‘Gisterochtend heb ik het besluit genomen dat ik niet opnieuw beschikbaar ben als lijsttrekker van de VVD. Bij het aantreden, na de verkiezingen, van een nieuw kabinet zal ik de politiek verlaten.’
Het zijn de 32 woorden waarop meerdere lichtingen politici lang en tevergeefs hebben gewacht. Diederik Samsom droomde van een Samsom I na Rutte II; Hugo de Jonge en Wopke Hoekstra kwamen naar Den Haag als potentiële premierskandidaten; Edith Schippers, Halbe Zijlstra en Klaas Dijkhoff gingen als VVD-troonpretendenten door het leven, maar Rutte overleefde ze allemaal.
Keer op keer bleek de premier tijdens zijn dertien jaar in het Torentje steviger in het zadel te zitten dan gedacht. Vaak werd het toegeschreven aan zijn politieke brille, maar Rutte profiteerde ook van de toegenomen status van zijn positie. In een versplinterd politiek landschap met inmiddels twintig fracties in de Tweede Kamer worden alle partijen en hun leiders kleiner, maar de premier wordt dankzij de ‘presidentialisering’ van het ambt juist groter.
Hij krijgt iedere week na de ministerraad een podium, mag na Europese toppen uitleggen wat Nederland heeft binnengehaald, staat vooraan bij belangrijke nationale gebeurtenissen en kan tijdens campagnes vaak bepalen met wie hij wil debatteren en waarover. Tegenstanders konden jarenlang alleen maar dromen van Ruttes politieke privileges.
Mark Rutte is als premier nooit verslagen tijdens verkiezingen, maar ook zijn voorgangers zaten stevig in het zadel. In de laatste ruim veertig jaar heeft Nederland slechts vier premiers gehad.
Het verklaart de opwinding die nu voelbaar is bij alle partijen. Het politieke speelveld ligt open. De partij die het Torentje weet te veroveren, krijgt met het premierschap een enorm wapen in handen en mag dromen van politieke dominantie in een post-Rutte-tijdperk.
De laatste keer dat er geen zittende premier deelnam aan de verkiezingen was in 2002. Het vertrek van Wim Kok resulteerde toen in een van de meest onvoorspelbare en onvergetelijke campagnes uit de Nederlandse politieke geschiedenis. De vertrouwde krachten uit de kabinetten-Kok – Ad Melkert (PvdA) en Hans Dijkstal (VVD) – werden weggevaagd. De door het establishment vaak geridiculiseerde Pim Fortuyn leek met zijn LPF af te stevenen op de verkiezingswinst. Door de moord op Fortuyn ging het tot die tijd onbekende CDA-Kamerlid Jan Peter Balkenende er met de winst vandoor.
Niemand weet hoe de strijd dit keer zal eindigen, maar iedere partij is ervan doordrongen dat de komende vier maanden de Nederlandse politiek voor jaren kunnen gaan bepalen.
De uitdagers van de VVD mogen dan menen dat er ook nu verandering in de lucht hangt, het initiatief ligt voorlopig nog altijd bij de VVD. De partij schoof deze week Dilan Yesilgöz naar voren als nieuwe lijsttrekker en er is geen twijfel over dat zij het ook wordt. Het is een kandidaat die ook bij tegenstanders ontzag afdwingt. De VVD, die een reputatie heeft opgebouwd als formidabele campagnemachine, heeft nu een politiek vaardige, relatief jonge vrouw (46) met een niet-westerse achtergrond als premierskandidaat. Alleen daarmee al is ze de belichaming van vernieuwing.
Toch zien politieke rivalen ook kansen. Yesilgöz is een protegé van Rutte en verdedigt sinds 2017 trouw het VVD-beleid. Tegenstanders zullen haar proberen af te schilderen als een voortzetting van het tijdperk-Rutte. Yesilgöz is ook ongetest. Ze heeft nog nooit een campagne aangevoerd, ook niet in haar tijd in de gemeenteraad van Amsterdam. Of ze tegen de druk bestand is, moet blijken. Bestuurlijke ervaring heeft ze nog maar enkele jaren. Zien de kiezers in haar de vrouw die Nederland door moeilijke tijden gaat loodsen?
Het voordeel voor de gedoodverfde nieuwe VVD-leider is dat de rechtse concurrentie niet zo sterk oogt als in het verleden. PVV, FvD en JA21 roepen vooralsnog weinig enthousiasme op en het verscheurde CDA moet na het vertrek van Hoekstra en De Jonge waarschijnlijk met een relatief onbekende lijsttrekker de verkiezingen in.
Veel wijst erop dat Yesilgöz de rechtse kiezers wil bedienen met de vertrouwde VVD-thema’s: veiligheid, liberaal economisch beleid en een streng asielbeleid. Vooral dat laatste onderwerp kan de strijd gaan bepalen: binnen de VVD is grote eensgezindheid over de noodzaak om asiel in te perken, terwijl veel andere partijen intern verdeeld zijn en het onderwerp liever uit de weg gaan.
De nieuwe VVD-lijsttrekker heeft daarbij de komende maanden het grote voordeel dat ze als demissionair minister van Justitie een groot podium heeft om de publiciteit te zoeken. Ook deze week twitterde ze weer volop over haar strijd om Nederland veiliger te maken.
