Jan-Peter Loof, ondervoorzitter van het College voor de Rechten van de Mens, vindt het discriminerend om te suggereren dat islamitische vrouwen met een hoofddoek bij de politie geen neutrale en onpartijdige ambtenaren zouden kunnen zijn. Hij vindt dat vrouwen moeten worden beoordeeld op hun feitelijk handelen en gedrag, niet op hun hoofddoek. Volgens mij is het dragen van een hoofddoek toch echt een uiting van feitelijk handelen en gedrag, en mag daarom ook zo worden beoordeeld. Vrouwen kunnen daar al dan niet voor kiezen.
Een neutraal uniform van de politie maakt duidelijk dat betrokkene dienstbaar is aan de Nederlandse rechtsstaat, die seculier en neutraal is wat betreft godsdienst en levensovertuiging. Dat neutrale uniform geldt voor iedereen, niet alleen voor islamitische vrouwen. Dat is een krachtige waarborg voor de vrijheid van allen.
Loof verwijst naar de situatie in het Verenigd Koninkrijk, waar hoofddoeken bij de politie wél zijn toegestaan. Dat vind ik weinig overtuigend. Daar heeft een vergaande islamisering van de samenleving plaatsgevonden, met onder andere aparte shariarechtbanken naast de gewone rechtbank, met discriminatie van vrouwen (en andere groeperingen) tot gevolg.
Een hoofddoek voor vrouwen is zelden neutraal. Ik ken meisjes, ook in Nederland, die al op jonge leeftijd worden gedwongen een hoofddoek te dragen. Wereldwijd geldt dit ook: in veel islamitische landen worden vrouwen gestraft, wanneer ze de islamitische kledingvoorschriften niet toepassen. Laten we ervoor strijden dat de overheid zich neutraal presenteert, om te beginnen in Nederland.
Annelies de Vries, Wageningen
Anders dan Jan-Peter Loof in zijn stuk betoogt, is er bij het verbod op het dragen van religieuze uitingen bij een uniform geen sprake van discriminatie. Bij huidskleur of nationaliteit bijvoorbeeld is er geen keuze, bij het dragen van een hoofddoek wel.
Als een moslima de ‘plicht’ een hoofddoek te dragen hoger acht dan loyaliteit aan de neutrale staat, is zij naar mijn idee niet geschikt om in een uniformberoep te werken. Zo iemand behoort zowel objectief als subjectief geen bevooroordeeldheid uit te stralen. Plicht is bovendien niet aan de orde. Er zijn genoeg moslima’s zonder.
Alice Garritsen, Assen
Op het moment dat iemand in het uniform van politie, douane, als rechter of andere overheidsdienst loopt, dan is die persoon op dat moment ‘het gezicht van de overheid’. Hij of zij staat daar niet als ‘zichzelf-in-een-beroep’, zoals bijvoorbeeld een caissière bij Albert Heijn dat wel doet.
De overheid is neutraal, dus als het gezicht van de overheid mag daar geen privépersoon tussendoor piepen. Tijdens de dienst dus geen zichtbare aanduidingen van geloof of levensovertuiging, daarbuiten in de eigen vrije tijd kan dat natuurlijk wel. Daar mogen mensen ook niet door hun geloofsgenoten op aangekeken worden. Doen ze dat wel, dan zeggen ze in wezen dat hun religie boven de neutraliteit van de overheid gaat.
Discussie over wel of niet geloofsuiting in combinatie met overheidsuniform staat gelijk aan de vraag of strijd of religie boven staatsneutraliteit gaat, of toch maar niet. Wat mij betreft: neutraliteit van de staat gaat voor, ook visueel.
Sanne Steers, Veldhoven
Wat een goede zaak, dat hier het College van de Rechten van de Mens de politiek in de gaten houdt. Maar hoe kan het, dat ons kabinet de wijsheid niet bezit, die Jan-Peter Loof, ondervoorzitter van het college, in de krant tentoonspreidt? Kennelijk is het hard nodig, dat het college de krant opzoekt; het heeft er alle schijn van dat de betrokken minister niet eerst even het college heeft opgezocht voor zij het besproken wetsvoorstel indiende.
Het is geen schande, dat een kabinet niet alwetend is, maar wel dat het zich niet volledig informeert voor het met een nieuwe wet op de proppen komt. Partijen die discriminatie een manier vinden om kundig personeel bij de politie weg te houden mogen geen kans krijgen een foute wet in te voeren. Gauw terug naar de tekentafel met die wet, voor het te laat is.
Jelle van Buuren, Enschede
Het Yesilgöz-verbod wordt hoofdzakelijk als hoofddoekjesverbod gekarakteriseerd. Mag ik het volgende experiment voorstellen: twee politieagenten met een keppeltje op hun hoofd wandelen vrijdagavond de Hoefkade in Den Haag af, van de Oranjelaan naar het Zuiderpark, ongeveer anderhalve kilometer. Of zullen we het maar bij een gedachtenexperiment laten?
Jacques Bogaarts, Leidschendam
Wij hebben de morele plicht elkaar als individuen te benaderen en niet als stereotype vertegenwoordigers van een groep. Soms kan dat echter niet. Bijvoorbeeld omdat de tijd ontbreekt maar toch belangrijke beslissingen moeten worden genomen. Bij de politie, maar denk ook aan de douane, speelt dat naar twee kanten toe. Politieagenten moeten op basis van statistische vuistregels, die per definitie vaak maar niet altijd kloppen, beslissen wie aan te houden of te controleren en wie niet. Etnisch profileren is daarbij soms onvermijdelijk.
Belangrijk dat gebruikte vuistregels niet impliciet blijven, maar benoemd worden en regelmatig gekalibreerd worden aan de realiteit. Anderzijds moet de staande gehouden burger erop kunnen vertrouwen dat hij door een neutrale vertegenwoordiger van het gezag aangehouden is – ongeacht of dat Janneke of Fatima is – en alle tekenen die in dit proces tot misverstanden kunnen leiden moeten zoveel mogelijk voorkomen worden.
Daarom is het een wijs besluit van onze minister van Justitie zaken die potentieel ruis kunnen veroorzaken, bijvoorbeeld de hoofddoek, bij voorbaat uit te sluiten.
Henk Verhoeven, docent toegepaste psychologie, evolutionair psycholoog, Rijen
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden