Home

In hun stapelbedden in de loods zonder ramen liggen de asielzoekers wakker van de val van de regering

In de Eurohal, de evenementenhal in Groningen waar honderden asielzoekers verblijven, zagen ze het nieuws op hun telefoon. Om precies te zijn op de Facebookpagina Huna Hulanda (‘Hier Holland’).

Het was vrijdagavond, de tl-lampen brandden, hoog boven hun stapelbedden moesten de muizen nog beginnen aan het nachtelijke getrippel over de balken in de loods, daar zit geen plafond tussen, en toen zagen ze dat de Nederlandse regering was gevallen.

Vanwege hén. De asielzoekers.

Nee, niet nog meer slecht nieuws, dacht een 44-jarige vrouw uit Homs, Syrië. Al ruim een jaar wacht ze op haar verblijfsvergunning. Links en rechts krijgen Syriërs hun papieren, maar zij blijft in de procedure steken, niemand kan haar vertellen waarom. ‘Ik ben bang dat alles stil komt te liggen nu er geen regering meer is.’

We zitten op een picknickbankje voor de evenementenhal. Binnen word je ‘gebarbecued’, zo warm wordt het in de loods, verzuchten de bewoners, sommigen zitten hier al tien maanden. De Eurohal is ‘crisisnoodopvang’, in Nederland het nieuwe normaal. Er zijn geen ramen, al mogen de dakluiken tegenwoordig wel open.

Ze weten dat de regering is gevallen vanwege onenigheid over gezinshereniging. Daar liggen ze wakker van, in hun stapelbedden in hun compartimentjes zonder plafond. Iedereen heeft familie die ze willen laten overkomen, behalve één stille man die niemand meer heeft, hij verloor zijn gezin bij de aardbeving in Turkije.

Een Syrische man durft zijn achtergebleven vrouw nauwelijks te vertellen hoe hij hier verblijft, laat staan dat hij uitspreekt dat ze straks mogelijk niet verenigd zullen worden. De vrouw uit Homs vertelt over haar zoon die net volwassen is. Met strengere regels maakt hij geen kans.

Abeer uit Syrië schuift aan, ze heeft drie kinderen achtergelaten in Turkije. De oudste twee dochters, in de twintig, zorgen noodgedwongen voor de jongste van acht jaar. Als ze hier niet kunnen komen? ‘Dan pleeg ik zelfmoord.’

Veiligelanders en criminele asielzoekers, die bestaan allemaal. Maar de Eurohal zit afgeladen met echte vluchtelingen. Mensen uit Syrië die dingen zien op sociale media waarvan ze denken: gaat dit echt over ons?

Ze krijgen het gevoel dat Nederlanders denken dat ze hier ‘voor het geld’ komen, dus als gelukszoeker. Ze hadden in deze thuisbasis van het internationale strafhof wel iets meer kennis verondersteld. ‘Als de Nederlandse regering wil dat Syriërs hier niet komen, dan moeten ze ervoor zorgen dat president Assad vertrekt’, analyseert een Syrische man.

Stel dat er een regeling komt om vluchtelingen te verdelen in een A- of B-status, dan zouden de meesten hier een tijdelijke verblijfsvergunning krijgen. ‘Dus als je gewoon een oorlog bent ontvlucht en geen huis meer hebt, dat is niet genoeg?’, vraagt een man uit Aleppo vol spot.

Hun inburgering loopt vast in de chaos van de asielbureaucratie. Meerdere bewoners vonden een baan. Maar helaas, voordat ze mogen beginnen, moet de werkgever een eindeloze papierwinkel doorlopen. En dus ging het baantje bij een transportbedrijf van een 22-jarige Syriër toch niet door. De jongeman, hij spreekt perfect Engels, slijt zijn dagen in en om de loods. De beveiliging noemt hem een ‘onruststoker’.

Een landgenoot kon fulltime aan de slag in een winkel in de Randstad. Maar het COA, het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, dat de huisvesting regelt, weigert hem over te plaatsen. Moet hij maar werk zoeken in de buurt.

‘We voelen ons een nummer’, zegt de 19-jarige Abelhamid in het Nederlands, een taal die hij na slechts tien maanden vrijwel vloeiend spreekt. Bij aankomst in de loods vroeg hij om een ‘boek om Nederlands’ te leren. Tevergeefs, want crisisnoodopvang is bedoeld om te wachten, niet om te studeren.

Sindsdien struint Abdelhamid Groningse bibliotheken af voor taalles. Zuidbroek, Muntendam, Winschoten, hij komt overal. Hij geeft les aan de andere bewoners. ‘Hij is onze docent’, zegt de vrouw uit Homs.

Aan de picknicktafel gaat het niet alleen over de val van het kabinet. Er is ook goed nieuws. De verhuizing. Maandag vertrokken circa veertig gelukkigen naar een nieuwe opvanglocatie in de stad Groningen. Nog steeds noodopvang, maar zo prachtig, want het gebouw heeft ramen. En de kamers hebben een plafond.

Source: Volkskrant

Previous

Next