N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
scroll
Een ramp met vergaande humanitaire, economische én ecologische gevolgen. Meteen na de explosie op 6 juni die de Kachovka-stuwdam in Oekraïne deed bezwijken, werd gevreesd voor de consequenties. Wat weten we daar nu van?
In de vroege ochtend van 6 juni veroorzaakte een grote explosie een onherstelbare breuk in het midden van de Kachovka-dam, de zuidelijkste van zes stuwdammen in de rivier de Dnipro. Het water uit het achterliggende stuwmeer gutste eruit en zette delen van Zuid-Oekraïne onder water. Er bestaat nog steeds veel onduidelijkheid over slachtoffers en schade. Vooral de informatie over de door Rusland bezette linkeroever van de rivier is summier. Rusland laat geen buitenlandse hulporganisaties in het gebied toe.
Rusland en Oekraïne beschuldigen elkaar ervan de dam te hebben opgeblazen. Maar in het Westen wordt Rusland algemeen verantwoordelijk gehouden. De ramp past immers in het patroon van andere Russische aanvallen op cruciale Oekraïense infrastructuur. En de dam was sinds februari in handen van Rusland, dat het waterniveau in het meer sindsdien tot ongekende hoogte had laten stijgen. Het lijkt erop dat de dam is opgeblazen met een grote hoeveelheid explosieven in een diepgelegen onderhoudsgang.
Vrijwel meteen was duidelijk dat de vernietiging van de dam grote, langjarige gevolgen zou hebben voor een groot gebied. Ruslan Strilets, de Oekraïense minister van Milieu, schatte eind juni de directe schade op anderhalf miljard dollar en zei te verwachten dat deze nog zou oplopen. Alleen al de kosten voor het herstel van de dam worden geschat op 1 miljard dollar.
President Volodymyr Zelensky van Oekraïne beschuldigde de Russen op 6 juni van ecocide, het vernietigen van ecosystemen, een misdaad in het Oekraïense strafrecht. De natuurschade door de vernieling van de dam is volgens natuurorganisatie UNCG (Ukrainian Nature Conservation Group) groter dan die van alle oorlogshandelingen daarvoor bij elkaar. De ngo noemt tientallen natuurgebieden stroomop- en stroomafwaarts waar de omstandigheden door overstroming of droogvallen van land plots catastrofaal veranderden. Of populaties van vissen, vogels, zoogdieren en schelpdieren, en planten en bodems zullen herstellen, hangt af van het toekomstige watermanagement.
Voor vissen was het tijdstip van de ramp extra beroerd. Aan het einde van de lente is normaal gesproken in het gebied een ‘kuitschietregel’ van kracht, die inhoudt dat er niet mag worden gevist of met lawaaierige motorboten gevaren, omdat de vissen op de ondiepe paaigronden bij het meer paren en hun eitjes (kuit) afzetten.
Welke impact de leegloop van het meer op vogels zal hebben is moeilijk in te schatten, maar de UNCG vermoedt dat allerhande soorten uit het gebied zullen verdwijnen, zoals huiszwaluwen en sterns. Ook voor onder andere buidelmezen, ralreigers en lepelaars zijn de gevolgen mogelijk desastreus. Zeldzame vogels die op eilanden van de Velyki en Mali Koetsjoehoery-archipel broedden, zoals de Chinese woudaap, vormen door het droogvallen van het meer een makkelijke prooi voor roofdieren. Trekvogels hebben nog weinig op de eilandjes in het meer te zoeken, omdat er geen vis meer is.
Schelpdieren op de bodem van het meer stierven in de opdrogende modder. Ook waterplanten zijn grotendeels met het water meegesleurd of juist door het droogvallen van land doodgegaan. Draslanden in de Velyki en Mali Koetsjoehoery-archipel drogen op en de vrees is dat invasieve exoten als alsemambrosia, Canadese fijnstraal en late guldenroede de boel zullen overnemen.
Zorg om de gevolgen voor de kerncentrale domineerde de eerste uren na de ramp, al stonden de reactoren al enige tijd op non-actief. In september 2022 besloot Oekraïne wegens gevechten in de omgeving de zes reactoren van de kerncentrale van het elektriciteitsnetwerk af te koppelen. Daarmee verloor Oekraïne wel in één keer 20 procent van zijn elektriciteitsvoorziening.
Een van de reactoren bleef in ‘hot shutdown’, dat wil zeggen dat daar de temperatuur boven de 100 graden Celsius wordt gehouden en de druk in het reactorvat hoog genoeg om stroom te blijven produceren voor warm water in een nabijgelegen dorp en voor fabrieksoperaties.
