Home

Robbert Dijkgraaf durfde een verbod op smartphones op school niet aan – wat een gemiste kans

Terwijl ik dit tik, ligt mijn iPhone in een andere kamer. Nieuw regime. Gisteren wilde ik een dik boek uitlezen. Dat moest, ik had een deadline. Om me te kunnen concentreren legde ik mijn telefoon weg. In het eerste uur checkte ik, toen ik koffie ging halen, stiekem mijn appjes en mails. Het beantwoorden kostte me een half uur. Met moeite kwam ik weer in mijn boek, dat me toch zo greep dat ik mijn telefoon urenlang vergat. Geschrokken rende ik naar mijn altijd parate vriend, mijn levenslijn. Leefde mijn familie nog? Wat deed iedereen? Had iemand me nodig? Was ik iets vergeten? Mijn hart bonsde in mijn keel, het zweet brak me uit.

Het zijn onthoudingsverschijnselen van een verslaafde. Voor mij zou een smartphoneverbod op het werk heel goed zijn. Maar ja, ik werk thuis en ben zelf de werkgever die het verbod moet uitvaardigen. De geest is zwak. Als ík het al niet kan, hoe moeilijk moet het voor een puber zijn om de verleiding te weerstaan?

Een toverdoosje dat constant toegang biedt tot alles wat je leuk vindt, waar je wilt zijn, dat je in contact houdt met je vrienden, daar kan niks tegenop. Zelf het allerbegeerlijkste, seks, niet. Uit een onderzoek dat Alexander Klöpping onlangs door Motivaction liet doen bleek dat de helft van de 18-24-jarigen liever nooit meer seks heeft dan dat zij hun smartphone opgeven.

Veel jongeren beseffen dat ze verslaafd zijn. Ze kunnen niet zomaar stoppen met een apparaatje dat zo is gemaakt dat het je voortdurend kicks geeft. Die verdringen de belangstelling voor al het andere. Ook in de klas. Je kunt je onmogelijk concentreren op de lesstof met je telefoon in je hand, waarop je kunt snapchatten, tiktokken, gokken en porno kijken. De leraar kan daar met geen enkel verhaal tegenop. Daarom moet er een verbod komen op smartphones onder schooltijd.

Het lijkt een besluit uit een andere wereld. Eentje waarin Mark Rutte nog de premier van Nederland was en partijleider van de VVD en Robbert Dijkgraaf de niet-demissionaire minister van onderwijs. Toch is het nog maar zes dagen geleden dat Dijkgraaf een ‘richtlijn’ publiceerde die scholen oproept smartphones te weren. Mobieltjes, zei hij ferm, ‘verstoren het leerproces’. Dijkgraaf maakte een ‘afspraak’ met de VO-Raad – die niets ziet in een wettelijk verbod, de Algemene Onderwijsbond (73 procent van de leraren is vóór) en met Ouders en Onderwijs (vóór). De PO-Raad aarzelt. Onbegrijpelijk: smartphones op de basisschool?

De opgestapte minister Dennis Wiersma nam het initiatief; hij sprak met experts over de invloed van smartphones. Die voeden de verslaving en verstoren de concentratie, en ze veroorzaken mede de afnemende leesvaardigheid. Ze maken jongeren niet alleen gelukkig, maar ook gevoelig voor depressie. Ze zijn een geniepig instrument voor pestkoppen en kongsivormers. Niets zo zenuwslopend als continu beoordeeld te worden en de dreiging dat ze je bespotten of buitensluiten. Tegen zoiets schadelijks moeten we kinderen beschermen, net als tegen roken en alcohol.

Hoe nu verder? Als de richtlijn ingaat, 1 januari 2024, hebben we waarschijnlijk nog geen nieuwe onderwijsminister. Een richtlijn is geen verbod en is te negeren; daar staan geen sancties op. Dat Henk Hagoort, voorzitter van de VO-Raad, de ‘afspraak’ slechts ziet als aansporing voor scholen ‘hun beleid tegen het licht te houden’ geeft weinig hoop. Om leraren en ouders te ondersteunen is een wettelijk verbod nodig, zoals dat in Frankrijk in 2018 succesvol is ingevoerd. Het is een gemiste kans dat Dijkgraaf dit niet meteen heeft aangedurfd.

Source: Volkskrant

Previous

Next