En daar ging Torstein Traen weer. Voor de derde keer deze Tour viel de Noor, 27 jaar maar weinig ervaring op het hoogste niveau. De renner van Uno-X was de enige die niet op zijn fiets bleef in de lange afdaling naar de finishplaats van de twaalfde etappe naar Belleville-en-Beaujolais. Traen kreeg een nieuw rijwiel en kon voort.
Er was strijd, er was een afdaling waar het hard ging, maar er was slechts één val-zonder-erg. Alweer een meevaller deze Tour, want twee etappes geleden ging het met een vergelijkbaar lange slotafdaling ook goed.
Uiteindelijk won de Spanjaard Ion Izagirre donderdag de rit. Solo reed hij de hele afdaling vooraan en de concurrentie zag hem na de finish pas terug. Kort voor Izagirre zijn beslissende aanval plaatste, had Mathieu van der Poel zijn poging zien stranden om ook alleen op kop te gaan afdalen. De Nederlander liet zich zien, maar bleek niet hersteld van een verkoudheid. Uitgeput finishte de man die daarvoor 20 kilometer op kop had gelegen, als 51ste op ruim 5 minuten.
Over de auteur
Robert Giebels schrijft voor de Volkskrant over wielrennen en Formule 1. Hij was correspondent in Azië, schreef over economie en won als politiek verslaggever journalistiekprijs De Tegel.
De Tour van 2023 is over de helft en wat blijkt: er zijn aanzienlijk minder schadegevallen dan de voorgaande jaren. Het afwijkende parcours, de langzaam groeiende aandacht voor veiligheid en de tragische dood na een val van Gino Mäder in de Ronde van Zwitserland, spelen daarbij vermoedelijk daarbij een kleine of grote rol.
Normaal gesproken begint een Tour met kansen voor de sprinters. De klassementsmannen krijgen in die vlakke ritten de gelegenheid om ‘er in te komen’, vooral omdat het zwaartepunt, de bergen, voor de tweede helft wordt bewaard.
Dit jaar waren de sprinters in de eerste twee etappes op voorhand kansloos. Dat scheelde een hoop hectiek bij de Tourstart en daarmee de nodige valpartijen.
In de drie voorgaande jaren draaide het begin van het grootste en belangrijkste wielerevenement op aarde om die ene renner die bijna elke ploeg in de gelederen heeft: de sprinter. Die heeft zich tot het uiterste voorbereid op zijn eerste kans, mogelijk ook op een eerste gele trui – ‘ik heb de benen', belooft hij zijn ploeg. Gevolg: een zeer groot deel van het peloton fietst stuur-aan-stuur met het snot voor ogen een trechter in en dat leidt tot vreselijke en massale valpartijen.
De gevolgen staan in het ‘medisch bulletin’ dat de Tourorganisatie na elke etappe uitreikt. In deze Tour bleef dat overzicht van renners die gezondheidszorg ontvingen in vijf van de eerste elf ritten leeg. In totaal moesten 17 renners tot dusver naar de dokter, waarna er negen de Tour verlieten.
De laatste twee zijn Fabio Jakobsen en David de la Cruz. De Nederlandse sprinter stapte uit de Tour. De schaafwonden na zijn valpartij in de vierde rit, de tweede sprintetappe, kostten te veel energie. ‘Mijn lichaam is niet bezig met hard fietsen, presteren en sprinten, maar meer met erdoorheen komen.’
Gedurende de 12de etappe ging de Spanjaard De la Cruz onderuit, greep naar de schouder en werd in een ziekenwagen afgevoerd: abandon dus, uitvaller nummer 9 deze Tour. Een drama voor de uitvallers, maar het zijn er dit jaar aanzienlijk minder dan in de drie voorgaande jaren tot en met etappe 12, dus over de helft van de Tour.
Vorig jaar was de score in het medisch bulletin 32, vooral door een massale valpartij in de eerste rit in lijn, in Denemarken.
In 2021 moesten 35 renners zich medisch laten behandelen – denk aan het ‘Opi-Omi’-bord: in de eerste drie ritten, lag viermaal een substantieel deel van het Tour-peloton op het asfalt. Toen de Tour van 2021 begon aan de tweede helft waren er al 29 renners afgestapt. Slechts driekwart van het gestarte peloton zou Parijs halen, maar dat had ook te maken met olympische wielerambities voor de Spelen in Tokio.
In 2020 was het aantal doktersbezoeken nog hoger tot en met de twaalfde rit: 44 en 16 afstappers. Ook in dat jaar lag het zwaartepunt van de schade in de eerste vlakke sprintetappes.
Voor de Tourstart in Bilbao presenteerden wielerploegen en wedstrijdorganisaties een initiatief, Safer, om het wielrennen veiliger te maken. Hoewel het pas in 2025 echt begint, lijkt het toch iets te hebben losgemaakt bij de renners. Niet langer zijn ze de enigen die zich bekommeren om hun welzijn.
In combinatie met het overlijden van Mäder kort voor de Tour – met een snelheid boven de 100 kilometer per uur, verloor hij vermoedelijk de controle – heeft zich ogenschijnlijk een ‘waar zijn we zelf eigenlijk mee bezig’-sfeer in het peloton genesteld.
De reflex van renners na een valpartij was vaak de parcoursbouwer de schuld geven. Ook na de val van Mäder: waarom een snelle afdaling in het parcours opnemen aan het eind van een bergetappe na al de nodige slopende dagen? Toen de dood van de geliefde Zwitser enigszins was verwerkt, bleek er ruimte voor de gedachte dat ook de renners zelf verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid.
Het lijkt erop dat ze iets meer onderlinge afstand houden in een grote groep, dat ze elkaar aanspreken op gevaarlijk gedrag en hun remmen wat meer beroeren. Vooralsnog zijn massale valpartijen uitgebleven en nu komen de bergen eraan. De komende dagen gaat blijken of de geest van Mäder ook in de afdaling meefietst met de renners.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden