Home

Documentaire over Wham! werpt nieuw licht op de verhoudingen in het succesvolle popduo uit de jaren 80

Misschien wel het opmerkelijkste aan Wham!, de documentaire van Chris Smith die sinds woensdag te zien is op Netflix, is dat het succes van het Britse duo maar zo kort duurde. In nog geen vier jaar, tussen 1982 en 1986, bestormden George Michael en Andrew Ridgeley de hitlijsten met minstens tien wereldhits die inmiddels tot het collectieve geheugen behoren.

Young Guns, Wake Me Up Before You Go-Go en Freedom maakten het duo dat elkaar op de middelbare school in Hertfordshire leerde kennen, nog geen 20 jaar oud al wereldberoemd. George Michael was pas 23 toen hij Wham! verliet voor een solocarrière die van hem een van de meest geliefde, getalenteerde maar ook getormenteerde popzangers van zijn generatie zou maken.

Over de auteur

Gijsbert Kamer is sinds 1992 muziekjournalist. Hij schrijft voor de Volkskrant recensies, interviews en beschouwingen over pop en jazz.

Maar, en dat wordt eindelijk eens goed uitgelegd in de met prachtig archiefmateriaal uit de vroege jaren tachtig gevulde documentaire, Michael was weliswaar het muzikale genie van het duo, zonder Ridgeley was hij nooit zo ver gekomen. Ridgeley gaf Michael het zelfvertrouwen dat hij nodig had.

De afgelopen decennia is Ridgeley (60) neergezet als een talentloze playboy die zelf geen enkel instrument kon bespelen, niet zong en zijn gitaar nooit inplugde. Michael zong en produceerde de liedjes die hij vooral zelf schreef, zo beschrijft ook James Gavin de verhouding wat al te gretig in zijn onlangs verschenen biografie George Michael – Een leven.

Recente interviews met Ridgeley en archief-audio van Michael (die in 2016 op 53-jarige leeftijd overleed) vertellen in de documentaire een ander verhaal. De wat verlegen Michael keek aanvankelijk erg op tegen Ridgeley, die meer bravoure had. Ridgeley sleepte zijn vriend mee in zijn wil om zelf een popgroep te beginnen.

Het was 1979, een asgrauw jaar in de Britse geschiedenis: 3 miljoen Britten waren werkloos, een record. Wat in de documentaire meer aandacht verdiende, is dat veel jongeren in de post-punk jaren uit verveling zelf bands oprichtten. Ook Ridgeley en Michael. Zij begonnen een ska-band, maar dat werd niks. En dus ging het duo verder als ‘soul boys’.

Het was Ridgeley die de muzikale koers en uiterlijk van het duo bepaalde. ‘Ik bewonderde Andrew als stylist’ zegt Michael (door Ridgeley steeds Yog genoemd). Ze schreven samen aan de eerste liedjes voor Wham!, waaronder een vroege demo-versie van Careless Whisper.

Met hun eerste singles Wham Rap en Young Guns wil het in 1982 aanvankelijk nog niet lukken. Maar dan komt er in november van dat jaar een telefoontje van wat de jongens de ‘heilige graal’ voor popmuzikanten noemen, het tv-programma Top Of The Pops. Hun uitvoering van Young Guns wordt de doorbraak van het duo. Vanaf december 1982 is Wham! niet meer weg te denken van radio, tv en concertpodia. Langzaam verandert er daarna iets tussen de twee boezemvrienden.

Ridgeley ziet met lede ogen aan hoe zijn maatje het songschrijven steeds beter onder de knie krijgt, terwijl hij zelf geen progressie meer boekt. ‘Dat was moeilijk, want we waren samen een band begonnen waarin we ook samen liedjes schreven.’

Aan Wake Me Up Before You Go-Go droeg Ridgeley vooral de titel bij (‘Maak me wakker als je weggaat’, stond er op een briefje). Michael wordt zelfverzekerder en heeft Ridgeley steeds minder nodig. Als tijdens het concert Live Aid (waar Wham! zelf niet optreedt omdat manager Simon Napier-Bell daar niks in ziet) Elton John het duo bij zich roept, is het duidelijk dat Wham! nu vooral George Michael is. Híj zingt Don’t Let the Sun Go Down On Me, Ridgeley is nauwelijks in beeld en prevelt wat mee achter een niet aangesloten microfoon.

Het einde van een van de meest succesvolle duo’s uit de popgeschiedenis kondigt zich dan al aan. Op de beelden van het afscheidsconcert in het Wembley Stadion in juni 1986, zie je dat Ridgeley een bijrolletje heeft. Dit is Michaels show. Toch is de liefde tussen de twee zichtbaar tijdens de innige omhelzingen als afscheid. Ridgeley krijgt nog één keer alle credits. Zonder hem geen Wham! en mogelijk ook geen George Michael, dat leert deze documentaire.

Drie sleutelnummers van Wham!

Wham! brak in 1982 door met dit op Rapture van Blondie gebaseerde liedje en werd lang gehaat door iedere serieuze popliefhebber. Nieuwe popgroepen als ABC, Duran Duran, Human League, Soft Cell en Culture Club waren destijds oké, maar Wham!: wegwerppop voor hysterische meisjes. Maar de tijd is goed geweest voor de reputatie van Wham! als toonaangevend voor mainstream-pop in de jaren tachtig.

Ze schreven het samen voor hun eerste demo uit 1981 en wisten dat er een grote hit in zat. Michael gaat er later mee naar Memphis om er met Jerry Wexler (producer van onder meer Aretha Franklin) een definitieve versie van op te nemen, maar is ontevreden over het resultaat. In Engeland probeert hij tien saxofonisten uit voordat hij in zee gaat met Steve Gregory.

Michael schrijft het nummer in een opwelling en is ervan overtuigd dat het voor Wham! de vierde nummer 1-hit van het jaar gaat worden. Helaas, een ander liedje, Do They Know It’s Christmas?, waarop hij van Bob Geldof ook mocht meezingen, bleef Last Christmas voor. Pas met Kerstmis 2020 bereikte het nummer wél de eerste plaats.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next