N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Demissionair kabinet Na een lange formatie hield Rutte IV er ook nog voortijdig mee op. Vakmensen vrezen het stranden van beleid. „We verliezen weer een jaar.”
De kabinetsval vrijdag heeft tot een ongekend snelle verbroedering geleid. Een bont gezelschap van onder meer VNO-NCW, Greenpeace en Gasunie riep zondag de Tweede Kamer al op het klimaatbeleid niet te laten stranden. Alle provincies, gemeenten en waterschappen verzochten ook zoveel mogelijk door te regeren, zeker op gebieden als woningbouw en natuur.
„Ik kan me niet herinneren dat er na een kabinetsval zoveel maatschappelijke druk is geweest om een impasse te vermijden”, zegt Bert van den Braak, hoogleraar parlementaire geschiedenis aan de Universiteit Maastricht. „We hebben een hele lange formatie van Rutte IV achter de rug, dus veel mensen willen niet weer meer dan een jaar in een demissionaire toestand zitten.”
Het duurt nog even voordat duidelijk is in hoeverre het ‘het Haagse beleid’ stil komt te liggen. De Tweede Kamer beslist in september welke onderwerpen controversieel worden verklaard. Wetgeving kan dan – ook op gevoelige dossiers als klimaat, wonen en migratie – tot er een nieuwe coalitie is blijven liggen.
Als het aan premier Rutte ligt, gaat de steun aan Oekraïne door. Ook rond de afhandeling van de Toeslagenaffaire en de Groningse gasproblemen wil hij vertraging voorkomen.
„Op zich hoeft een kabinetscrisis niet te leiden tot bestuurlijke stilstand. Kijk naar de val van Rutte I in 2012, nadat gedoogpartner PVV zijn steun introk”, roept Van den Braak in herinnering. „Drie oppositiepartijen, de zogeheten Kunduz-coalitie, namen snel na de breuk samen met het kabinet gevoelige besluiten. Onder meer over bezuinigingen en een hogere pensioenleeftijd.”
Dat geen enkele partij de coalitie heeft verlaten, maakt volgens de Maastrichtse hoogleraar een groot verschil. De vier fracties vormen al een meerderheid om het kabinetsbeleid voort te zetten. „Met de steun van één of twee andere partijen hoeft dan geen vertraging op te treden. Daar komt bij dat controversieel verklaren de laatste tijd minder snel gebeurt. Vroeger kon een deel van de oppositie de behandeling van wetgeving blokkeren, maar sinds de kabinetten-Balkenende is dat niet meer zo.”
Ook de Eerste Kamer maakt na het zomerreces een lijst met controversiële onderwerpen. „Omdat de coalitie daar geen meerderheid heeft, verwacht ik eerder problemen in de Eerste Kamer. Daar worden immers vergelijkbare politieke afwegingen gemaakt.”
Maar als de coalitie erin slaagt een deel van de oppositie te binden, voorziet Van den Braak niet zoveel oponthoud. Hij is ook niet bang voor een Prinsjesdag zonder politieke inhoud. „Natuurlijk gaat het in de Rijksbegroting al snel om politiek gevoelige kwesties als inkomensbeleid of belastingen. Maar dat staat allemaal los van het migratiebeleid dat tot de val van het kabinet leidde. En controversieel verklaren heeft betrekking op de parlementaire behandeling, niet op het maken van wetsvoorstellen zoals begrotingen.”
De woningbouwdoelen die demissionair minister De Jonge (Volkshuisvesting, CDA) afsprak met provincies, gemeenten en woningbouwers raken nog verder uit beeld. „We maken ons grote zorgen. Nu ligt alles weer stil tot er een nieuw kabinet zit”, aldus Remco van de Wetering, manager vastgoed voor de regio Amersfoort bij woningcorporatie De Alliantie. Met „alles” doelt hij op wetgeving waarmee de minister de regie kon nemen om het tempo van de woningbouw op te schroeven. Belangrijke delen van die wetgeving zijn nog niet aangenomen, en worden naar verwachting controversieel verklaard omdat ze politiek gevoelig liggen. Het gevolg: verdere vertraging in plaats van versnelling.
In de regio Amersfoort zijn tot en met 2030 zeker 27.000 nieuwe woningen afgesproken. Die zijn hard nodig. De stad kampt met een flink tekort aan huizen voor statushouders en starters. Van de Wetering schetst de gevolgen voor Bovenduist, een beoogde woonwijk aan de rand van Amersfoort waar 3.000 woningen moeten komen. De val van het kabinet maakt de bouw er niet makkelijker op. „Kunnen daar straks wel wegen worden aangelegd? Hoe komen we aan de benodigde stikstofruimte? Wat voor warmtenet moeten we daar aanleggen als er geen Warmtewet is? En ook niet onbelangrijk: kunnen de huidige omwonenden straks jarenlang tot aan de Raad van State procederen om de bouwplannen tegen te houden? We kunnen niet gaan bouwen zolang er nog een beroep loopt.”
