Winkels en horeca mogen wegwerpservies niet meer gratis meegeven. Als je dus een koffie to go op het station haalt, een maaltijd laat bezorgen of een salade koopt in de supermarkt, zal je iets meer moeten betalen voor bijbehorende plastic bakjes of bekertjes. En ja, dat geldt ook voor kartonnen bekertjes. Die zijn namelijk voorzien van een plastic coating. De Europese Unie maakt in het verbod op wegwerpplastic bovendien geen onderscheid tussen plastic van bijvoorbeeld maïs en suikerbiet en plastic gemaakt van aardolie.
De kosten voor wegwerpservies moeten apart op de bon staan: zo zie je hoeveel je voor je wegwerpbeker betaalt. Ondernemers mogen zelf beslissen hoeveel ze willen vragen voor wegwerpservies, al geeft de overheid wel een richtlijn: 25 cent voor bekers en 50 cent voor maaltijdverpakkingen.
Nee, ondernemers moeten minimaal één alternatief aanbieden. Ze kunnen bijvoorbeeld herbruikbare bekers aanbieden, waarvoor je dan borg betaalt, zoals vaak gebeurt op festivals. Soms werken ondernemers in een regio al samen, zodat je je herbruikbare beker op verschillende plekken kunt inleveren. Hebben ze geen herbruikbare opties, dan zijn ze verplicht om jouw eigen meegebrachte beker of bakje te vullen. Beide opties aanbieden mag natuurlijk ook.
De regels worden per 1 januari 2024 verder opgevoerd. Wegwerpservies mag dan niet meer worden aangeboden in onder meer restaurants, de sportkantine en op kantoor. Herbruikbaar servies wordt het uitgangspunt. Schaf dus maar vast een mooie mok aan voor op kantoor. Er is één uitzondering. Wegwerpservies mag nog wel als het hoogwaardig gerecycled kan worden en de aanbieder een goed inzamelsysteem heeft. Op termijn moet dan minimaal 90 procent worden ingezameld voor recycling.
De maatregelen komen voort uit de Europese richtlijn Single Use Plastics, die de impact op het milieu van producten met plastic moet verminderen. Alleen al in Nederland worden elke dag 19 miljoen wegwerpbekers en plastic voedselverpakkingen weggegooid na eenmalig gebruik. Het doel is dat het gebruik van dat soort producten in 2026 met 40 procent is verminderd in Nederland.
Veel plastic afval komt namelijk terecht in de natuur. Moeilijk afbreekbare materialen kunnen tientallen jaren in ecosystemen blijven zitten. Door verwering en slijtage van plastic breken stukjes af: microplastics. Deze kleine stukjes plastic worden tegenwoordig overal gevonden: in de lucht, ons voedsel en drinkwater, waarmee het ook in ons lichaam terechtkomt – zo’n 880 deeltjes microplastic per dag.
De meeste deeltjes plassen en poepen we weer uit, maar niet allemaal. Onderzoekers van de VU Amsterdam ontdekten diverse plastics in het bloed van proefpersonen. Die ‘plastic soep’ in onze aderen is niet zonder risico, waarschuwen gezondheidswetenschappers. De ophoping van kunststof in weefsels zou mogelijk kunnen leiden tot chronische ontstekingen. Daarnaast hechten bacteriën zich goed aan microplastics. En ook de chemicaliën die aan plastic zijn toegevoegd, zoals weekmakers, kunnen schadelijk zijn.
Plastic servies heeft ook voordelen, zeggen voorstanders. Het kost minder energie om te produceren dan bijvoorbeeld porselein, glas of metaal. Wegwerpservies hoeft bovendien niet gewassen te worden, wat ook energie en water bespaart.
De grondstof van plastic kan in theorie goed gerecycled worden, maar in praktijk blijkt dat ingewikkeld. Het meeste plastic belandt bij het restafval en zelfs apart ingezameld plastic moet nog flink worden gefilterd. Als je verschillende soorten plastic met elkaar mengt, krijg je nooit meer een hoogwaardig product, zegt Arnold Tukker, professor industriële ecologie van de Universiteit Leiden. Daarom belandt het gros van het plastic in de verbrandingsoven. Maar het grootste probleem met wegwerpplastic is dat het als zwerfafval in de natuur kan belanden waar het uiteenvalt in microplastics.