De VVD zal wel meer moeite hebben om opnieuw de campagne te domineren. De partij slaagde er de afgelopen campagnes in om ideale voorwaarden te scheppen bij verkiezingsdebatten. Televisieredacties waren gevoelig voor het dreigement dat de premier anders verstek zou laten gaan. De kans lijkt klein dat Yesilgöz vergelijkbare eisen kan stellen.
De VVD is eraan gewend geraakt de lakens uit te delen in Den Haag. Is het partijapparaat flexibel genoeg om zich aan te passen aan de nieuwe tijd? De presentatie van Yesilgöz was old school: ‘exclusief’ op de voorpagina van De Telegraaf. De overige media werden afgescheept met ‘een leugentje om bestwil’, concludeerde het blad EW, het voormalige Elsevier. Op de dag dat Yesilgöz haar kandidatuur tegen De Telegraaf bevestigde, zei ze tegen de NOS dat ze er nog over nadacht.
Na de ongekende zege van BBB bij de Provinciale Statenverkiezingen riep Caroline van der Plas al meteen op tot nieuwe landelijke verkiezingen. Haar partij was er klaar voor, verkondigde de voormalige journalist van agrarische vakbladen zelfverzekerd.
Zeker is dat niemand BBB nog zal onderschatten. Caroline van der Plas maakt ook op andere partijen indruk als een behendige politicus. Na de val van Rutte IV herhaalde ze meteen dat BBB nooit in een kabinet met Mark Rutte als premier zitting zou nemen. Daarmee sloot ze voor de VVD-leider ook het laatste geitenpaadje naar Rutte V af.
Van der Plas lijkt voor veel kiezers ook symbool te staan voor het einde van het Rutte-tijdperk. Zij is in veel opzichten de anti-Rutte: geen onverbiddelijke beroepspoliticus, maar een ongekunstelde zijinstromer. Van der Plas durft buiten de gebaande paden te denken: deze week filosofeerde ze over een premier van binnenlandse zaken, waarvoor ze zelf in aanmerking komt, en een premier van buitenlandse zaken. Niemand weet of het haalbaar is, maar de BBB-leider lijkt in elk geval open te staan voor onorthodoxe stappen om de onder Rutte verzuurde politieke cultuur weer nieuwe lucht te geven.
Van der Plas zal zich de komende maanden wel schrap moeten zetten. Veel ogen zijn op haar partij gericht en iedere misser zal onder een vergrootglas komen te liggen. BBB lijkt zich vooral te focussen op het selecteren van goede kandidaten voor de komende verkiezingen, maar minstens zo belangrijk zal de presentatie van het nieuwe verkiezingsprogramma zijn.
Niemand weet precies wat de plannen van BBB zijn voor de economie, het begrotingsbeleid, asiel, de energiemarkt, klimaat, Europa. Het is tegenstanders ook niet ontgaan dat Van der Plas soms improviseert en dat haar plannen niet altijd uitblinken in coherentie. Zonder risico is dat niet. Ook talkshowlieveling Van der Plas zal zich nog herinneren hoe het ooit afliep met Emile Roemer, de populaire SP-leider die in 2012 een gooi leek te doen naar het premierschap: alles stortte in toen hij niet helemaal overtuigd leek van zijn eigen EU-plannen en er met succes twijfel werd gezaaid over zijn dossierkennis.
Net als de VVD is de BBB ook afhankelijk van de plannen van Pieter Omtzigt. Hij zal zich zeker niet aansluiten bij Van der Plas. Over zijn eigen ambities wil hij nog enkele weken nadenken. De tijd dringt: als de ex-CDA’er zijn enorme populariteit wil verzilveren, moet hij op korte termijn een partij, een campagneorganisatie, een lijst en een programma uit de grond stampen. Het zal het uiterste vragen van Omtzigt, die al eerder worstelde met zijn gezondheid, maar het jaar 2002 liet zien dat het kan. Pim Fortuyn richtte drie maanden voor de verkiezingen de LPF op.
Op rechts is Yesilgöz door de VVD in stelling gebracht voor het premierschap, op de meer sociaal-conservatieve vleugel loopt Van der Plas zich warm en denkt Omtzigt na over een eigen partij, maar wat doet progressief links?
GroenLinks en PvdA gaan met één lijst, één programma en één lijsttrekker de verkiezingen in. Als de leden van beide partijen komende maandag groen licht hebben gegeven, zal ergens in de zomer de nieuwe lijsttrekker worden gepresenteerd. Het doel is duidelijk: na Rutte moet er ‘een linkse premier’ komen, zo kondigde PvdA-leider Attje Kuiken afgelopen week al aan.
PvdA en GroenLinks moeten dan wel zien te voorkomen dat er intern verdeeldheid ontstaat. Eurocommissaris Frans Timmermans geldt als belangrijkste kandidaat om de linkse combinatie te gaan leiden, ook omdat de nog populairdere Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb door veel leden niet links genoeg wordt gevonden.
Probleem is wel dat het vertrek van Rutte en de entree van Yesilgöz het speelveld hebben veranderd. Nu er zoveel oude kopstukken plaatsmaken – Rutte, Kaag, Hoekstra, De Jonge – kan Timmermans eerder worden gezien als iemand van het verleden. Bovendien hebben PvdA en GroenLinks altijd het belang benadrukt van meer vrouwen en minderheden op cruciale posities. Het zal voor veel leden ongemakkelijk voelen om dan zelf een witte man op leeftijd (62) in stelling Source: Volkskrant