Door snoeihard optreden van de Taliban zitten de meeste Afghaanse vrouwenactivisten inmiddels in de gevangenis. Khatool moest haar gezin achterlaten en leeft voortdurend op de vlucht, maar peinst er niet over om te stoppen met protesteren. ‘De wereld moet de Taliban nooit en te nimmer erkennen.’
Gehuld in een blauwe boerka komt ze naar het hotel in Kabul. Begeleid door een neef, die optreedt als chaperon, glipt ze langs de gewapende Talibanstrijders bij de toegangspoort. Een riskante operatie, want ze wordt gezocht door het regime. Maar ze wil vertellen over haar leven om de buitenwereld duidelijk te maken hoezeer vrouwen nu in Afghanistan worden onderdrukt. En dat die vrouwen het er niet bij laten zitten.
Khatool (39) verontschuldigt zich voor de boerka, die ze na binnenkomst meteen heeft afgedaan. ‘Mijn gezicht is heel bekend vanwege mijn rol bij de vrouwenprotesten.’ Ze laat herkenbare foto’s zien op haar telefoon. ‘Ook bij de Taliban, en daarom moet ik mijn gezicht altijd bedekken. Maar ik ben natuurlijk een feminist. Ik gebruik ook een schuilnaam, nooit mijn echte naam. De Taliban zoeken me overal. Iedereen met mijn achternaam loopt gevaar.’
Over de auteur
Ben van Raaij schrijft voor de Volkskrant over klimaat en natuur. Ook volgt hij de ontwikkelingen in Zuid-Azië. Eerder was hij economie- en wetenschapsredacteur.
Ze doet mee aan de protestacties tegen de repressie door de Taliban omdat ze de stem van vrouwen wil laten horen als het gaat om het recht op onderwijs en werk, zegt Khatool. ‘Wij willen niet worden opgesloten in huis, we willen geen man nodig hebben om te kunnen handelen, we willen een onafhankelijk leven leiden.’
Maar het gaat de vrouwen om meer. ‘We eisen ook een inclusieve en democratische regering.’
Khatool, een universitair geschoolde voormalig lerares, was tot de machtsovername door de streng islamitische Taliban in augustus 2021 vijftien jaar werkzaam bij het ministerie van Onderwijs in Kabul, onder meer in een gendercommissie. Ze heeft een man en een zoon van 9 jaar en strijdt al haar hele leven voor vrouwenrechten. Toen de Taliban hun eerste vrouwvijandige maatregelen aankondigden, begon zij meteen met het organiseren van straatprotesten. Aan de grootste demonstratie namen meer dan duizend vrouwen deel, vertelt ze trots.
Inzet van de protesten was – en is – het behoud van alle rechten die vrouwen verwierven sinds de val van het vorige Talibanregime in 2001, en die in bijna twee jaar tijd weer allemaal zijn afgepakt. Zo mogen ze niet meer naar school, niet meer studeren, niet meer werken, niet meer alleen reizen, niet meer sporten of naar het park. ‘Ernstige, systematische en geïnstitutionaliseerde discriminatie van vrouwen en meisjes’, kortom, die als een vorm van ‘gender-apartheid’ kan worden gekwalificeerd, aldus de VN-mensenrechtenrapporteur voor Afghanistan Richard Bennett vorige week op een VN-vergadering in Genève.
De repressie nam eind 2021 snel toe na de eerste wereldwijd op sociale media gedeelde vrouwenprotesten. Deelnemers werden geslagen, mishandeld en met pepperspray belaagd (vaak door Badri-eenheden, gevreesde elitesoldaten van het radicale Haqqani-netwerk). Ook Khatool. ‘Ik ben zelf ook gewond geraakt bij de protesten. De Taliban omsingelen je en slaan je bont en blauw. Ik zat vol beurse plekken en ik had een flinke hoofdwond.’ Ze laat het litteken zien.
Het harde optreden tegen de demonstranten had op den duur succes. Het aantal protesten nam af, het aantal deelnemers ook. ‘De meeste vrouwen die meededen aan de protesten zitten nu in de gevangenis. 99 procent zit opgesloten, slechts een paar vrouwen zijn nog op vrije voeten, onder wie ik’, zegt Khatool met een uitdagende blik.
Niet dat de Taliban het niet geprobeerd hebben. ‘Ze zijn een keer ’s avonds met een groep van zeker vijftien man naar mijn huis gekomen om me te arresteren, maar ik kon ontsnappen.’ Ze vertelt hoe ze zich op het dak verstopte en de Taliban op de deur zag bonzen. Ze wist weg te komen door zich te hullen in de boerka die een buurman haar gaf.
