De operatie in Jenin, een stad op de Westelijke Jordaanoever die Israël beschouwt als een bolwerk van terroristen, begon maandagochtend met een reeks droneaanvallen. Vervolgens trokken honderden soldaten met bulldozers het kamp binnen, op zoek naar onder meer een wapenopslagplaats. Zeker tien Palestijnen kwamen om het leven, ongeveer honderd mensen raakten gewond.
Hulporganisatie Palestijnse Rode Halve Maan heeft vanwege het geweld vijfhonderd gezinnen uit het vluchtelingenkamp geëvacueerd. Het gaat om ongeveer drieduizend van de 14 duizend mensen die in het kamp wonen, opeengepakt op minder dan een halve vierkante kilometer. De vluchtelingen worden opgevangen in scholen en andere gebouwen in de stad. Andere hulporganisaties roepen Israël op om humanitaire hulp toe te laten.
Het zwaartepunt van de Israëlische operatie lijkt ondertussen achter de rug. De Israëlische nationale veiligheidsadviseur Tzachi Hanegbi meldt dinsdagochtend aan persbureau Reuters dat de Israëlische soldaten bezig zijn om de operatie af te ronden. De ‘gestelde doelen’ zijn volgens Hanegbi bijna bereikt. Een woordvoerder van de Israëlische strijdkrachten zei maandag dat de operatie nog dagen kon doorgaan.
Over de auteur
Pepijn de Lange is algemeen verslaggever van de Volkskrant.
Het geweld tussen Israël en de Palestijnen laaide vorige zomer op, na een reeks aanslagen in Israël. Sindsdien voert het Israëlische leger aanvallen uit op de Westelijke Jordaanoever, om mensen te arresteren die het als een gevaar beschouwt. Volgens een telling van het Franse persbureau AFP heeft het Israëlisch-Palestijns conflict alleen al dit jaar aan 182 Palestijnen en 25 Israëliërs het leven gekost.
Het doelwit van de Israëliërs van maandag was een commandocentrum van militante strijders in het hart van het kamp, waarvandaan de afgelopen maanden talloze aanslagen zouden zijn uitgevoerd. Volgens het leger stuitten soldaten tijdens de inval op een laboratorium waar explosieven werden gemaakt. Ook zijn delen van een raketwerper in beslag genomen. Met de droneaanvallen zegt Israël bovendien een commandocentrum te hebben geraakt van een Palestijnse groep die zich verzet tegen de Israëlische bezetting.
De Palestijnse president Mahmoud Abbas heeft uit verontwaardiging over de aanvallen het contact en de samenwerking op het gebied van veiligheid met de Israëliërs verbroken. Afgelopen januari deed hij dit ook al na een dodelijke inval bij het vluchtelingenkamp in Jenin. Abbas kwam maandagavond samen met andere Palestijnse leiders om de situatie te bespreken.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden