Home

Mensen van duizend jaar oud – en ze zijn nog gezond ook

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

Menselijk lichaam Hoe ver is de leeftijdsgrens van mensen op te rekken? De grens ligt nu rond de 120 jaar. Kan een mens ook duizend worden?

Duizend jaar oud zullen ze worden, de meeste baby’s die nu worden geboren. Dat roept de excentrieke, zelfstandig gevestigde Britse levensverlengingsonderzoeker Aubrey de Grey al jaren, en hij acht die buitenissige claim nog altijd zeer waarschijnlijk. De kans is groot dat we de komende vijftig jaar de eerste verouderingsprocessen kunnen terugdraaien, mailt de onderzoeker met zijn Methusalem-waardige baard desgevraagd. Zo kunnen mensen, dan van middelbare leeftijd, er zo’n twintig gezonde levensjaren bij krijgen. „In die twintig jaar zullen we erachter komen hoe we sommige moeilijker te repareren schade kunnen verhelpen, waardoor diezelfde mensen er weer twintig jaar bij krijgen. Enzovoorts.”

Deze zomer zoekt NRC de grenzen op. De meest fascinerende wetenschap is te vinden bij de uitersten.

Andere onderzoekers zijn een stuk minder optimistisch. Zoals Eline Slagboom, hoogleraar moleculaire epidemiologie in het Leids Universitair Medisch Centum en voorzitter van de Nederlandse vereniging voor verouderingsonderzoek. „De oudste mens ooit werd 122 jaar, als de overlevering klopt.” Dat was de Française Jeanne Calment, die stierf in 1997. De Japanse vrouw Kane Tanaka is de een-na-oudste; zij stierf vorig jaar op 119-jarige leeftijd. „Tot nu toe is daar nog niemand overheen gegaan”, zegt Slagboom. Ze bestudeert al twintig jaar families met meerdere generaties van de langstlevende mensen in Nederland. „In geen van die families worden mensen ouder dan 120. Soms 113, 115 zelfs. Maar nooit 120. Ook mensen in bijvoorbeeld Japan, waar mensen bovengemiddeld lang leven, worden niet ouder. En deze mensen zijn het allerbeste bestand tegen veroudering, op allerlei vlakken, biologisch, sociaal, psychologisch. Dus ik denk dat 120 jaar het maximum is.”

Hoe kunnen mensen zo lang mogelijk zo gezond mogelijk leven? Dat is waar een almaar groeiend leger verouderingsonderzoekers naar zoekt. Wat bepaalt de leeftijdsgrens van de mens? Kunnen we die oprekken, en tot hoe ver?

In 200 jaar tijd is, dankzij betere voeding, hygiëne en medische zorg, de gemiddelde levensverwachting sterk gestegen; grofweg van 40 naar 80 jaar. „Maar het aantal gezonde levensjaren is niet verdubbeld”, zegt Slagboom. „Mensen leven dus wel langer, maar ook langer met ziekten. De helft van de 65-plussers kampt al met twee of meer ouderdomsgerelateerde ziekten, zoals diabetes, hart- en vaatziekte, kanker of dementie.” Hoe dat kan verbeteren, hoopt ze te ontdekken in die langlevende families.

Lang leven is maar voor 10 tot 15 procent erfelijk bepaald

In de families waar broers en zussen en hun voorouders ouder dan 90 jaar werden, speurt Slagboom naar genen die betrokken zijn bij de opmerkelijke trage veroudering. Ze kijkt ter controle naar aangetrouwde partners.

Twee processen zijn nogal bepalend, blijkt keer op keer: het immuunsysteem en de stofwisseling. De gunstige genen van de langlevende familieleden maakt hen minder gevoelig voor infecties, ziet Slagboom. De eerste ouderdomsziekte openbaart zich bij hen tot dertien jaar later dan bij de aangetrouwde familieleden. Hun cellen blijken in een kweekbakje veel beter bestand tegen schadelijke stoffen dan de cellen van aangetrouwde partners. En hun gevoeligheid voor het hormoon insuline, dat de bloedsuiker regelt, blijft tot op late leeftijd goed.

Het goede nieuws voor genetisch minder bedeelde mensen: lang leven is maar voor 10 tot 15 procent erfelijk bepaald. De rest wordt bepaald door hoe je opgroeit, waar je woont, wat je doet, eet en meemaakt. Juist daar putten onderzoekers hoop uit: daar valt op in te grijpen.

Muizen veel ouder laten worden is makkelijk. Gewoonlijk worden labmuizen 2 jaar. Maar geef ze resveratrol, een stofje uit druiven (en in wijn), dat schadelijke moleculen wegvangt en ontsteking remt… Of geef ze metformine, een veelgebruikt geneesmiddel tegen diabetes type 2 dat de suikerstofwisseling reguleert… Of geef ze het aminozuur taurine, zoals onlangs is ontdekt… Met die middelen leven ze twee tot vier maanden langer. Geef ze rapamycine, dat afstotingsreacties onderdrukt na orgaantransplantatie, en ze leven zelfs 1,5 keer zo lang. Met meer energie, minder gewicht, gezondere organen, betere botten, sterkere spieren, een glanzende vacht en een beter afweersysteem. En geef ze elke dag 30 procent minder calorieën dan ze nodig hebben en ze leven 10 procent langer – voer ze alleen tijdens hun actieve periode en ze leven zelfs 35 procent langer, beschreven onderzoekers in mei in Science.