De andere vijf reactoren gingen in ‘cold shutdown’. De temperatuur werd teruggebracht tot ruim onder het kookpunt van water, de druk sterk verlaagd. De warmte-ontwikkeling is daardoor minder dan 1 procent van het niveau van een actieve reactor. Dat betekent dat er veel minder koelwater nodig is.
Ruim een maand na de dambreuk blijven de grootste bedreigingen voor de kerncentrale: beschadiging van de koelvijver (al zijn de reactoren in het uiterste geval ook met brandweerslangen te koelen), het verlies van toevoer van elektriciteit (tijdelijk op te vangen met dieselgeneratoren) en beschadiging van de silo’s waarin splijtstofstaven worden gekoeld voordat ze langdurig worden opgeslagen (de Russische bezetter zou deze silo’s daarom van een beschermend dak hebben voorzien). Ook de dreiging van gevechten en explosies bij de aan de frontlinie gelegen centrale blijft onverminderd bestaan. Het Internationaal atoomagentschap IAEA heeft er, tot nu toe zonder succes, voor gepleit om de gebieden rond de Oekraïense kerncentrales tot gedemilitariseerde zones uit te roepen.
De zorgen om de gevolgen voor de landbouw en de voedselvoorziening zijn groot. Het irrigatiesysteem in de regio Cherson is voor 94 procent drooggevallen, dat rond Zaporizja voor 74 procent en bij Dnipro voor 30 procent. Zonder watertoevoer zal het gebied in korte tijd uitdrogen en volgens het Oekraïense ministerie van landbouw begint dan binnen een jaar de ‘verwoestijning’.
De vrees bestaat dat de droogte, net als voor de aanleg van de dam, zal leiden tot zand- en stofverstuivingen die gevolgen zullen hebben voor de regio’s Cherson, Zaporizja, Dnipro en Donetsk.
Volgens de Verenigde Naties kunnen 700.000 mensen in de omgeving van het stuwmeer, en ver daarbuiten, niet langer gebruik maken van hun normale toegang tot drinkwater.
De overstroming heeft ook geleid tot grote milieuschade door vervuiling. Er is tussen de 150 en 500 ton olie weggestroomd, die de vruchtbare bodem kan aantasten. Veel boerderijdieren konden niet op tijd geëvacueerd worden. Hun kadavers vergaan en veroorzaken ziektes in het water.
De overstroming na de vernietiging van de dam zorgde en zorgt voor nieuwe gevaren voor de bewoners van het door de oorlog geteisterde gebied. De Russische evacuatiecampagne kwam bijvoorbeeld maar langzaam op gang. In de eerste uren na de damdoorbraak stelden de bezetters dat een evacuatie uit het gebied niet nodig zou zijn. De door Rusland geïnstalleerde gouverneur van de regio, Volodymyr Saldo, beweerde op nationale televisie zelfs dat mensen in het door Rusland bezette deel van de regio Cherson houden van hun grond en dat niemand geëvacueerd wilde worden.
Het vervuilde water verhoogt het risico op een uitbraak van gevaarlijke ziektes. Zo zijn twaalf begraafplaatsen weggespoeld en de resten meegevoerd met de stroom. Ook verdronken veel huis- en boerderijdieren. De rottende kadavers, waarvan een deel nog niet is opgeruimd, verhogen onder andere het risico op cholera. In monsters bij zeker vier plekken langs de rivier zijn cholera-bacteriën aangetroffen. Zelfs in de Zwarte Zeehaven van Odesa werd de bacterie aangetroffen. Op 5 juli meldde het Oekraïense leger dat in twee dorpen in de regio Cherson verdachte buikinfecties voorkomen, mogelijk cholera.
Daarnaast zijn poepbacterie E. coli en het astrovirus in het rivierwater aangetroffen, ziektemakers die respectievelijk infecties en maag-darmklachten kunnen veroorzaken.
Alles komt uiteindelijk in zee terecht. Schadelijke stoffen komen niet alleen van de Kachovka-waterkrachtcentrale, maar ook van ondergelopen rioolwaterzuiveringen, gifbelten van zware industrie, benzinestations. Ook het meegespoelde sediment van het reservoir bevat grote hoeveelheden zware metalen. De gevolgen voor zee- en bodemleven zijn volgens natuurorganisatie UNCG nog niet te overzien.
De natuur tussen het stuwmeer en de Zwar Source: NRC