Sindsdien leidt Khatool een leven op de vlucht. Ze verblijft nu eens hier, dan weer daar, bij vrienden of familie, steeds in verschillende provincies. Ze laat bekenden vooraf altijd de locatie checken op de aanwezigheid van Taliban-checkpoints en routes van patrouilles. ‘Ik houd me voortdurend schuil, woon elke maand op een andere plek. Allemaal met de hulp van mijn lieve zoon.’ Ze doelt op haar neef, ‘een soort aangenomen zoon’.
Haar protestacties hebben Khatool veel gekost. Ze raakte vervreemd van haar echtgenoot. ‘Mijn man woont en werkt gewoon in Kabul met mijn zoon, terwijl ik me schuilhoud en ondergedoken zit.’
De toedracht is pijnlijk. Tijdens het eerste protest begin september 2021 was ze drieënhalve maand zwanger. Ze werd geslagen, kwam ten val en verloor haar kind. Haar man stelde haar daarop voor het blok: ophouden met die protesten (hoewel hij van de meeste geen weet had) en het feminisme waarmee ze haar gezin in gevaar bracht.
De uitkomst: sinds begin januari 2022 woont Khatool niet meer thuis. Ze mist iedereen, zegt ze. ‘Mijn zoon is verdrietig en belt me vaak. ‘Mama, ik mis je’, zegt hij dan.’ Maar ze kan niet anders. ‘Ja, ik ben moeder, maar ik beschouw ook elke Afghaanse vrouw als mijn dochter.’
Het is een slopend bestaan. Vorig jaar augustus zat ze ondergedoken bij familie in de provincie Parwan. Een arm gezin, waar ze bedorven vlees te eten kreeg. Ze liep een voedselvergiftiging op met complicaties en moest naar het ziekenhuis, maar dat was te riskant. Twee artsen en een verpleegster kwamen haar in het geheim thuis opereren. Zes dagen later demonstreerde ze alweer bij het ministerie van Onderwijs in Kabul. ‘Alle scholen en universiteiten weer open, dat is mijn grote wens.’
Steeds minder vrouwen en meisjes durven echter nog te protesteren, zegt Khatool. ‘Vrouwen zijn bang, doodsbang om te worden opgepakt en te worden mishandeld en erger. De Taliban zeggen dat de islam hun het recht geeft om ons te slaan. Ze haten vrouwen.’
De Taliban zetten vrouwen ook onder druk door hun familie te bedreigen. Khatool weet er alles van. Haar schoonvader in de provincie Kapisa werd gearresteerd vanwege haar protestacties. Hij kwam pas vrij nadat hij formeel had beloofd dat zij geen demonstraties meer zou doen. Wrang detail: hij werd opgepakt door zijn eigen broer. Hij wordt sindsdien twee keer per maand over haar verblijfplaats en activiteiten ondervraagd.
Maar de vrouwenactivisten gaan door met hun protesten, zegt Khatool. Elke maand is er wel één. ‘De laatste demonstratie in Kabul was half mei. Daar deden zo’n vijftig vrouwen aan mee. We willen meer demonstraties gaan doen, meer last minute.’ Jammer is alleen dat de vrouwen geen steun krijgen van de mannen. Ze zucht. ‘Alleen van mijn neef.’
Khatool heeft een broer en een zus die in Nederland wonen. Wil ze zelf ook niet liever uitwijken naar het buitenland, al is het maar voor haar veiligheid? ‘Nee, ik hou van mijn land en mijn mensen. Afghanistan en het Afghaanse volk hebben mensen zoals ik nodig, zeker nu. Maar als mijn familie door mijn acties in gevaar komt, zou ik vertrekken.’
De strijd voor vrouwenrechten zal ze echter nooit opgeven, ondanks alle bedreigingen en tegenwerking. ‘Zelfs als mijn man van me zou willen scheiden, zal ik doorgaan met mijn protestacties. Ik ben bereid om mijn leven te geven voor de vrijheid van vrouwen.’
Wat is haar boodschap voor de internationale gemeenschap? Moet die de Taliban erkennen als de facto regering om de steeds nijpender humanitaire situatie in het land te kunnen verbeteren, zoals landen als China en Pakistan en sommige hulporganisaties voorstellen?
‘Nee, de wereld moet de Taliban nooit en te nimmer erkennen. De sancties moeten overeind blijven zolang de Taliban de rechten van vrouwen en meisjes schenden. Ik weet dat het moeilijk is vanwege de humanitaire situatie, maar het is de enige weg.’
En in de tussentijd? ‘Proberen we de moed erin te houden. We huilen en we hopen.’
Enkele weken na het gesprek in Kabul meldt Khatool zich via Whatsapp. Ze maakt zich steeds meer zorgen dat de Taliban haar te pakken krijgen en voelt het net zich sluiten. Ze wil misschien het land uit. Dit interview verschijnt om veiligheidsredenen niet onder haar volledige naam.
Source: Volkskrant