‘Liever Rutte dan rotzooi’, zou een parafrase kunnen zijn op Leo Vromans ‘Liever heimwee dan Holland’.
In dertien jaar Rutte is de economie van Nederland gegroeid van 600 tot 900 miljard euro. En de werkloosheid is gedaald van 5,6 naar 3,6 procent.
Nadat Rutte maandag deed wat iedereen wilde, was er ook grote paniek. Ineens werd door ‘het maatschappelijk middenveld’, zoals dat heet, krokodillentranen vergoten. Want, wie moet het dan doen?
Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Onlangs verscheen van zijn hand Het geheim van Beursplein 5, over de Amsterdamse beurs. Columns reflecteren niet per se de mening van de redactie, zie hier onze richtlijnen.
Werkgevers, werknemers, gemeenten en milieugroepen klaagden zondag al steen en been. Ze vrezen dat het land minimaal een jaar ‘op slot gaat’ na de val van Rutte IV. Pas in november zijn er verkiezingen en dan kan het nog maanden gaan duren voordat in het versplinterde land een nieuw kabinet wordt gevormd. En gezien alle crises over klimaat, energietransitie, armoedebestrijding, koopkrachthandhaving en woningbouw kan niet zo lang worden gewacht.
Alleen de boeren kunnen zich in de handen wrijven. Pas ergens in de herfst van 2024 kunnen weer knopen worden doorgehakt, hetgeen ook nog een eufemisme is voor het sluiten van halfslachtige compromissen waar partijen - zoals het CDA - op terugkomen als ‘t puntje bij het paaltje komt. Zonder Rutte wordt het allemaal nog moeilijker. Zeker als hij wordt vervangen door een premier die bij elke tegenslag in huilen uitbarst in plaats van die weg te lachen.
Er zou hoe dan ook haast moeten worden gemaakt. Kapitaal vliegt in milliseconden over de wereld. Met een vingerknip worden ceo's en voetbaltrainers vervangen. Het moet toch mogelijk zijn om komende zondag al verkiezingen te houden in plaats van midden november. Dinsdag en woensdag kiezen de partijen lijsttrekkers. Donderdag komt de kieswijzer. Vrijdag en zaterdag volgen er dan debatten bij de publieke en commerciële zenders. Zondag rond wat vroeger kerktijd was, mogen kiezers elektronisch uitmaken of Caroline van der Plas, Pieter Omtzigt, Frans Timmermans, Sophie Hermans of een nieuwe grootheid het voortouw kan nemen. En niemand mag op vakantie of met reces tot de formatie is afgerond.
Het voorkomt veel ellende. Nu gaan er allerlei mensen verkiezingsprogramma’s schrijven die al verouderd zijn op het moment dat het land naar de stembus gaat. Er zal tot vermaak van de media eindeloos worden gebakkeleid over lijsttrekkers. En uiteindelijk wordt door een sneer van een televisiekletser de uitslag bepaald.
Misschien werkt het huidige systeem van verkiezingen niet meer in een tijd van fragmentatie en politieke desinteresse. Het feit dat in Drenthe een schapenboer was gebeten door een wolf was zondag al een belangrijker gespreksonderwerp op de Noord-Hollandse kermis dan de val van Rutte IV.
In zijn tien jaar geleden verschenen essay Tegen Verkiezingen sprak cultuurhistoricus David van Reybrouck van een democratisch vermoeidheidssyndroom. De afkalving van de daadkracht en draagkracht van de politiek betekent dat moet worden gekozen voor een stelsel dat in het verre verleden in steden als Athene, Venetië en Florence werd gebruikt. Er zou een zestal raden van via loting verkozen burgers, met onderlinge checks and balances, moeten komen die wetsvoorstellen maken, hierover stemmen en de wetgevende macht controleren.
Misschien beperkt dat de rotzooi.
Source: Volkskrant