Er zijn inmiddels twaalf verouderingsprocessen ontdekt die vertraagd of zelfs stilgelegd kunnen worden

Diezelfde spectaculaire resultaten naar mensen vertalen blijkt lastig. Maar ze helpen onderzoekers wel om te begrijpen welke processen veroudering teweegbrengen.

Er zijn inmiddels twaalf verouderingsprocessen ontdekt die vertraagd of zelfs stilgelegd kunnen worden – vooral in diermodellen en in cellen in kweekbakjes. Europese onderzoekers beschrijven ze in een recent overzichtsartikel. Bijna allemaal hebben ze te maken met gebrekkige herstel- en opruimprocessen. Dna raakt beschadigd en wordt niet goed gerepareerd, eiwitten gaan kapot en stapelen zich op, de ‘vuilnisophaaldienst’ in cellen werkt niet meer goed, chromosomen kalven af, er zijn veranderingen in de chemische ‘vlaggetjes’ die bepalen of genen actief zijn.

Zo kunnen we bepalen wat je biologische leeftijd is – die kan anders zijn dan je kalenderleeftijd

Andrea Maier hoogleraar gerontologie

Dat heeft gevolgen, in cellen en in organen. De communicatie tussen cellen verandert, en hun energiehuishouding. Weefsels kunnen minder goed voedingsstoffen detecteren, verouderde cellen worden niet meer opgeruimd. Organen raken chronisch ontstoken, de samenstelling van de bacteriën in de darmen raakt uit balans.

Dankzij deze inzichten zijn nu er manieren om te meten hoe ver de verouderingsprocessen in je lijf zijn gevorderd, vertelt Andrea Maier, hoogleraar gerontologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, in een videogesprek. „Zo kunnen we bepalen wat je biologische leeftijd is – die kan anders zijn dan je kalenderleeftijd. De meest gebruikte is de epigenetische klok. Daarnaast zijn er parameters in het bloed, en in de microben in de darmen, het microbioom.”

Maier is voor haar onderzoek uitgeweken naar Singapore, waar ze ook een kliniek leidt voor het terugdraaien van veroudering. „De regering hier geeft langlevengeneeskunde een hoge prioriteit, de bevolking is de snelst vergrijzende ter wereld.”

Wat de parade aan processen vooral laat zien: er zijn ontzettend veel potentiële knopjes om aan te draaien, en de processen hangen ook nog eens allemaal met elkaar samen. Waar te beginnen? Het ultieme levenselixer is nog niet gevonden. Maar van het sleutelen aan drie processen verwacht Slagboom op korte termijn het meest.

Om te beginnen het systeem waarmee cellen in het lichaam doorlopend peilen hoeveel glucose, eiwitten en andere voedingsstoffen er in de buurt zijn. Aan de hand daarvan bepaalt een proces genaamd TOR het lot van een cel: voortleven of afsterven? Slagboom: „Als er genoeg nutriënten zijn, gaat de activiteit van TOR omhoog. Dat stimuleert groei en celdeling: er zijn dan voldoende bouwstenen. Als er weinig voedingsstoffen zijn, gaat TOR juist omlaag. Hierdoor wordt een aantal cellen afgebroken zodat bouwstenen vrijkomen. Daarbij wordt in één moeite door ook andere rommel opgeruimd, zoals opgestapelde of kapotte eiwitten.”

Rond het zestigste levensjaar kan die spierafbraak hard oplopen

Eline Slagboom hoogleraar moleculaire epidemiologie

Dat TOR-systeem is een cruciale schakel in het web van verouderingsprocessen: groei en afbraak, het immuunsysteem en het metabolisme. TOR zet op zijn beurt een stroom van honderden moleculaire signalen aan. De ontdekkers van TOR, de Amerikaanse biologen Michael Hall en David Sabatini, hebben ook laten zien dat het levensverlengde effect van minder calorieën eten verloopt doordat TOR laag blijft. De stof rapamycine, die proefdieren langer in leven houdt, bootst dit effect na. Hieraan dankt TOR zijn naam: Target Of Rapamycin (doelwit van rapamycine). Of die stof bij mensen ook zo werkt is nog niet duidelijk.

Een tweede proces waarop wetenschappers willen ingrijpen is cellulaire veroudering. „Soms blijven verouderde cellen in weefsels zitten. Die sterven niet af, zoals gebruikelijk, maar ze worden wat groter en raken in een ontstoken staat, waardoor ze ook omliggende cellen negatief beïnvloeden”, zegt Slagboom. Zulke ‘zombiecellen’ kunnen in alle organen voorkomen, ze ontstaan door schade en ziekte. Wetenschappers ontdekten de afgelopen jaren een aantal stoffen die bij muizen heel selectief zulke verouderde cellen uit een weefsel laten verdwijnen, senolytica. Die muizen leven dan langer en gezonder. De stoffen quercetine en fisetine worden op dit moment ook getest bij mensen als behandeling voor verschillende aandoeningen.

Die verslechterde voedingsstoffendetectie en de toxische ‘zombiecellen’ liggen waarschijnlijk ook ten grondslag aan een ingrijpend proces waarmee veroudering bij de mens begint: spierafbraak. „Dit heeft een wijdverbreid effect of je gezondheid”, zegt Slagboom. „De skeletspieren vormen 35 tot 50 procent van het lichaam. Rond het zes Source: NRC

Previous

Next