N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Misbruik Jonge tennistalenten zijn kwetsbaar voor grensoverschrijdend gedrag van hun trainers, blijkt uit gesprekken van NRC met tientallen spelers, coaches en bestuurders. Fysiek contact hoort erbij; dat pupil en coach een hotelkamer delen om de prijs te drukken is „zowat normaal”. „Niemand doet er wat aan.”
Wanneer de tennistraining is afgelopen, begint het. Dan wil hij, de trainer, met haar stretchen. Hij helpt haar spieren uit te rekken zodat ze een dag later niet stijf wordt. Maar naarmate ze langer stretchen, gaan zijn vingers naar de binnenkant van haar dijbenen. Steeds hoger, steeds dichterbij. Ze vindt het vervelend, maar durft er niets van te zeggen. Misschien is dit voor Europeanen wel heel gewoon, denkt ze. Ze ondergaat het in de zomer van 2021 meerdere keren.
De jonge vrouw, dan 18 jaar oud, is een talentvolle tennisster uit een klein Aziatisch land. Thuis is ze op nationaal niveau de beste. Nu probeert ze internationaal door te breken; uiteindelijk wil ze prof worden, en net als haar grote voorbeeld Roger Federer de Australian Open winnen.
Daarom heeft ze, in het voorjaar van 2021, een nieuwe coach benaderd, R. Hij komt uit Nederland. Ze heeft hem rond zien lopen op een tennistoernooi in Turkije, waar een van de speelsters die hij begeleidde de finale haalde. Tot haar grote vreugde zegt hij toe. Aan het begin van de zomer dat jaar beginnen de twee samen te werken, in Spanje en in Duitsland.
Al snel gaat haar spel vooruit, R. blijkt een goede trainer. Ze vindt hem charmant en geïnteresseerd en voelt een klik, ondanks het leeftijdsverschil van bijna twintig jaar. Maar na een tijdje, zegt ze, komt hij „te dichtbij, werd hij te fysiek en ging hij soms grenzen over, al had ik dat toen niet altijd meteen door”.
Tennistrainer R. heeft een huis in Spanje en nodigt de jonge vrouw uit om daar te trainen, samen met andere tennissers die hij begeleidt. Het huis heeft een zwembad. R. zegt dat ze er altijd in mag duiken, ook naakt. Tijdens een training geeft hij haar een tik op de billen, vertelt ze, of zegt dat ze een fantastische kont begint te krijgen. Een andere, Nederlandse tennisster die in die tijd ook bij R. trainde, zegt dat zij deze dingen ook gehoord heeft. Ook het stretchen bij de Aziatische vrouw aanschouwt ze: „Ik kon de ongemakkelijkheid op haar gezicht lezen.”
Wat beiden in die tijd niet wisten: er was jaren daarvoor al eens aangifte tegen R. gedaan, vanwege een vermeende seksuele relatie met een minderjarige.
Voor dit artikel sprak NRC met ruim vijftig mensen: (oud-)tennissers, ouders, coaches, bestuurders, advocaten en andere betrokkenen. Daarnaast werd gebruik gemaakt van diverse documenten, zoals e-mails, vonnissen, foto’s en tekstberichten.
NRC sprak voor dit verhaal uitgebreid met meerdere mensen die grensoverschrijdend gedrag van tennistrainers hebben ervaren. Zij wilden alleen met NRC spreken op basis van anonimiteit vanwege de gevoeligheid van de gebeurtenissen. Hun namen zijn bekend op de redactie.
Twee trainers worden met hun voornaam en initiaal genoemd, omdat zij veroordeeld zijn door een rechter en andere media eerder over hun zaak hebben bericht. Trainer R. wordt niet voluit genoemd in dit verhaal. Hij is geen publiek persoon en evenmin veroordeeld.
Vier tennistalenten vertelden NRC over hun ervaringen met grensoverschrijdend gedrag van tennistrainer R. Maar dit is geen verhaal over R. Dit is een verhaal over hoe het kan gebeuren dat coaches als R. dit doen bij hun jonge, ambitieuze en kwetsbare pupillen. NRC sprak met ongeveer vijftig spelers, coaches, bestuurders en andere betrokkenen over grensoverschrijdend gedrag van tennistrainers. Uit hun verhalen doemt een beeld op van een wereld waarin sommige trainers over grenzen van hun minderjarige pupillen heen kunnen gaan, buiten het zicht van ouders en vereniging: ongewenste aanrakingen tijdens trainingen, seksueel getinte berichtjes via de telefoon, een bed delen tijdens een toernooi.
Vorig jaar werd Dennis van S., een prominente trainer en voormalig top-100-speler, gearresteerd op verdenking van seksueel misbruik van twee jonge mannelijke pupillen. Het politieonderzoek naar hem loopt nog.
De tenniswereld schrok op van de zaak. Maar mensen met wie NRC sprak signaleren ook dat de manier waarop de tenniswereld in elkaar zit, ervoor zorgt dat misbruik kan plaatsvinden. Op papier zijn er weliswaar regels, maatregelen en aanbevelingen om grensoverschrijdend gedrag te voorkomen, maar in de praktijk blijkt het handhaven daarvan soms een worsteling.
Nederlandse proftennissers bevestigen dit beeld. Een mannelijke tennisser die op internationaal niveau speelt, spreekt van volwassen mannelijke trainers die tieners trainen en zoveel tijd met ze doorbrengen „dat je ziet gebeuren dat die band heel intiem of zelfs seksueel wordt”. Volgens hem maken de trainers misbruik van hun machtspositie: „Het kán gewoon niet.”
