meer denken aan een collectief Stockholmsyndroom.

GroenLinks-fractievoorzitter Klaver verwoordde het onbedoeld mooi: ‘Mark, ik maak het iets persoonlijk: ik heb het gewaardeerd dat het nooit persoonlijk is geworden.’ Klaver raakte hier niet zomaar verstrikt: er is weinig persoonlijker dan vriendschap en liefde. En waar al die warmte toe leidde, gaf hij per ongeluk ook toe: ‘Deze premier heeft dertien jaar lang altijd het initiatief weten te houden. Als Kamer liepen we daar altijd achteraan, tot op het laatste moment.’ In feite een vernietigend oordeel over zijn eigen optreden.

Rutte doet of te slechte relaties een bedreiging zijn, maar in Nederland zijn ze eerder te klef. Kijk naar het argument dat hij aanvoert: ‘Mocht er een keer iets echt verschrikkelijks gebeuren – MH17 was zoiets – dan moet de hele politiek samenkomen. Dan moet je er toch niet aan denken dat je eerst allemaal kopjes koffie moet drinken om het bij te leggen?’

Zoals veel klinkt het uit Ruttes mond even overtuigend als dat het onzinnig is. Mooi dat politieke tegenstrevers elkaar vinden in een moment van nationale rouw. Maar de reactie van een regering op een crisis verdient bij uitstek streng toezicht. Rutte wordt geroemd omdat hij ‘er stond’ na de ramp met de MH17. Prima, maar daarna begint het pas: hoezo gaat onze handel in Rusland door? Waarom blijven we afhankelijk van Russisch gas? Zeker achteraf kun je je afvragen of het daar genoeg over is gegaan. Misplaatste saamhorigheid werkte juist ook belemmerend in de coronacrisis: de Tweede Kamer stelde zich lang slaafs op, waar het kabinetsbeleid om bijsturing schreeuwde.

Andersom zijn prettige contacten helemaal geen garantie voor eenheid. Thierry Baudet openbaarde dat Rutte en hij tijdens debatten briefjes uitwisselden over klassieke muziek. Het weerhield Baudet er niet van Russische propaganda over MH17 te spuien.

Het is handig wanneer politici die met elkaar een coalitie moeten vormen geen bloedhekel aan elkaar hebben. En hoogleraar staats- en bestuursrecht Wim Voermans wees me er eerder op dat we als land van minderheden slagvaardig zijn geweest door bestuurders op het schild te heffen en hun toe te dichten dat zij boven de partijen staan. Maar dat dit altijd het risico met zich heeft meegebracht dat de machtsbalans te ver naar die bestuurders zou doorslaan, ten koste van volksvertegenwoordigers.

Mede door de belangrijke rol voor bestuurders in de internationale concurrentie van de laatste decennia is dat bewaarheid. En de scheefgroei is verergerd door het onthouden aan het parlement van voldoende informatie. Uitgerekend Rutte heeft de Kamer uitzonderlijk slecht ingelicht en vaak misleid.

En die ‘inhoudelijke ideeënstrijd’? Wás die er eigenlijk, met Rutte als premier? Kritiek betrof eerder zijn gebrek aan integriteit en zijn onverschilligheid ten opzichte van mensen die onder zijn verantwoordelijkheid hun levens verwoest zagen. Gedrag dat puur aan de man hangt. Fijne verhoudingen waren daarom voor hem essentieel om te overleven.

Na Ruttes mededeling dat hij de politiek zou verlaten, had niemand meer de tegenwoordigheid van geest om in het geplande debat toch de val van het kabinet over gevoelige vluchtelingenzaken uit te benen. Minister Yesilgöz van Justitie, toch al lang zijn potentiële opvolger, was nota bene ‘hoofdonderhandelaar’ geweest. Niemand die ernaar vroeg. Niemand wees erop dat het Rutte prima uitkomt dat hij nu demissionair zomaar nog een jaar kan aanblijven. Daarmee zit hij deze regeerperiode bijna uit, maar dan gevrijwaard van de plicht om grote – vaak door zijn eigen kabinetten gecreëerde – problemen op te lossen, en onderwijl volop actief op het internationale toneel.

Het is naïef te denken dat straks met Ruttes afscheid een eind komt aan zijn cynische politiek. Daarvoor is een parlement nodig dat zich niet zo laat inpakken.

Source: Volkskrant

Previous

Next