Herbruikbaar servies, bijvoorbeeld van keramiek of glas, heeft voor de productie een hogere milieudruk. Maar uiteindelijk bepaalt de frequentie van het gebruik de milieubelasting, aldus Milieu Centraal. Voor onderweg is een materiaal dat minder snel breekt – siliconen, emaillen en hoogwaardig dik plastic – verstandiger omdat het daardoor dus langer meegaat.
Bioplastic is hierbij beter dan plastic van olie: het heeft een lagere CO2-afdruk en als het in de natuur belandt, breekt het sneller af dan de fossiele plastics. Hoe de beker wordt afgewassen is nog belangrijker: niet onder de stromende warme kraan, maar in een gevulde energiezuinige vaatwasser of een teiltje met meer afwas.
Er zijn verschillende alternatieven voor wegwerpplastic, bijvoorbeeld karton, bagasse (het afvalproduct van rietsuikerproductie), palmblad en tarwestro. Om de milieu-impact van wegwerpservies te bepalen, moet je het volgen van de wieg tot het graf. Dus: van welke grondstof is het gemaakt? Wordt het gerecycled? Hoe groot is de kans dat het als zwerfafval in de natuur eindigt en welke schade kan het daar aanrichten?’
Duurzaamheidsonderzoeksbureau CE Delft maakte in 2020 een (versimpelde) levenscyclusanalyse van wegwerpbordjes. Palmblad blijkt het beste alternatief voor wegwerpplastic, gevolgd door bagasse, papier en tarwestro. Palmbladservies kan in principe na gebruik in de tuin begraven worden en is zelfs voedzaam voor de planten en de bodem. Onderzoekers waarschuwen daarbij wel voor de nadelige bijeffecten: mensen kunnen door dit soort claims slordig worden en hun afval niet opruimen. En biologische afbraak vergt tijd en gebeurt alleen onder de juiste biologische omstandigheden.
Bekers zijn een lastiger verhaal, omdat ze lekvrij moeten zijn en in veel gevallen tegen warme dranken moeten kunnen. Hierom zijn bekers van bijvoorbeeld karton of bagasse vrijwel altijd voorzien van een beschermend laagje plastic, waardoor ze dus niet buiten de SUP-wetgeving vallen. Ook worden wegwerpbekers regelmatig gepromoot als ‘composteerbaar’, maar dan zijn ze meestal voorzien van een coating van polymelkzuur (PLA). Dit is iets beter voor het milieu dan een polyetheen-coating (PE) gemaakt van aardolie, maar valt ook niet buiten de wetgeving.
Milieu Centraal adviseert om je wegwerpartikelen altijd bij het restafval te gooien – ook karton en palmblad. ‘Soms weten afvalverwerkers niet of er een plastic coating op zit. Een lading gft wordt dan in zijn geheel afgekeurd. Of het afval is te vies of te nat voor het oud-papier’, aldus woordvoerder Mariska Joustra van Milieu Centraal.
Een leven zonder plastic is nog niet zo eenvoudig of goedkoop, zo bleek tijdens een ‘plasticdieet’. Alternatieven voor plastic huishoudproducten, zoals bijenwasdoekjes om eten in te bewaren, of bakjes van rvs of glas, zijn veel duurder dan hun plastic tegenhanger. Supermarkten en winkels waar je bijvoorbeeld verpakkingsvrij boodschappen kunt doen zijn schaars. En voor iedere tube in je badkamer opzoeken of er microplastic in zit, kost tijd. Bovendien is plastic overal, er valt niet aan te ontkomen.
De app My Little Plastic Footprint helpt je op weg met de schadelijkste en makkelijkst te vervangen huishoudelijke plastics, en geeft tips hoe je de schade beperkt.
Verder beperk je je eigen plasticinname en voetafdruk door geen water uit plastic flesjes te drinken. Alleen al het losdraaien van de dop van een flesje water laat talloze plasticdeeltjes los. En als het flesje in de zon ligt, lekken er nog meer plastics in het water. Drink liever kraanwater.
Ook kleding, en dan vooral het wassen ervan, is een grote bron van microplasticvervuiling. Koop kwaliteitskleding die lang meegaat en vermijd synthetische stoffen; vooral fleece bevat veel microplastics. En was je kleren alleen als ze echt vies zijn: 35 procent van het plastic in de zee is afkomstig van kledingvezels uit de wasmachine.