Vaak gebeurt dat op reis naar een toernooi, ver weg van de ouders. Een hotelkamer delen om de prijs te drukken, is „zowat normaal”, zegt een vrouwelijke tennisprof die op de WTA Tour speelt. „Men vindt er wel iets van, maar niemand doet er wat aan.” Beide spelers willen niet met hun naam in NRC, omdat ze vrezen voor negatieve consequenties.
Het lastige is, zegt haar collega, „dat je het nooit zeker weet. Het is altijd smoke and mirrors. Je bent er niet bij in de hotelkamer.” Hij zegt dat het tijd wordt dat er wat verandert. „De beerput moet open. Ik loop al zo lang rond in dat circuit, ik heb zoveel dingen gehoord, dat ik wist dat er een #MeToo-schandaal aan zat te komen. Dat is maar goed ook: als je een dochtertje hebt, dan zou je niet willen dat ze in de buurt van zulke trainers komt.”
Tennisbond KNLTB weerspreekt in een uitgebreide schriftelijke reactie (zie kader) dat tennis in Nederland een onveilige sport is. Maar de bond erkent dat er kwetsbaarheden zijn, „net als in andere sporten en sectoren”. Het individuele karakter van tennis maakt de sport „wellicht wat meer kwetsbaar”, schrijft de KNLTB. „We doen er alles aan om situaties van grensoverschrijdend gedrag te voorkomen. Dat kunnen we echter niet volledig uitsluiten.”
Illustratie Fieke Ruitinga
Tennistrainers genieten aanzien – vaak zijn ze zelf een goede speler geweest, zijn ze sportief en fit. Er is sprake van een machtsverhouding tussen coach en pupil. Dat geldt ook voor andere sporten, maar juist het tennis kent een cultuur waarin trainer en speler zonder toezicht – een op een – samenwerken, soms uren per week. Daarbij is al jaren een groot tekort aan tennisleraren: wie ergens vertrekt, komt makkelijk elders weer aan het werk.
Veel tennistrainers hebben eenmanszaakjes, of zijn aangesloten bij tennisscholen waaraan spelers rechtstreeks betalen. De trainer of tennisschool huurt dan een baan van de club en geeft er lessen, maar zo’n club is formeel geen werkgever. Het risico van die constructie is dat soms onduidelijk wordt wie écht verantwoordelijkheid draagt voor het gedrag van een trainer.
Daar komt nog bij dat tennistrainers lang niet altijd een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) hoeven af te geven om les te kunnen geven aan minderjarigen. En als dat wel gebeurt, dan vaak niet herhaaldelijk. Anders dan bijvoorbeeld in de kinderopvang is zo’n document voor sporttrainingen niet verplicht. Tennisbond KNLTB adviseert werkgevers al jaren om ze wel te gebruiken, en om de aanvragen voor trainers, coaches en vrijwilligers elke drie jaar opnieuw te doen.
Zo kon bij de Almeerse tennisvereniging ATC-Buiten nog jaren na een aangifte tegen hem in 2018 een trainer op de baan staan. Het ging om een ernstige zaak: een zedenmisdrijf met een minderjarig lid van de club.
Het slachtoffer, intussen meerderjarig, wil haar verhaal doen, omdat ze het vreemd vindt dat de man na haar aangifte nog zo lang op de baan heeft kunnen staan. Zelf had ze de club en de tennisschool niet ingelicht, omdat ze van de politie had begrepen dat dat het onderzoek in de weg kon staan.
Als de vrouw Alex G. leert kennen is ze 13, hij 21. Hij is begeleider op een tenniskamp van ATC-Buiten, waar ze lid is. Hij geeft haar aandacht, en vertelt hoe ze de bal beter kan raken. Ze kijkt tegen hem op. Na die week houden ze contact. In zijn vrije tijd – het zijn geen officiële lessen – spreekt hij met haar af op de club en tennissen ze samen.
Langzaam gaat het contact steeds verder, zegt de vrouw. Eerst een knuffel, dan een kus, dan knuffelen zonder kleren aan. Ze wil dat eigenlijk niet, vertelt ze. Maar hij blijft op haar inpraten dat het heel normaal is om daar op haar leeftijd mee bezig te zijn. Op haar veertiende verjaardag hebben ze voor het eerst seks. Ze vertelt het tegen niemand.
Ze huilt vaak tijdens of nadat ze seks hebben gehad. Als ze zegt dat ze wil stoppen, begint G. te dreigen. Dat hij het aan haar ouders gaat vertellen, dat hij zelfmoord zal plegen als ze stopt, dat hij filmpjes en foto’s op de tennisvereniging zal verspreiden.
Toch durft ze op enig moment, rond haar achttiende, met hem te breken, al gaat ze daarna nog lange tijd met angst naar de tennisclub, bang dat iedereen expliciete foto’s van haar onder de ogen heeft gekregen. Zo stuurt G. haar in 2016 een e-mail: „Ben foto’s doorsturen naar tennismensen en ouders appen!”
In 2018, ze is dan 19, doet de jonge vrouw aangifte, aangespoord door haar vriend die oude mails van haar en de tennisleraar vindt. Haar verhaal wordt ondersteund door het uitgebreide vonnis van de rechter dat daarop volgt: Alex G. is in haar zaak eind vorig jaar veroordeeld tot twee ja Source: NRC