De gedupeerden zijn volgens Van de Wetering de woningzoekenden in Amersfoort. „Statushouders, maar óók mensen die al acht jaar op de wachtlijst staan en nog bij hun ouders op een zolderkamer wonen. Voor hen is dit shocking.” Corporatie De Alliantie zegt zoveel mogelijk vast te willen houden aan de woningbouwafspraken, maar de vraag hoe haalbaar die nog zijn stemt Van de Wetering somber: „Wij willen voor iedereen huizen bouwen, maar door de val van het kabinet wordt het voor ons erg moeilijk om deze doelen ook te halen.”
Huisarts Arno Krijgsman was verrast toen het kabinet vrijdagavond viel. En hij dacht daarna meteen: daar gáát mijn afspraak met Conny Helder, minister voor Langdurige Zorg. Krijgsman heeft de afgelopen maanden samen met zijn collega’s twee brieven aan de minister gestuurd, en is een petitie begonnen om zijn onvrede te uiten over de huisartsenzorg. Na weken van stilte had de woordvoerder van de minister deze maand eindelijk een afspraak toegezegd.
Krijgsman maakt onderdeel uit van huisartsengroep Milbergen in de Gelderse Ooijpolder met ruim veertig medewerkers: huisartsen, praktijkondersteuners, assistenten. Het maakt hen tot een gezonde praktijk, zegt Krijgsman, waar ze bijvoorbeeld veel collega’s opleiden. Maar juist vanwege die omvang, komen ze nu in de problemen.
Volgens de vorig jaar ingevoerde Wet toetreding zorgaanbieders moeten praktijken met meer dan vijfentwintig medewerkers aan allerlei extra regels voldoen. Dat brengt administratieve lasten en extra taken met zich mee, aldus Krijgsman. „We moeten bijvoorbeeld veel meer vergaderen.” En omdat de werkdruk al zo hoog is, kunnen ze die taken er niet bij hebben, zegt hij. Dit jaar viert de groep het dertigjarig jubileum, maar door de nieuwe wetgeving gaan er stemmen op om op te splitsen.
„Ik vind het pijnlijk, die nadruk op toezicht en controle”, zegt Krijgsman. „De wet gaat uit van wantrouwen.” En dat terwijl er veel belangrijker zaken in de huisartsenzorg spelen, aldus Krijgsman. Zo willen huisartsen meer tijd voor hun patiënten en betaalbare huisvesting.
Vorig jaar voerden de huisartsen actie in Den Haag. Minister Kuipers zegde op het laatste moment af. En nu hing zijn eigen afspraak aan een zijden draadje. „Ik heb de woordvoerder van de minister vrijdag meteen een appje gestuurd. Ik kreeg gelukkig antwoord dat de nog afspraak staat.”
De plannen voor de kinderopvang zijn nagenoeg af: kinderopvang moet vanaf 2027 bijna gratis worden, waardoor ouders niet meer afhankelijk zijn van een complex toeslagenstelsel als ze een deel van de opvangkosten vergoed willen krijgen. Demissionair minister Karien van Gennip (Sociale Zaken, CDA) wilde voor de zomer van 2024 een wet naar de Kamer sturen.
Verdere vertraging van die plannen zou „vreselijk” zijn, zegt Zoë Kwint, bestuurder bij kinderopvang 2Samen in Den Haag. Vooral voor de groep kinderen die daardoor niet naar de kinderopvang zal gaan, en zich minder zal ontwikkelen. „Die groep haalt die periode nooit meer in.”
Volgens Kwint is er ook geen reden om de plannen controversieel te verklaren. „Er ligt een goed plan, waar weliswaar nog het een en ander op aangepast moet worden. Maar iedereen ziet de noodzaak om de kinderopvang toegankelijker te maken, zeker na de Toeslagenaffaire.”
Kwint erkent de kritiek dat de plannen mogelijk zullen leiden tot een hogere werkdruk, omdat meer ouders hun kind naar de opvang zullen sturen als deze bijna gratis is. Maar, zegt ze, „het personeelstekort is bij meer uitstel echt niet verdwenen.” De kabinetsplannen geven volgens haar juist ook ruimte voor andere oplossingen voor werkdruk. „Dit controversieel verklaren? Dat kun je je niet veroorloven”.
Nietsdoen is geen optie. Dat schoot vrijdag door het hoofd van dementieverpleegkundige Gerben Jansen. Vorige week verscheen een alarmerend rapport over de ouderenzorg, met precies die titel. Ambtenaren schetsen een somber beeld: de ouderenzorg dreigt onbetaalbaar te worden en de personeelsproblemen te groot. De politiek zal ingrijpende keuzes moeten maken. Maar nu het kabinet gevallen is, vreest Jansen stilstand. „Precies dat kunnen we ons in de ouderenzorg niet permitteren.”
Jansen werkt als casemanager voor TWB Thuiszorg West-Brabant, hij begeleidt patiënten met dementie zolang zij nog thuiswonen. Samen met collega’s probeert hij dementieverschijnselen zo vroeg mogelijk te signaleren. „Als mensen vergeetachtig worden, of als de kinderen zeggen: mijn vader gedraagt zich anders.” In zo’n geval gaat Jansen langs en maakt een zorgplan.
Maar de druk op zijn team neemt toe. Toen hij achttien jaar geleden begon, was hij de enige d Source: NRC